Algemene wet gelijke behandeling

AWGB

Huidige tekst

Artikel 1a AWGB

Geldt sinds 14 september 2007

  1. 1

    Het in deze wet neergelegde verbod van onderscheid houdt mede in een verbod van intimidatie en een verbod van seksuele intimidatie.

  2. 2

    Onder intimidatie als bedoeld in het eerste lid wordt verstaan: gedrag dat met de hoedanigheden of gedragingen, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel b, verband houdt en dat tot doel of gevolg heeft dat de waardigheid van de persoon wordt aangetast en dat een bedreigende, vijandige, beledigende, vernederende of kwetsende omgeving wordt gecreëerd.

  3. 3

    Onder seksuele intimidatie als bedoeld in het eerste lid wordt verstaan: enige vorm van verbaal, non-verbaal of fysiek gedrag met een seksuele connotatie dat als doel of gevolg heeft dat de waardigheid van de persoon wordt aangetast, in het bijzonder wanneer een bedreigende, vijandige, beledigende, vernederende of kwetsende omgeving wordt gecreëerd.

  4. 4

    Op het in deze wet neergelegde verbod van intimidatie en van seksuele intimidatie zijn niet van toepassing de artikelen 2, 5, tweede tot en met zesde lid, 6a, tweede lid, en 7, tweede en derde lid.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2011:BP9991Parket bij de Hoge Raad, 27 mei 2011 (civiel recht)

    Arbeidsrecht/Procesrecht. Vordering tot vergoeding op de voet van art. 7:611 en 7:658 BW tot vergoeding van als gevolg van discriminatie geleden schade. Aanbod aanvullend bewijs te leveren op…

  • ECLI:NL:RBMNE:2025:388Rechtbank Midden-Nederland, 12 februari 2025 (civiel recht)

    Afwijzing vorderingen (1) tot publicatie op website van (intern) onderzoeksrapport (met een groot aantal overige bescheiden) naar grensoverschrijdend gedrag leidinggevende, (2) om toestemming te…

  • ECLI:NL:RBNNE:2024:5176Rechtbank Noord-Nederland, 18 december 2024 (civiel recht)

    Ontbindingsverzoek werkgever. Geen sprake van opzegverbod wegens discriminatie en/of intimidatie als bedoeld in de AWGB. Geen sprake van een redelijke grond (e-, g-, d- of i-) en niet voldaan aan…

  • ECLI:NL:RBNNE:2022:3924Rechtbank Noord-Nederland, 24 oktober 2022 (civiel recht)

    Ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens verwijtbaar handelen werknemer; signaal discriminatie, niet meewerken aan intern onderzoek, wijze van benaderen collega’s veroorzaakt onrust binnen…

  • ECLI:NL:GHARL:2022:4773Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 9 juni 2022 (arbeidsrecht)

    WWZ. Medewerker wordt op staande voet ontslagen omdat hij geprobeerd zou hebben een vrouwelijke collega (receptioniste) op de mond te zoenen. Bewijsopdracht aan werkgever. MeToo?

  • ECLI:NL:RBMNE:2021:3688Rechtbank Midden-Nederland, 30 maart 2021 (arbeidsrecht)

    Ontbindingsverzoek op grond van een verstoorde arbeidsrelatie. Kort na indiensttreding is een intieme relatie ontstaan tussen een van de bestuurders en werkneemster. Die relatie eindigt op een…

  • ECLI:NL:GHDHA:2020:1033Gerechtshof Den Haag, 16 juni 2020 (civiel recht)

    Opmerking door al eerder gewaarschuwd MT-lid tegen werkneemster wordt aangemerkt als seksuele intimidatie en is ernstig verwijtbaar, gelet op de inhoud van de opmerking en de context waarin deze is…

  • ECLI:NL:RBHAA:2007:BA3459Rechtbank Haarlem, 16 februari 2007 (civiel recht)

    Het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers (COA) heeft in verband met sluiting van het asielzoekerscentrum (AZC) te Heemskerk gedaagde overgeplaatst naar het AZC te Schagen. Gedaagde heeft aan deze…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.