Verdrag betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken

EEX

Huidige tekst

Artikel 8 EEX

Geldt sinds 1 december 1998

De verzekeraar met woonplaats op het grondgebied van een verdragsluitende Staat kan worden opgeroepen: 1° - voor de gerechten van de Staat waar hij zijn woonplaats heeft, of 2° - in een andere verdragsluitende Staat, voor het gerecht van de woonplaats van de verzekeringsnemer, of 3° - indien het een medeverzekeraar betreft, voor het gerecht van een verdragsluitende Staat waar de vordering tegen de eerste verzekeraar is ingesteld. Wanneer de verzekeraar geen woonplaats heeft op het grondgebied van een verdragsluitende Staat, maar in een verdragsluitende Staat een filiaal, een agentschap of enige andere vestiging heeft, wordt hij voor de geschillen betreffende de exploitatie daarvan geacht woonplaats te hebben op het grondgebied van die Staat.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:4456Rechtbank Gelderland, 20 mei 2026 (verbintenissenrecht)

    Schadevergoeding vanwege ontbinding koopovereenkomst en huurovereenkomst (art. 6:277 BW). De gevorderde schadevergoeding bestaat uit gederfde huurinkomsten, het verschil in koopprijs van de woning…

  • ECLI:NL:RBAMS:2024:1485Rechtbank Amsterdam, 26 januari 2024 (ondernemingsrecht)

    Kort geding, geschil tussen aandeelhouders, vordering overdracht aandelen afgewezen.

  • ECLI:NL:RBOBR:2022:1809Rechtbank Oost-Brabant, 4 mei 2022 (civiel recht)

    Levering van een partij mondmaskers in april 2020. Koper beroept zich op non-conformiteit van die mondmaskers. Weens Koopverdrag van toepassing. Schending van de klachtplicht op grond van dat…

  • ECLI:NL:RBGEL:2021:6179Rechtbank Gelderland, 23 november 2021 (civiel recht)

    Kort geding. Exhibitievordering ex artt. 843a Rv jo. 1019a Rv na bewijsbeslag en beslag tot afgifte. Art. 21 Rv. Inzage toegewezen voor wat betreft gestelde merkinbreuk door illegale parallelimport…

  • ECLI:NL:RBAMS:2019:3386Rechtbank Amsterdam, 9 mei 2019 (civiel recht)

    Monster Energy, die het Amerikaanse Bang Energy en een in Nederland gevestigde dochtervennootschap betichtte van misleidende reclame, is door de rechter grotendeels in het ongelijk gesteld.

  • ECLI:NL:RBDHA:2017:16306Rechtbank Den Haag, 6 december 2017 (intellectueel-eigendomsrecht)

    Bevoegdheidsincident, intellectuele eigendomszaak, merkenrecht, Uniemerk, Beneluxmerk, onrechtmatige daad, opgeworpen door in België woonachtige gedaagde. Artikel 8 aanhef en onder 1 EEX-Vo. De…

  • ECLI:NL:RBDHA:2017:7753Rechtbank Den Haag, 12 juli 2017 (intellectueel-eigendomsrecht)

    Auteursrecht op jas. Inbreuk. Rechtsmacht. Pluraliteit van verweerders. Vereiste van een nauwe band tussen de vorderingen (art. 8 sub 1 Brussel I bis-Verordening). Verbod voor alle landen van Europa.…

  • ECLI:NL:RBDHA:2017:6136Rechtbank Den Haag, 7 juni 2017 (intellectueel-eigendomsrecht)

    Europees octrooi op intra-oculaire lens. Uitleg conclusies. Lens gedaagden valt onder beschermingsomvang octrooi. Nederlands deel geldig: nawerkbaar, nieuw en inventief. Provisioneel inbreukverbod in…

21 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.