Woningwet

Ww

Huidige tekst

Artikel 54 Ww

Geldt sinds 1 juli 2026

  1. 1

    De gemiddelde huurprijs van de woningen van de toegelaten instelling op 1 januari van het jaar volgend op 1 januari van enig jaar is niet hoger dan de gemiddelde huurprijs van die woningen op 1 januari van enig jaar, vermeerderd met een bij ministeriële regeling bepaald percentage. In de afspraken, bedoeld in artikel 44, eerste lid, kan voor de in de betrokken gemeente gelegen woningen ten hoogste een bij ministeriële regeling bepaald hoger percentage worden overeengekomen.

  2. 2

    Bij de berekening van de gemiddelde huurprijs, bedoeld in het eerste lid, wordt geen rekening gehouden met woningen: a.waarvoor op laatstgenoemde 1 januari-datum een huurovereenkomst als bedoeld in artikel 247 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek geldt; b.waarvoor op laatstgenoemde 1 januari-datum een huurovereenkomst als bedoeld in artikel 247b van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek geldt; c.die in het betrokken jaar voor het eerst of laatstelijk door de toegelaten instelling of aan een opvolgende huurder zijn verhuurd; d.waarvan de huurprijs in het betrokken jaar is verhoogd als gevolg van een woningverbetering als bedoeld in artikel 255 lid 1 onderdelen a en b van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek; e.waarvan de huurprijs in het betrokken jaar is verhoogd als gevolg van een voorstel daartoe als bedoeld in artikel 252a lid 1 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, mits in afspraken als bedoeld in artikel 44, eerste lid, is opgenomen dat de daarmee gepaard gaande extra huurinkomsten worden ingezet voor investeringen en voor zover deze inkomsten, de in die afspraken overeengekomen investeringsbedragen niet overschrijden, of is verlaagd naar aanleiding van een voorstel daartoe als bedoeld in artikel 252b lid 1 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek; f.waarvan de huurprijs in het betrokken jaar op verzoek van de huurder niet is verhoogd respectievelijk is verlaagd anders dan overeenkomstig artikel 252, 252b of 257 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek dan wel is verhoogd als gevolg van een voorstel daartoe als bedoeld in artikel 252c onderdeel b van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek; g.die een onzelfstandige woonruimte vormen.

  3. 3

    Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder woningen van de toegelaten instelling mede verstaan woningen die de toegelaten instelling verhuurt op grond van artikel 45, zevende lid, onderdeel a.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:770Parket bij de Hoge Raad, 19 juli 2024 (civiel recht)

    Huurrecht woonruimte. Consumentenrecht. Huurprijswijzigingsbeding (CPI plus maximaal 3%). Splitsbaar in indexatiebeding en opslagbeding? Opslagbeding oneerlijk? Gevolgen oneerlijkheid beding.

  • ECLI:NL:PHR:2024:771Parket bij de Hoge Raad, 19 juli 2024 (civiel recht)

    Huurrecht woonruimte. Consumentenrecht. Huurprijswijzigingsbeding (CPI plus maximaal 3%). Splitsbaar in indexatiebeding en opslagbeding? Opslagbeding oneerlijk? Gevolgen oneerlijkheid beding.

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:752Gerechtshof Amsterdam, 17 maart 2026 (civiel recht)

    Tussenarrest. Huurovereenkomst woonruimte voor bepaalde tijd. Artikel 3 lid 1 Richtlijn 93/13/EEG. Huurprijswijzigingsbedingen en kostenbeding oneerlijk? Indexatiebeding niet oneerlijk, opslagbeding…

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:771Gerechtshof Amsterdam, 17 maart 2026 (civiel recht)

    Huur woonruimte. Huurachterstand. Ambtshalve toetsing op oneerlijkheid in de zin van Richtlijn 93/13/EEG van bedingen met betrekking tot huurverhoging, boeterente en proceskosten. Verhuurder dient…

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:89Gerechtshof Amsterdam, 13 januari 2026 (civiel recht)

    Huurovereenkomst woonruimte. Huurprijswijzigingsbedingen en kostenbeding oneerlijk? Indexatiebeding en opslagbeding van maximaal 5%. Incasso- en proceskostenbeding. Artikel 3 lid 1 Richtlijn…

  • ECLI:NL:GHAMS:2025:3360Gerechtshof Amsterdam, 9 december 2025 (civiel recht)

    - Huurovereenkomst woonruimte voor bepaalde tijd. Huurprijswijzigingsbedingen en kostenbeding oneerlijk? Indexatiebeding en opslagbeding van maximaal 5%. Incasso- en proceskostenbeding. Artikel 3 lid…

  • ECLI:NL:RBAMS:2025:11460Rechtbank Amsterdam, 11 november 2025 (verbintenissenrecht)

    Huur. Ambtshalve toetsing. Huurprijswijzigingsbeding, CPI + opslag maximaal 5%. Opslagbeding is oneerlijk en wordt vernietigd. Verjaring. Verklaring voor recht. Tussenvonnis.

  • ECLI:NL:RBAMS:2025:6446Rechtbank Amsterdam, 26 augustus 2025 (civiel recht)

    Huur. Verstek. Ambtshalve toetsing. Huurprijswijzigingsbeding. Opslagbeding van maximaal 5% is oneerlijk en wordt vernietigd. Tussenvonnis.

37 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.