Arbeidsomstandighedenbesluit

Arbo

Huidige tekst

Artikel 1.1 Arbo

Geldt sinds 1 februari 2025

Definities algemeen 1 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder wet: Arbeidsomstandighedenwet. 2 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a.bouwplaats: elke tijdelijke of mobiele arbeidsplaats waar civieltechnische werken of bouwwerken tot stand worden gebracht, waarvan een niet-uitputtende lijst is opgenomen in bijlage I bij de richtlijn, bedoeld in artikel 2.23, onder a; b.bouwwerk: een civieltechnisch werk of bouwwerk als bedoeld onder a; c.opdrachtgever: 1°. voor de toepassing van hoofdstuk 2, afdeling 5, en artikel 9:6: i. degene voor wiens rekening een bouwwerk tot stand wordt gebracht, dan wel; ii. op wiens initiatief een bouwwerk tot stand wordt gebracht, dan wel; iii. de onder i en ii bedoelden tezamen; 2°. voor de toepassing van artikel 9.5: degene voor wiens rekening een zelfstandige of werkgever als bedoeld in artikel 16, zevende lid, onderdeel b, van de wet, arbeid verricht; d.opdrachtgever-consument: de natuurlijke persoon die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf, voor wiens rekening een bouwwerk tot stand wordt gebracht; e.ontwerpende partij: degene die zich jegens de opdrachtgever, bedoeld in onderdeel c, sub 1° of de opdrachtgever-consument verbonden heeft om in het bouwproces de ontwerpende functie te vervullen; f.uitvoerende partij: degene die zich jegens de opdrachtgever, bedoeld in onderdeel c, sub 1° of de opdrachtgever-consument verbonden heeft om in het bouwproces de uitvoerende functie te vervullen. 3 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a.arbeidsplaats in de winningsindustrie: iedere arbeidsplaats die direkt of indirekt verband houdt met de winningsindustrie in dagbouw, de ondergrondse winningsindustrie of de winningsindustrie die delfstoffen wint met behulp van boringen, waaronder het opsporen en de winning van koolwaterstoffen; b.delfstoffen: een natuurlijke concentratie of afzetting van ertsen, mineralen of substanties van organische oorsprong in of op de bodem, in vaste, vloeibare of gasvormige toestand, met inbegrip van op de bodem of onmiddellijk onder de oppervlakte daarvan aanwezige schelpen, grind, zand en klei; c.winningsindustrie in dagbouw: elke industrie die: 1°. delfstoffen wint in de open lucht; 2°. prospectiewerkzaamheden verricht met het oog op de winning van delfstoffen in de open lucht, of 3°. delfstoffen gereed maakt voor de verkoop, met uitzondering van werkzaamheden in verband met de verwerking van deze delfstoffen; d.ondergrondse winningsindustrie: elke industrie die: 1°. ondergronds delfstoffen wint anders dan door middel van boorgaten; 2°. prospectiewerkzaamheden verricht met het oog op deze winning; 3°. delfstoffen gereed maakt voor de verkoop, met uitzondering van werkzaamheden in verband met de verwerking van deze delfstoffen, of 4°. stoffen opslaat als bedoeld in artikel 1, onder i, van de Mijnbouwwet. e. winningsindustrie die delfstoffen wint met behulp van boringen:elke industrie die: 1°. delfstoffen wint door middel van boorgaten; 2°. prospectiewerkzaamheden verricht met het oog op deze winning; 3°. delfstoffen gereed maakt voor de verkoop, met uitzondering van werkzaamheden in verband met de verwerking van deze delfstoffen; 4°. stoffen opslaat als bedoeld in artikel 1, onder i, van de Mijnbouwwet, of 5°. aardwarmte opspoort of wint als bedoeld in artikel 1, onder g en h, van de Mijnbouwwet. f. winningsindustrie voor het opsporen en de winning van koolwaterstoffen: winningsindustrie als bedoeld in onderdeel e die koolwaterstoffen opspoort en wint; g. mijnbouwinstallatie: een installatie als bedoeld in artikel 1, onder o, van de Mijnbouwwet. 4 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a.fysieke belasting: de door een werknemer in verband met de arbeid in te nemen werkhouding, uit te voeren bewegingen of uit te oefenen krachten, onder meer bestaande uit het tillen, neerzetten, duwen, trekken, dragen of op een andere wijze verplaatsen of ondersteunen van een of meer lasten; b.persoonlijk beschermingsmiddel: iedere uitrusting die bestemd is om door de werknemer gedragen of vastgehouden te worden teneinde hem te beschermen tegen een of meer gevaren die zijn veiligheid of gezondheid op het werk kunnen bedreigen alsmede alle aanvullingen of accessoires die daartoe kunnen bijdragen met uitzondering van: 1°. gewone en uniforme werkkleding die niet specifiek bedoeld is om de veiligheid en de gezondheid van de werknemer te beschermen; 2°. sportuitrusting; 3°. zelfverdedigings- of afschrikkingsmateriaal, en 4°. draagbare apparaten voor het opsporen en signaleren van gevaren en belastingsfactoren; c.veiligheids- of gezondheidssignalering: een signalering die, toegepast op een bepaald object, een bepaalde activiteit of een bepaalde situatie door middel van een bord, een kleur, een lichtsignaal, een akoestisch signaal, een mondelinge mededeling of een hand- of armsein een aanwijzing of een voorschrift verstrekt met betrekking tot de veiligheid of gezondheid op het werk. 5 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a.EG-verordening indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels: verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels tot wijziging en intrekking van de Richtlijnen 67/548/EEG en 1999/45/EG en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1907/2006 (PbEG 2008, L 353); b.gevaarlijke stoffen: stoffen of mengsels waaraan werknemers bij de arbeid worden of kunnen worden blootgesteld die vanwege de eigenschappen van of de omstandigheden waaronder die stoffen of mengsels voorkomen gevaar voor de veiligheid of gezondheid kunnen opleveren; c.mengsel: een mengsel of oplossing bestaande uit twee of meer stoffen. 6 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a.jeugdige werknemer: een werknemer jonger dan 18 jaar; b.zwangere werknemer: de werknemer die zwanger is en de werkgever hiervan in kennis heeft gesteld; c.werknemer tijdens de lactatie: de werknemer die haar kind borstvoeding geeft en haar werkgever hiervan in kennis heeft gesteld. 7 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder certificerende instelling: een door Onze Minister krachtens artikel 20, tweede lid, van de wet aangewezen instelling die beslist over de afgifte van een certificaat als bedoeld in artikel 20, eerste lid, van de wet. 8 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a.Register veilig werken met explosieve stoffen: het register, genoemd in artikel 1.5j, eerste lid, onderdeel a; b.Dit onderdeel is nog niet in werking getreden; c.Dit onderdeel is nog niet in werking getreden; d.Register civiele duikarbeid: het register, genoemd in artikel 1.5j, eerste lid, onderdeel d; e.Register duikarbeid brandweer en politie: het register, genoemd in artikel 1.5j, eerste lid, onderdeel e; f.Register kraanmachinisten: het register, genoemd in artikel 1.5j, eerste lid, onderdeel f.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:9953Rechtbank Den Haag, 20 maart 2025 (burgerlijk procesrecht)

    Deelgeschil. Exhibitie ex artikel 843a (oud) jo. 284 Rv. Begroting van de kosten.

  • ECLI:NL:RBNHO:2024:6405Rechtbank Noord-Holland, 6 juni 2024 (bestuursrecht)

    Boetes opgelegd ogv Arbobesluit. Overtredingen worden niet betwist. Ten laste gelegde overtredingen betreffen andere juridische feiten en gedragingen waardoor geen sprake is van schending van het ne…

  • ECLI:NL:RBOVE:2021:3127Rechtbank Overijssel, 5 augustus 2021 (strafrecht)

    Een wegenbouwer uit Vorden is verantwoordelijk voor een ernstig ongeval dat gebeurde op 19 maart 2019 tijdens wegwerkzaamheden op de A1 bij Holten. Hierbij kwam een werknemer om het leven en raakte…

  • ECLI:NL:RBOBR:2018:1623Rechtbank Oost-Brabant, 9 april 2018 (strafrecht)

    Verdachte was met een werknemer bezig met werkzaamheden ten behoeve van de aanleg van een riolering. Het slachtoffer is in een uitgraving bedolven onder het zand, ten gevolge waarvan het slachtoffer…

  • ECLI:NL:RBOBR:2018:1624Rechtbank Oost-Brabant, 9 april 2018 (strafrecht)

    Bewezen is verklaard dat verdachte zich als opdrachtgever van een bouwwerk niet heeft gehouden aan de in het Arbobesluit opgenomen bepaling omtrent het zorgdragen voor een veiligheids- en…

  • ECLI:NL:RBOBR:2018:1626Rechtbank Oost-Brabant, 9 april 2018 (strafrecht)

    Verdachte heeft als werkgever verzuimd afdoende veiligheidsmaatregelen te treffen teneinde instorting van een bouwput te voorkomen. Ten gevolge daarvan is een werknemer van verdachte overleden.…

  • ECLI:NL:RBDHA:2015:1289Rechtbank Den Haag, 10 februari 2015 (strafrecht)

    Bedrijfsongeval. Werknemer (onderaannemer) stapt tijdens werkzaamheden op het dak van een bedrijfshal op een lichtplaat en valt door het dak. Daaronder hingen geen vangnetten. De werknemer van…

  • ECLI:NL:RBROT:2009:BI2828Rechtbank Rotterdam, 1 april 2009 (strafrecht)

    Economische zaak. De verdachte rechtspersoon wordt verweten te hebben gehandeld in strijd met het Arbeidsomstandighedenbesluit 1998. Door haar nalatig handelen heeft de verdachte rechtspersoon…

9 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.