Arbeidstijdenwet

ATW

Huidige tekst

Artikel 1:1 ATW

Geldt sinds 1 november 1999

  1. 1

    In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a.werkgever: 1°. degene jegens wie een ander krachtens arbeidsovereenkomst of publiekrechtelijke aanstelling gehouden is tot het verrichten van arbeid, behalve indien die ander aan een derde ter beschikking wordt gesteld voor het verrichten van arbeid, welke die derde gewoonlijk doet verrichten; 2°. degene aan wie een ander ter beschikking wordt gesteld voor het verrichten van arbeid als bedoeld onder 1°; b.werknemer: de ander bedoeld onder a.

  2. 2

    In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt mede verstaan onder: a.werkgever: degene die zonder werkgever of werknemer in de zin van het eerste lid te zijn, een ander onder zijn gezag arbeid doet verrichten; b.werknemer: de ander bedoeld onder a.

  3. 3

    In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt onder jeugdige werknemer verstaan: een werknemer van 16 of 17 jaar.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2012:BU3604Hoge Raad, 24 januari 2012 (strafrecht)

    1. Vordering wijziging tll. 2. Grondslagverlating? “Wegvervoer” i.d.z.v. art. 8 Verordening (EEG) nr. 3820/5. Ad 1. De opvatting dat na terugwijzing van een zaak door de HR teneinde op het bestaande…

  • ECLI:NL:HR:2008:BC5928Hoge Raad, 1 april 2008 (strafrecht)

    OM-cassatie. Cumulatieve tenlastelegging. Behoudens in gevallen waarin uit de bewoordingen waarin een tll is gesteld bepaaldelijk het tegendeel volgt, moet ervan worden uitgegaan dat aan in een tll…

  • ECLI:NL:PHR:2008:BC5928Parket bij de Hoge Raad, 1 april 2008 (strafrecht)

    OM-cassatie. Cumulatieve tenlastelegging. Behoudens in gevallen waarin uit de bewoordingen waarin een tll is gesteld bepaaldelijk het tegendeel volgt, moet ervan worden uitgegaan dat aan in een tll…

  • ECLI:NL:PHR:2007:AZ3863Parket bij de Hoge Raad, 23 januari 2007 (strafrecht)

    Verjaring ex art. 72.2 Sr en voortdurend delict. Het nalaten een deugdelijke registratie te voeren t.z.v. de arbeids- en rusttijden van werknemers in de periode van 1-7-02 t/m 31-8-02, dat door het…

  • ECLI:NL:RVS:2020:2186Raad van State, 9 september 2020 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 15 september 2017 heeft de minister van Infrastructuur en Milieu aan [appellante] een bestuurlijke boete opgelegd van € 61.500,00. [appellante] is een bedrijf in [plaats] dat…

  • ECLI:NL:RVS:2020:2111Raad van State, 2 september 2020 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 11 april 2017 heeft de minister van Infrastructuur en Milieu aan [appellante] een bestuurlijke boete opgelegd van € 20.500,00. [appellante] is een bedrijf in Breda dat…

  • ECLI:NL:RVS:2019:4065Raad van State, 4 december 2019 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 31 augustus 2017 heeft de minister van Infrastructuur en Milieu [appellante] een bestuurlijke boete opgelegd van € 41.000,-.

  • ECLI:NL:RVS:2018:1220Raad van State, 11 april 2018 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 18 februari 2016 heeft de minister aan [appellant] een boete opgelegd ter hoogte van € 3.750,00 wegens overtreding van de Arbeidstijdenwet.

17 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.