Besluit activiteiten leefomgeving

Bal

Huidige tekst

Artikel 11.86 Bal

Eendenkooien

Geldt sinds 1 januari 2024

  1. 1

    Eendenkooien worden alleen gebruikt als daartoe met goed gevolg een door Onze Minister voor Natuur en Stikstof erkend examen is afgelegd.

  2. 2

    Een eendenkooi voldoet aan de volgende voorwaarden: a.er is een open wateroppervlakte aanwezig van ten minste 200 m 2, waarin een cirkel met een straal van ten minste 7,50 m kan worden beschreven; b.het water is ten minste 50 cm diep; c.rondom het water ligt een rand van bos of struweel; en d.in open verbinding met het water is ten minste één vangpijp aanwezig die onmiddellijk als vangmiddel kan worden gebruikt.

  3. 3

    Met een eendenkooi gevangen dieren worden onverwijld na het vangen in vrijheid gesteld of gedood.

  4. 4

    De eigenaar van een eendenkooi gebruikt voor de afpaling van de eendenkooi palen die zijn voorzien van het opschrift «Eendenkooi van x, met recht van afpaling op y m, gerekend uit het midden der kooi», waarbij wordt ingevuld voor: a.x: de naam van de eigenaar van de eendenkooi; b.y: het aantal meters waarop het afpalingsrecht betrekking heeft.

  5. 5

    Het eerste lid is niet van toepassing als de gebruiker van de eendenkooi vanwege het met gunstig gevolg behalen van een krachtens de Jachtwet erkend jachtexamen: a.in de periode van 1 januari 1977 tot en met 31 maart 2002 een jachtakte als bedoeld in de Jachtwet is uitgereikt; of b.in de periode van 1 april 2002 tot en met 30 september 2004 een jachtakte als bedoeld in de Flora- en faunawet is uitgereikt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.