Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994

MRB

Huidige tekst

Artikel 13 MRB

Geldt sinds 1 januari 2015

  1. 1

    Voor een in het buitenland geregistreerd motorrijtuig dat in Nederland feitelijk ter beschikking staat vangt het tijdvak aan met ingang van de dag waarop het gebruik van de weg in Nederland aanvangt en, zolang het motorrijtuig in Nederland feitelijk ter beschikking staat, telkenmale drie maanden later.

  2. 2

    Voor de toepassing van artikel 7, derde lid, vangt, in afwijking van het eerste lid, voor dat motorrijtuig het tijdvak aan met ingang van de dag waarop de houder als ingezetene is ingeschreven in de basisregistratie personen, genoemd in artikel 1.2 van de Wet basisregistratie personen, of met ingang van de dag waarop de houder zich als ingezetene had moeten inschrijven in die basisregistratie en, zolang het motorrijtuig in Nederland feitelijk ter beschikking staat, telkenmale drie maanden later, tenzij wordt aangetoond met ingang van welke dag het in het buitenland geregistreerde motorrijtuig in Nederland ter beschikking heeft gestaan, in welk geval het tijdvak aanvangt met die datum. Voor de toepassing van artikel 7, vierde lid, is de eerste volzin van overeenkomstige toepassing.

  3. 3

    In afwijking van het bepaalde in artikel 10 kan de belasting voor een in het eerste lid bedoeld motorrijtuig van een houder die niet in Nederland zijn hoofdverblijf heeft of is gevestigd ook worden betaald over een tijdvak van 1, 3 of 15 dagen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:1769Gerechtshof Amsterdam, 17 maart 2026 (belastingrecht)

    Naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting. Het is aan belanghebbende om aannemelijk te maken dat de auto hem niet ter beschikking heeft gestaan tijdens het naheffingstijdvak. Belanghebbende is daar…

  • ECLI:NL:GHAMS:2023:3132Gerechtshof Amsterdam, 7 november 2023 (belastingrecht)

    Naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en boete. Het Hof verenigt zich met de beslissing van de rechtbank dat de naheffingsaanslag vernietigd moet worden omdat niet aannemelijk is dat de auto…

  • ECLI:NL:GHARL:2023:1306Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 14 februari 2023 (belastingrecht)

    MRB. Auto met buitenlands kenteken. Feitelijke beschikkingsmacht?

  • ECLI:NL:GHSHE:2022:3376Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 5 oktober 2022 (belastingrecht)

    Naheffingsaanslag Bpm 2015. Tussen partijen is in geschil of de naheffingsaanslag terecht is opgelegd, hetgeen zich toespitst op de vraag of belanghebbende in 2015 in Nederland woonde in de zin van…

  • ECLI:NL:GHSHE:2021:1220Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 15 april 2021 (belastingrecht)

    Belanghebbende is inwoner van Nederland en rijdt met een auto met Belgisch kenteken op de openbare weg in Nederland. De auto staat op naam van zijn vader. Het hof oordeelt dat naheffingsaanslag MRB…

  • ECLI:NL:RBDHA:2021:5116Rechtbank Den Haag, 25 maart 2021 (belastingrecht)

    Aan X is een naheffingsaanslag Bpm en een vergrijpboete opgelegd. Rechtbank Den Haag laat de naheffingsaanslag in stand en verklaart het beroep tegen de boete gegrond. De rechtbank acht aannemelijk…

  • ECLI:NL:GHSHE:2021:607Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 26 februari 2021 (belastingrecht)

    Naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting met verzuimboete. Belanghebbende maakt niet aannemelijk dat auto hem niet gedurende de gehele naheffingsperiode ter beschikking heeft gestaan. Het hof ziet…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.