Wet toezicht effectenverkeer 1995

Wte

Huidige tekst

Artikel 31 Wte

Geldt sinds 1 december 2003

  1. 1

    Gegevens en inlichtingen die ingevolge het bij of krachtens deze wet bepaalde omtrent afzonderlijke ondernemingen of instellingen zijn verstrekt of zijn verkregen en gegevens en inlichtingen die van een instantie als bedoeld in de artikelen 33, eerste lid, of 33 a, eerste lid, zijn ontvangen, worden niet gepubliceerd en zijn geheim.

  2. 2

    Het is aan een ieder die uit hoofde van de toepassing van deze wet of van krachtens deze wet genomen besluiten enige taak vervult, verboden van gegevens of inlichtingen, ingevolge deze wet verstrekt of van een instantie als bedoeld in de artikelen 33, eerste lid, of 33 a, eerste lid, ontvangen, of van gegevens of inlichtingen, bij het onderzoek van zakelijke gegevens en bescheiden verkregen, verder of anders gebruik te maken of daaraan verder of anders bekendheid te geven dan voor de uitoefening van zijn taak of door deze wet wordt geëist.

  3. 3

    Het eerste en tweede lid laten, ten aanzien van degene op wie het tweede lid van toepassing is, onverlet de toepasselijkheid van de bepalingen van het Wetboek van Strafvordering.

  4. 4

    Het eerste en tweede lid laten evenzo, ten aanzien van degene op wie het tweede lid van toepassing is, onverlet de toepasselijkheid van de bepalingen van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en van artikel 66 van de Faillissementswet die betrekking hebben op het als getuige of als partij in een comparitie van partijen dan wel als deskundige in burgerlijke zaken afleggen van een verklaring omtrent gegevens of inlichtingen verkregen bij de vervulling van zijn ingevolge deze wet opgedragen taak, voor zover het gaat om gegevens of inlichtingen omtrent een effecteninstelling die in staat van faillissement is verklaard of op grond van een rechterlijke uitspraak is ontbonden. De vorige volzin is niet van toepassing in geval van gegevens of inlichtingen die betrekking hebben op ondernemingen of instellingen die betrokken zijn of zijn geweest bij een poging de desbetreffende effecteninstelling in staat te stellen haar bedrijf voort te zetten.

  5. 5

    In afwijking van het eerste en tweede lid kan Onze Minister met gebruikmaking van gegevens of inlichtingen verkregen bij de vervulling van de hem ingevolge deze wet opgedragen taak, mededelingen doen mits deze niet kunnen worden herleid tot afzonderlijke ondernemingen of instellingen.

  6. 6

    In afwijking van het eerste, tweede en vijfde lid kan Onze Minister gegevens of inlichtingen verkregen bij de vervulling van de hem ingevolge deze wet opgedragen taak verstrekken aan de houder van een op grond van artikel 22 erkende effectenbeurs met het oog op de controle op de naleving van de voor die effectenbeurs te hanteren regels. Op de aldus verstrekte gegevens of inlichtingen zijn het eerste en tweede lid van overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2000:AA4045Hoge Raad, 4 januari 2000 (strafrecht)

    -

  • ECLI:NL:PHR:2000:AA4045Parket bij de Hoge Raad, 4 januari 2000 (strafrecht)

    -

  • ECLI:NL:CBB:2020:318College van Beroep voor het bedrijfsleven, 28 april 2020 (bestuursrecht)

    Wet op het financieel toezicht. Minister heeft het verzoek om openbaarmaking van een onderzoeksrapport uit 1996 terecht afgewezen op grond van artikel 1:42 lid 5 Wft. Afwijzing van het onderhavige…

  • ECLI:NL:RVS:2017:2731Raad van State, 11 oktober 2017 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 9 februari 2015 heeft de minister een verzoek van [appellant] om openbaarmaking van een rapport in het kader van financieel toezicht, afgewezen.

  • ECLI:NL:CBB:2009:BJ8735College van Beroep voor het bedrijfsleven, 4 september 2009 (bestuursrecht)

    Wet toezicht effectenverkeer 1995

  • ECLI:NL:CBB:2008:BF0222College van Beroep voor het bedrijfsleven, 18 augustus 2008 (bestuursrecht)

    Wet toezicht effectenverkeer 1995

  • ECLI:NL:RBROT:2008:BD2857Rechtbank Rotterdam, 15 mei 2008 (bestuursrecht)

    Verzoek om openbaarmaking rapport op grond van artikel 31 lid 5 Wet toezicht effectenverkeer 1995. Verhouding met WOB. Richtlijnconforme interpretatie. Overgang bevoegdheid van de Minister van…

  • ECLI:NL:RBROT:2006:AV3029Rechtbank Rotterdam, 27 februari 2006 (bestuursrecht)

    Tussenuitspraak. Anoniem beroep. Identiteit is alsnog vast komen te staan. Beslissing tot openbare behandeling ter zitting en openbare uitspraak.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.