Gemeentelijke regelgeving

Beleidskader preventie, toezicht en handhaving rechtmatigheid Wmo en Jeugdwet

Gemeente Wijk bij Duurstede · geldt sinds 22 augustus 2026

Aanhef

Het beleidskader “Preventie, toezicht en handhaving rechtmatigheid Wmo en Jeugdwet ZOU gemeenten” vast te stellen.

ZOU gemeenten

Inleiding

Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de Jeugdwet. Naast de verantwoordelijkheid voor de organisatie en uitvoering hiervan zijn gemeenten verantwoordelijk voor het toezicht op een rechtmatige uitvoering. Dit is gericht op het voorkomen van oneigenlijk gebruik van zorggelden en onrechtmatigheden maar vooral dat kwetsbare inwoners de juiste en afgesproken zorg ontvangen.

De ZOU gemeenten

1Gemeente Bunnik, de Bilt, Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede, Zeist

hebben de afgelopen jaren stevig ingezet op het organiseren van de dienstverlening aan de inwoners binnen de Wmo en jeugdzorg. Toezicht en handhaving maakt integraal onderdeel uit van deze dienstverlening.

In de door de gemeenteraden vastgestelde visie de Regionale inkoopkoers Jeugd en Wmo van 25 maart 2025 is als uitgangspunt opgenomen om het toezicht op rechtmatigheid meer regionaal te gaan organiseren. Dit sluit aan bij de regionale inkoop van jeugdhulp en Wmo-zorg en het contractmanagement hierop. Alle gemeenten hebben hierdoor te maken met dezelfde zorgaanbieders. Met dit regionaal beleidskader wordt invulling gegeven aan deze gewenste meer gezamenlijke uitvoering.

Dit beleidskader

2Conform artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht.

beschrijft de wijze waarop de ZOU gemeenten preventie, toezicht en handhaving op rechtmatigheid op het gebied van de Wmo en de Jeugdwet uitvoeren. Met dit beleidskader zorgen we er ook voor dat onze medewerkers, inwoners en (zorg)aanbieders op de hoogte zijn van onze uitgangspunten en beleid op dit gebied en daar steeds beter naar gaan handelen.

Het doel van preventie, toezicht en handhaving is het bevorderen van de naleving van de regels en het voorkomen en bestrijden van misbruik, oneigenlijk gebruik van zorggelden en onrechtmatigheid door (onbedoelde) fouten. Hiermee dragen we er zorg voor dat zorggelden op een juiste wijze worden besteed en dat de inwoners de zorg ontvangen die ze nodig hebben.

Toezicht en handhaving begint met preventie. Preventie richt zich op voorlichting, communicatie en dienstverlening. Door kennis wordt onrechtmatigheid door onwetendheid zoveel mogelijk voorkomen. Dat laat onverlet dat de ZOU gemeenten ook andere instrumenten inzetten. Zo is er aandacht voor vroegtijdige detectie in de vorm van screening en risicogestuurd toezicht op zorgaanbieders, zowel in de fase van contracteren van aanbieders als gedurende de looptijd van de overeenkomsten met aanbieders. Ook vindt reactief toezicht plaats op basis van ingekomen signalen van vermoedens van onrechtmatigheid. Op basis van de resultaten van het toezicht wordt gesanctioneerd, proportioneel en op maat wanneer er sprake is van onrechtmatig gebruik.

Hoofdstuk 5 Handhaving

Tekst

Het doel van handhaven is het bevorderen van nalevingsgedrag van aanbieders om risico’s te verminderen en de kwaliteit van de maatschappelijke ondersteuning of jeugdhulp te verbeteren. De toezichthouder rechtmatigheid geeft op basis van zijn onderzoek advies voor te nemen maatregelen aan ICM en/of de gemeente. De maatregelen zijn gericht op het ongedaan maken van de onrechtmatigheid, herhaling te voorkomen, overtreders te straffen en potentiële overtreders af te schrikken. We onderscheiden daarbij bestuurs- en civielrechtelijke en strafrechtelijke maatregelen. Per type maatregel zijn verschillende instrumenten die ingezet kunnen worden. Handhavingsmaatregelen worden niet uitgevoerd door de toezichthouder maar afhankelijk van het type maatregel door:

o Bij regionaal gecontracteerde zorg in natura door ICM, in ondermandaat en volmacht van college en burgemeester van Utrechtse Heuvelrug, die door de colleges en burgemeesters van de overige ZOU gemeenten is gemandateerd en gevolmachtigd.

o Bij een lokaal maatwerkcontract zorg in natura is dat de betreffende gemeente zelf op basis van het advies van de lokale toezichthouder.

o Bij een PGB is dit ook de individuele gemeenten zelf. Dit kan bijvoorbeeld door een jurist van de gemeente of de medewerker die de beschikking heeft opgesteld zijn. Zij doen dit in mandaat van het college van de eigen gemeente. Ook hier op basis van het advies van de lokaal aangestelde toezichthouder.

Bijlage 1 Overzicht bevoegdheden toezichthouders

Indien een persoon bij wet formeel is aangewezen als toezichthouder zoals bedoeld in artikel 5:11 Algemene wet bestuursrecht (Awb), dan beschikt deze toezichthouder over de bevoegdheden zoals deze omschreven staan in afdeling 5.2 Awb. Op basis van artikel 5:13 Awb maakt een toezichthouder van zijn bevoegdheden gebruik voor zover dat redelijkerwijs voor de vervulling van zijn taak nodig is. Hij mag deze bevoegdheden niet inzetten om een andere wettelijke taak te kunnen vervullen. Ook moet de toezichthouder zijn bevoegdheid op de voor de inwoner minst belastende wijze uitoefenen. Wanneer de informatie kan worden verkregen op een minder ingrijpende manier, wordt daarvoor gekozen.

Hieronder worden de bevoegdheden van een toezichthouder weergegeven.

Huisbezoek / locatiebezoek

Artikel 5:15 Awb

Lid 1: Een toezichthouder is bevoegd, met medeneming van de benodigde apparatuur, elke plaats te betreden met uitzondering van een woning zonder toestemming van de bewoner.

Lid 2: Zo nodig verschaft hij zich toegang met behulp van de sterke arm.

Lid 3: Hij is bevoegd zich te doen vergezellen door personen die daartoe door hem zijn aangewezen.

Bij de keuze voor het afleggen van een huisbezoek/ locatiebezoek houdt de toezichthouder rekening met het proportionaliteitsbeginsel en het subsidiariteitsbeginsel.

Het huisbezoek is toegestaan als laatste verificatiemiddel om gegevens van de inwoner (cliënt) bevestigd of weerlegd te krijgen. Als de gegevens op een andere wijze dan het huisbezoek bevestigd of weerlegd kunnen worden, is een huisbezoek niet geschikt. In alle gevallen moet de inwoner (cliënt) toestemming geven voor het betreden van de woning nadat is uitgelegd waar het bezoek voor is en wat de gevolgen zijn van een eventuele weigering. De toestemming of weigering moet worden vastgelegd. Daarbij moet de identiteit van de inwoner (cliënt) worden gecontroleerd en genoteerd aan de hand van een geldig identiteitsbewijs. De toezichthouder kan ook een huisbezoek afleggen wanneer de inwoner slachtoffer is van een zorgaanbieder of vertegenwoordiger. Het eventueel weigeren van dit huisbezoek heeft geen gevolgen voor de inwoner.

Locatiebezoek

Een locatiebezoek kan nodig zijn om gegevens van een bedrijf of zorglocatie inzichtelijk te krijgen, bijvoorbeeld de dagbestedingslocatie. Voor het betreden van de locatie is geen toestemming nodig zoals wel toestemming nodig is voor het betreden van een woning. De verslaglegging van het locatiebezoek wordt vastgelegd in het onderzoeksrapport.

Vorderen gegevens en bescheiden

Het ter inzage vorderen van gegevens en bescheiden is een manier om informatie te verzamelen over het handelen van de persoon of het bedrijf dat wordt onderzocht. De toezichthouder controleert of de manier waarop de onderzochte partij aangeeft te handelen, overeenkomt met de werkelijkheid.

Voorbeelden hiervan zijn: inzicht in de processen, hoe verloopt de administratie (cliëntadministratie, urenregistratie, roosters, ondertekening, etc.), en hoeveel personeel de onderzochte partij in dienst heeft. Het vorderen van gegevens en bescheiden kan bij de onderzochte partij zelf of bij een derde.

Een toezichthouder is bevoegd inlichtingen te vorderen (Artikel 5:16 Awb).

Een toezichthouder is bevoegd van personen inzage te vorderen van een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht (Artikel 5:16a Awb).

Een toezichthouder is bevoegd; inzage te vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden; van de gegevens en bescheiden kopieën te maken, indien het maken van kopieën niet ter plaatse kan geschieden, is hij bevoegd de gegevens en bescheiden voor dat doel voor korte tijd mee te nemen tegen een door hem af te geven schriftelijk bewijs (Artikel 5:17 Awb, lid 1,2,3).

Tijdens het onderzoek is het ter inzage vorderen van gegevens en bescheiden een middel om informatie te verzamelen. Artikel 5:16 en artikel 5:17 Awb hebben betrekking op het vorderen van zakelijke gegevens.

Bepalen doelbelang bij vordering informatie

De toezichthouder bepaalt welke doel het vorderen heeft en bij wie gevorderd wordt. Dit kan per onderzoek verschillen. De toezichthouder bedenkt welke gegevens nodig zijn om het doel te bereiken en houdt hierbij rekening met proportionaliteit. De toezichthouder maakt hierbij gebruik van het sjabloon vorderen gegevens Wmo en Jeugdwet.

De toezichthouder heeft als taak het toezicht houden op de rechtmatigheid. Met dit doel kan een toezichthouder dan ook informatie vorderen. Naast de doelbinding is er op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming (Avg) ook een grondslag nodig om te kunnen vorderen.

Deze grondslagen zijn:

•Wettelijke verplichting, paragraaf 5.1 en 5.2 Wmo 2015 / 7.4 Jeugdwet;

•Toestemming van betrokkene;

•Vitaal belang van de betrokkene;

•Uitvoering overeenkomst;

•Algemeen belang / openbaar gezag;

•Gerechtvaardigd belang.

Per vordering bepaalt de toezichthouder of het ontvangen van kopieën of de originele stukken gewenst is. De toezichthouder beoordeelt daarbij of er naast de (wettelijke) toestemming nog toestemming van de betrokkene noodzakelijk is.

Vorderen

Bij het vorderen wordt onderscheid gemaakt tussen het vorderen bij de onderzochte partij en bij derden. Bij een onderzochte partij kan de toezichthouder de gegevens en bescheiden fysiek ophalen of per e-mail/post ontvangen. Ook kan de onderzochte partij gegevens en bescheiden zelf bij de toezichthouder langsbrengen. Bij het vorderen bij derden kan de toezichthouder de vordering telefonisch voor bespreken. De vordering zelf vindt altijd plaats op basis van een vorderingsbrief.

Zaken onderzoeken, openen en monsters nemen

Artikel 5:18 Awb

Lid 1: Een toezichthouder is bevoegd zaken te onderzoeken, aan opneming te onderwerpen en daarvan monsters te nemen.

Lid 2: Hij is bevoegd daartoe verpakkingen te openen.

Lid 3: De toezichthouder neemt op verzoek van de belanghebbende indien mogelijk een tweede monster, tenzij bij of krachtens wettelijk voorschrift anders is bepaald.

Lid 4: Indien het onderzoek, de opneming of de monsterneming niet ter plaatse kan geschieden, is hij bevoegd de zaken voor dat doel voor korte tijd mee te nemen tegen een door hem af te geven schriftelijk bewijs.

Lid 5: De genomen monsters worden voor zover mogelijk teruggegeven.

Lid 6: De belanghebbende wordt op zijn verzoek zo spoedig mogelijk in kennis gesteld van de resultaten van het onderzoek, de opneming of de monsterneming.

Kort samengevat ziet artikel 5:18 Awb op de mogelijkheid voor een toezichthouder om zaken te onderzoeken, te openen en monsters te nemen.

Onderzoek vervoermiddelen

Artikel 5:19 Awb

Lid 1: Een toezichthouder is bevoegd vervoermiddelen te onderzoeken met betrekking waartoe hij een toezichthoudende taak heeft.

Lid 2: Hij is bevoegd vervoermiddelen waarmee naar zijn redelijk oordeel zaken worden vervoerd met betrekking waartoe hij een toezichthoudende taak heeft, op hun lading te onderzoeken.

Lid 3: Hij is bevoegd van de bestuurder van een vervoermiddel inzage te vorderen van de wettelijk voorgeschreven bescheiden met betrekking waartoe hij een toezichthoudende taak heeft.

Lid 4: Hij is bevoegd met het oog op de uitoefening van deze bevoegdheden van de bestuurder van een voertuig of van de schipper van een vaartuig te vorderen dat deze zijn vervoermiddel stilhoudt en naar een door hem aangewezen plaats overbrengt.

Lid 5: Bij regeling van Onze Minister van Veiligheid en Justitie wordt bepaald op welke wijze de vordering tot stilhouden wordt gedaan.

In artikel 5:19 Awb is een aantal bevoegdheden neergelegd die ten aanzien van vervoermiddelen kunnen worden uitgeoefend. Onder vervoermiddelen worden niet alleen voertuigen verstaan, maar ook (lucht)vaartuigen (vliegtuigen en schepen). Voertuigen zijn niet alleen fiets en motorrijtuigen, maar ook aanhangwagens.

Weigering

Artikel 5:20 Awb

Lid 1: Een ieder is verplicht aan een toezichthouder binnen de door hem gestelde redelijke termijn alle medewerking te verlenen die deze redelijkerwijs kan vorderen bij de uitoefening van zijn bevoegdheden.

Lid 2: Zij die uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift verplicht zijn tot geheimhouding, kunnen het verlenen van medewerking weigeren, voor zover dit uit hun geheimhoudingsplicht voortvloeit.

Lid 3: Het bestuursorgaan onder verantwoordelijkheid waarvan de toezichthouder werkzaam is, is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang ter handhaving van het eerste lid.

Lid 4: Indien de gevorderde medewerking strekt ter handhaving van het bepaalde bij of krachtens een regeling die is genoemd in hoofdstuk 2, 3 of 4 van de bij deze wet behorende Bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak of in de bij deze wet behorende Regeling verlaagd griffierecht, wordt de last onder bestuursdwang voor de toepassing van de twee laatstgenoemde regelingen aangemerkt als een besluit, genomen op grond van de eerstbedoelde regeling.

Op basis van artikel 5:20 Awb is een ieder verplicht mee te werken aan een vordering van de toezichthouder. Deze verplichting is de stok achter de deur voor alle andere bevoegdheden van de toezichthouder. Op basis van artikel 6:1 Wmo 2015 is de toezichthouder, voor zover dat voor de vervulling van zijn taak noodzakelijk is, bevoegd tot inzage van dossiers. Ook wanneer iemand van een geheimhoudingsplicht voortvloeiend uit ambt, beroep of wettelijk voorschrift medewerking weigert

Bijlage 2: Overzicht wettelijke grondslag uitwisselen gegevens

Wmo 2015:

Ontvangen gegevens

Toezichthouder

College van burgemeester & wethouders

Verstrekker gegevens

Toezichthouder

Art. 5.2.4, derde lid Wmo 2015

College van burgemeester & wethouders

Art. 5.2.1 Wmo 2015

Zorgverlener PGB

Art. 5.2.2 Wmo 2015

Art. 5.2.2 Wmo 2015

SVB

Art. 5:16, 5:17 en 5:20 Awb

Art. 5.2.4, tweede lid Wmo 2015

Aanbieder maatschappelijke ondersteuning

Art. 5.2.2. Wmo 2015

Art. 5:16, 5:17 en 5:20 Awb

Art. 5.2.2 Wmo 2015

CAK

Art. 5.2.4, eerste lid Wmo 2015

Zorgverzekeraar en zorgaanbieder als bedoeld in de Zorgverzekeringswet

Art. 5:16, 5:17 en 5:20 Awb

Art. 5.2.5, eerste lid Wmo 2015

CIZ

Art. 5.2.5, derde lid Wmo 2015

Uitvoerder Wet langdurige zorg

Art. 5:16, 5:17 en 5:20 Awb

Art. 9.1.3, derde lid Wet langdurige zorg

Belastingdienst

Art. 5:16, 5:17 en 5:20 Awb

Art. 5.2.3 Wmo 2015

Jeugdwet:

Ontvangen gegevens

Toezichthouder

College van burgemeester & wethouders

Verstrekker gegevens

Toezichthouder

Art. 6, eerste lid

onder e Avg

Art. 2.9 onder d Jeugdwet

College van burgemeester & wethouders

Art. 6, eerste lid

onder e Avg

Art. 2.9 onder d Jeugdwet

Zorgverlener PGB

Art. 6, eerste lid

onder e Avg

Art. 2.9 onder d Jeugdwet

Art. 6, eerst lid onder e Avg

Art. 2.9 onder d Jeugdwet

SVB

Art. 6, eerst lid onder e Avg

Art. 2.9 onder d Jeugdwet

Art. 8.1.8 Jeugdwet

Aanbieder jeugdhulp

Art. 6, eerste lid

onder e Avg

Art. 2.9 onder d Jeugdwet

Art. 6, eerst lid onder c en e Avg

Art. 2.9 onder d Jeugdwet

Art. 6b. 1-6b.7 Regeling Jeugdwet

Uitvoerder Wet langdurige zorg

Art 6, eerste lid onder c Avg

Art. 2.9 onder d Jeugdwet

Art 9.1.3, derde lid WLZ

Strafrechtelijk onderzoek:

Ontvangen gegevens

College van burgemeester & wethouders

College van burgemeester & wethouders

Sociaal rechercheur / BOA

Art. 6 Besluit politiegegevens bijzondere opsporingsdiensten

OM (Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens)

Art. 39e en 39f Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens

Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) /directie opsporing (Wet politiegegevens / FIOD)

Art. 18, tweede lid Wet politiegegevens

Overig Wet politiegegevens partner

Art. 19 en 20 Wet politiegegevens

Bijlage 3: De zes Rijksbrede principes van goed

Principe

Toelichting

Selectief toezicht

De gemeente kiest voor de vorm en omvang van toezicht voor elke situatie de juiste maatvoering. Zij zet de beschikbare capaciteit zo effectief mogelijk in. De gemeente geeft aan welke toezichttaken zij met haar middelen kan uitvoeren.

De toezichthouder maakt keuzes op basis van een afweging van risico’s en kosten en baten.

De gemeente geeft aan welk niveau van handhaving zij nastreeft.

Slagvaardig toezicht

Toezicht is zacht waar het kan en hard waar het moet. Toezichthouders stimuleren burgers, bedrijven en instellingen om zelf het gewenste resultaat te bereiken.

Toezichthouders grijpen in als de situatie dat vereist. Bij dit alerte toezicht past een zakelijke houding op basis van geconstateerde feiten.

Samenwerkend toezicht

Door samenwerking in de keten zijn diverse doelen te bereiken met voordelen voor de onder toezicht staande en de toezichthouder(s). Samenwerking bestaat in vele varianten die kunnen variëren van gegevensuitwisseling, afstemming van (bedrijfs-)bezoeken en/of gezamenlijk uitvoeren.

Onafhankelijk toezicht

Onafhankelijkheid heeft betrekking op de materiële onafhankelijkheid van de toezichthoudende ambtenaar. Hij moet zijn feitelijke werkzaamheden onafhankelijk en zelfstandig kunnen uitvoeren, zonder beïnvloeding door anderen die zich bijvoorbeeld bezighouden met het beleid, de inkoop of de verstrekking van voorzieningen. Dit laat onverlet dat hij formeel onder de (politieke) verantwoordelijkheid valt van het college.

Transparant toezicht

Een goede toezichthouder legt uit waarom hij toezicht houdt en maakt de keuzes in het toezicht inzichtelijk. De toezichthouder verantwoordt zich achteraf aan het college over de keuzes en de behaalde resultaten.

Professioneel toezicht

Modern toezicht vraagt om een ander soort toezichthouder en een andere wijze van werken. De nieuwe verantwoordelijkheidsverdeling vereist dat toezichthouders flexibel dienen te zijn in hun wijze van toezichthouden. Daar waar het kan dient de toezichthouder stimulerend te zijn. Daar waar het moet dient de toezichthouder over een hardere, corrigerende houding te beschikken.

Bijlage 4: Taken en verantwoordelijkheden toezicht rechtmatigheid

1Preventie en communiceren

FUNCTIE

DOET WAT

Consulent

•Indiceren

•Voorlichten over rechten en plichten

•Duidelijke afspraken maken

•Verifiëren ontvangen informatie

•Indien nodig betrekken overige disciplines voor informatie/advies

Toezichthouder rechtmatigheid

•Bevorderen fraudealertheid stakeholders binnen de gemeente

•Vraagbaak/sparringpartner voor stakeholders binnen de gemeente bij vermoeden van onrechtmatigheden of fraude

•Advisering over mogelijk aanpassingen in beleid, werkprocessen, werkinstructies, etc.

•In samenwerking met inkoop- en contractmanagement screenen van zorgaanbieders voorafgaand aan contractering

GGDrU

•Heeft pas een rol nadat er een contract is aangegaan met een zorgaanbieder.

ICM

•Vastleggen kritieke prestatie-indicator (KPI’s)

•Voorlichten over rechten en plichten

•Duidelijke afspraken maken

•Verifiëren ontvangen informatie

•Screenen van zorgaanbieders voorafgaand aan contracteren

•Verslaglegging

2Dienstverlenen en controleren

FUNCTIE

DOET WAT

Consulent

•Hercontrole na uiterlijk xx maanden na 1e toekenning

•Heroverweging (art. 2.3.9 Wmo/art. 8.1.3 Jeugdwet)

•Voorlichten over rechten en plichten herhalen

•Afspraken herhalen of waar nodig aanpassen

•Beschikken (indien van toepassing bijv. bij een wijziging)

Back-office

•Verifiëren ontvangen informatie

•Indien nodig betrekken overige disciplines voor informatie/advies

•Indien van toepassing melding doen bij toezichthouder rechtmatigheid / meldpunt

•Verslaglegging

Toezichthouder rechtmatigheid

•Vraagbaak/sparringpartner voor stakeholders binnen de gemeente bij vermoeden van onrechtmatigheden of fraude

•Advisering over mogelijk aanpassingen in beleid, werkprocessen, werkinstructies, etc.

•Ontvangen meldingen (zowel intern als extern)

•Steekproeven**

•Verslaglegging

GGDrU

•Proactief/preventief kwaliteitstoezicht

•Verslaglegging

•Uitbrengen advies aan gemeente

ICM

•Formele controle

•Materiële controle

•Data gestuurde monitoring

•Steekproeven

•Voorlichten over rechten en plichten herhalen

•Afspraken herhalen of waar nodig aanpassen

•Verifiëren ontvangen informatie

•Indien van toepassing melding doen bij toezichthouder rechtmatigheid / meldpunt

•Verslaglegging

3Controleren en onderzoek

FUNCTIE

DOET WAT

Consulent / Back-office

•Toezichthouder rechtmatigheid voorzien van benodigde informatie

•Heroverweging op verzoek van toezichthouder rechtmatigheid

•Verslaglegging

Toezichthouder rechtmatigheid

•Preventief toezicht

•Repressief (signaal gestuurd) toezicht

•Ontvangen en registreren melding

•Vooronderzoek

•Fraudeonderzoek (bestuursrechtelijk onderzoek)

•Detailcontrole ***

•Verslaglegging

•Uitbrengen advies aan (een specifieke afdeling of medewerker van) de gemeente

GGDrU

•Signaal gestuurd toezicht

•Calamiteitentoezicht

•Verslaglegging

•Uitbrengen advies aan gemeente (ter kennisgeving of monitoring)

ICM

•Toezichthouder rechtmatigheid en GGDrU voorzien van benodigde informatie

•Gesprek met aanbieder, op verzoek van, of samen met toezichthouder rechtmatigheid

•Verslaglegging

4Sanctioneren en handhaving

FUNCTIE

DOET WAT

Consulent

•Herindicatie

•Tijdelijk stopzetten betaling Pgb, op advies toezichthouder

•Bij cliëntenstop geen toewijzing aan betreffende Pgb-aanbieder

•Beëindiging recht op Pgb, omzetting naar ZIN

•Beëindiging recht op voorziening

•Intrekking en/of herziening recht op voorziening ***

•Terugvordering (bestuursrecht) ***

•Verslaglegging

Toezichthouder rechtmatigheid

•Advisering over te treffen maatregelen naar aanleiding van bestuursrechtelijk onderzoek naar client, vertegenwoordiger en/of zorgaanbieder

•Adviseren tijdelijke stopzetting betaling

•Adviseren tot (tijdelijke) cliëntenstop

•Verslaglegging

•Geen handhavende bevoegdheden namens de gemeente

GGDrU

•Herstelaanbod

•Advisering over te treffen maatregelen naar aanleiding van kwaliteitsonderzoek naar zorgaanbieder

•Verslaglegging

•Openbaarmaking toezicht rapport

•Uitbrengen advies aan gemeente (ter handhaving)

•Geen handhavende bevoegdheden namens de gemeente

ICM

•Tijdelijk stopzetten betaling op advies toezichthouder

•Cliëntenstop

•Ingebrekestelling

•Bestuursdwang

•Last onder dwangsom

•Opschorting overeenkomst met aanbieder

•Ontbinding overeenkomst met aanbieder

•Terugvordering (civiel)

•Verslaglegging

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.