Rijksoctrooiwet 1995

ROW 1995

Huidige tekst

Artikel 11 ROW 1995

Geldt sinds 1 september 2001

De aanvrager heeft geen aanspraak op octrooi, voor zover de inhoud van zijn aanvrage aan hetgeen reeds door een ander vervaardigd of toegepast werd of wel aan beschrijvingen, tekeningen of modellen van een ander, zonder diens toestemming, ontleend is. Deze laatste behoudt, voor zover hetgeen ontleend werd voor octrooi vatbaar is, zijn aanspraak op octrooi. Voor de toepassing van artikel 4, derde en vierde lid, op het onderwerp van een aanvrage, ingediend door degene aan wie ontleend is, blijft de door de ontlener ingediende aanvrage buiten beschouwing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2008:BD2416Parket bij de Hoge Raad, 11 juli 2008 (civiel recht)

    Octrooirecht. Geschil over het recht op een octrooi (81 RO).

  • ECLI:NL:RBDHA:2022:13930Rechtbank Den Haag, 23 december 2022 (intellectueel-eigendomsrecht)

    Intellectuele eigendom. Kort geding. Spoedeisend belang vanwege nastreven monopoliepositie. Inbreuk op octrooi drankafgeefdeel voor een biertapsysteem. Nietigheidsverweren verworpen. Geen sprake van…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.