Verdrag betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken

EEX

Huidige tekst

Artikel 57 EEX

Geldt sinds 1 december 1998

  1. 1

    Dit Verdrag laat onverlet de verdragen waarbij de Verdragsluitende Staten partij zijn of zullen zijn en die, voor bijzondere onderwerpen, de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen regelen.

  2. 2

    Ten einde de eenvormige uitlegging van lid 1 te waarborgen wordt dit lid als volgt toegepast: a) Dit verdrag staat er niet aan in de weg dat een gerecht van een Verdragsluitende Staat die partij is bij een verdrag over een bijzonder onderwerp, overeenkomstig dat verdrag kennis neemt van een zaak, ook indien de verweerder zijn woonplaats heeft op het grondgebied van een Verdragsluitende Staat die geen partij is bij dat verdrag. Het gerecht past in ieder geval artikel 20 van dit verdrag toe. b) Beslissingen die een gerecht van een Verdragsluitende Staat heeft gegeven uit hoofde van rechterlijke bevoegdheid die ontleend wordt aan een verdrag over een bijzonder onderwerp, worden in de andere Verdragsluitende Staten overeenkomstig het onderhavige verdrag erkend en ten uitvoer gelegd. Indien een verdrag over een bijzonder onderwerp, waarbij zowel de Staat van herkomst als de aangezochte Staat partij zijn, voorwaarden vaststelt voor de erkenning of tenuitvoerlegging van beslissingen, vinden die voorwaarden toepassing. In elk geval kunnen de bepalingen van het onderhavige verdrag betreffende de procedures voor erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen, worden toegepast.

  3. 3

    Dit verdrag laat onverlet de toepassing van de bepalingen die, voor bijzondere onderwerpen, de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning of de tenuitvoerlegging van beslissingen regelen en die opgenomen zijn of zullen worden in de besluiten van de Instellingen van de Europese Gemeenschappen of de nationale wetgevingen die ter uitvoering van deze besluiten geharmoniseerd zijn.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2008:BF0419Parket bij de Hoge Raad, 28 november 2008 (europees bestuursrecht)

    Internationaal privaatrecht. Tenuitvoerlegging Duitse rechterlijke beslissingen in internationale wegvervoerzaak; samenloop van CMR-Verdrag en EEX-Verordening; beginsel van de favor executionis…

  • ECLI:NL:PHR:1996:21Parket bij de Hoge Raad, 1 november 1996 (civiel recht)

    Aansprakelijkheidsrecht. Wanneer is sprake van het aanhangig maken van een rechtsgeding in de zin van art. 11 lid 1 van het Verdrag inzake beperking van aansprakelijkheid van maritieme vorderingen…

  • ECLI:NL:RBROT:2020:9970Rechtbank Rotterdam, 4 november 2020 (civiel recht)

    Bevoegdheidsincident. Internationale bevoegdheid. Goederenvervoer van Duitsland naar Italië. Geen bevoegdheid op grond van art. 31 CMR. Nauwe samenhang vorderingen (art. 8 Brussel I bis) kan hieraan…

  • ECLI:NL:RBROT:2019:3034Rechtbank Rotterdam, 17 april 2019 (civiel recht)

    Incident. Internationale bevoegdheid. Internationaal goederenvervoer. Schade tijdens wegtraject. Gedaagde heeft niet voldaan aan stelplicht dat sprake was van multimodaal vervoer. Art. 31 CMR. Plaats…

  • ECLI:NL:RBLIM:2017:3038Rechtbank Limburg, 29 maart 2017 (internationaal privaatrecht)

    De rechtbank Limburg is niet bevoegd op grond van artikel 39 lid 2 CMR, maar wel op grond van artikel 8 lid 2 Brussel I bis-Verordening/herziene EEX-Vo/Verordening (EU) 2015/2012, vrijwaringszaak…

  • ECLI:NL:RBROT:2010:BL9482Rechtbank Rotterdam, 24 maart 2010 (civiel recht)

    Incidentele vorderingen. Wegvervoer. CMR. Samenloop Brussel I-Vo met CMR. Art 31 lid 2 CMR betreft niet rechtsmacht of rechterlijke bevoegdheid, maar ontvankelijkheid van eiser in zijn later…

  • ECLI:NL:RBROT:2009:BI7390Rechtbank Rotterdam, 20 mei 2009 (civiel recht)

    incidentele vordering tot schorsing van Nederlandse procedure in verband met aanhangigheid van Franse procedure; wegvervoer; EEX-Vo; CMR; art. 31 CMR; art. 71 EEX-Vo; art. 28 EEX-Vo; materieel…

  • ECLI:NL:RBROT:2009:BJ1302Rechtbank Rotterdam, 29 april 2009 (civiel recht)

    Bevoegdheidsincident; samenhangende vorderingen?

10 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.