Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES

Huidige tekst

Artikel 20 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES

Geldt sinds 10 oktober 2010

  1. 1

    Partijen verschijnen in persoon voor de rechter, desgewenst door een raadsman bijgestaan, tenzij zij verkiezen zich door een gemachtigde te doen vertegenwoordigen.

  2. 2

    De rechter is bevoegd om in alle gevallen en in elke stand van het geding, de persoonlijke verschijning van een of meer der partijen te gelasten ten einde een vereniging te beproeven indien de zaak hem voor minnelijke schikking vatbaar schijnt.

  3. 3

    De rechter houdt bij de beslissing van de zaak met het niet-verschijnen op een bevel tot persoonlijke verschijning of met een weigering om te antwoorden zodanige rekening, als hij met inachtneming van de wettelijke regels omtrent het bewijs meent te behoren.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.