Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000

BVRB

Huidige tekst

Artikel 32 BVRB

Geldt sinds 15 augustus 2013

  1. 1

    Het bestuur betaalt overeenkomstig de vaststelling, bedoeld in het tweede lid van artikel 29, de vergoeding met inachtneming van het bepaalde in artikel 37, tweede lid, van de wet.

  2. 2

    In zaken, waarin krachtens een besluit van het bestuur als bedoeld in artikel 33, eerste lid, onder c van de wet de verlening van rechtsbijstand tussentijds is beëindigd, is het voorgaande lid slechts van toepassing voor zover de rechtzoekende het van hem verlangde voorschot, of de verhoging daarvan, heeft voldaan.

  3. 3

    Indien uit de opgave van de rechtsbijstandverlener aan het bestuur een veroordeling in de kosten van verlening van rechtsbijstand ten behoeve van een partij aan wie een toevoeging is verleend krachtens de wet blijkt, wordt het bedrag van deze kostenveroordeling tot ten hoogste het bedrag van de overeenkomstig dit besluit vastgestelde vergoeding, op die vergoeding in mindering gebracht.

  4. 4

    Onverschuldigd betaalde vergoedingen kunnen worden teruggevorderd of verrekend met nog verschuldigde vergoedingen.

  5. 5

    Indien aan de kostenveroordeling, bedoeld in het derde lid, geheel of gedeeltelijk niet is voldaan en er redelijkerwijs ook geen zicht is op voldoening, laat het bestuur het derde lid buiten toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:18556Rechtbank Den Haag, 6 juli 2026 (vreemdelingenrecht)

    Einduitspraak na arrest Safi van 4 juni 2026 – De rechtbank heeft in haar tussenuitspraak van 17 juni 2026 uiteengezet op welke wijze de rechtbank in de onderhavige procedure toepassing geeft aan het…

  • ECLI:NL:RVS:2026:472Raad van State, 28 januari 2026 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 13 april 2022 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand de aan [partij] verleende toevoeging ingetrokken. Op 26 augustus 2019 heeft [appellant] namens [partij] bij de raad een…

  • ECLI:NL:RBDHA:2023:15460Rechtbank Den Haag, 11 oktober 2023 (intellectueel-eigendomsrecht)

    Uniemerken. 22 kledingstukken in privébagage meegenomen. In conventie: Niet aangetoond dat gedaagde de kleding daadwerkelijk buiten de particuliere sfeer zou gaan gebruiken met het doel een…

  • ECLI:NL:RBMNE:2023:2560Rechtbank Midden-Nederland, 7 juni 2023 (intellectueel-eigendomsrecht)

    Benelux-merkenrechten, BVIE en Databankenwet. Beroep van eiseres op bescherming van art. 2.20 BVIE slaagt niet. (Mede)gerichtheid van de website op Benelux is niet komen vast te staan. Geen inbreuk…

  • ECLI:NL:GHSHE:2023:83Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 17 januari 2023 (civiel recht)

    Het hof oordeelt dat op grond van artikel 7:405 lid 1 BW de opdrachtgever loon aan de opdrachtnemer verschuldigd is, indien de overeenkomst door de opdrachtnemer is aangegaan in de uitoefening van…

  • ECLI:NL:GHSHE:2022:2096Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 28 juni 2022 (verbintenissenrecht)

    No cure no pay. Afspraak over beloning voor te verlenen rechtsbijstand bij verhaal van letselschade. Aanspraak op vergoeding voor buitengerechtelijke kosten en op deel van uit te keren…

  • ECLI:NL:RVS:2022:1203Raad van State, 26 april 2022 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 14 januari 2020 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand een vergoeding vastgesteld voor door [appellant] verleende rechtsbijstand. [appellant] heeft op basis van een…

  • ECLI:NL:RBNNE:2021:636Rechtbank Noord-Nederland, 25 februari 2021 (civiel recht)

    Kort geding tussen drie taxibedrijven in Leeuwarden. Het geschil gaat over (vermeende) inbreuk op handelsnamen en een woordmerk en (vermeend) onrechtmatig handelen in de vorm van agressie jegens…

33 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.