Wet kinderopvang

Wko

Huidige tekst

Artikel 1.65 Wko

Geldt sinds 1 juli 2021

  1. 1

    Het college van de gemeente waarin zich een kindercentrum, een voorziening voor gastouderopvang of een gastouderbureau bevindt dat de bij of krachtens de artikelen 1.47, eerste lid, 1.48d, tweede en derde lid, 1.49 tot en met 1.59, 1.60a en 1.60c gestelde regels niet of in onvoldoende mate naleeft, kan de houder een schriftelijke aanwijzing geven.

  2. 2

    In een aanwijzing als bedoeld in het eerste lid geeft het college met redenen omkleed aan op welke punten de in het eerste lid bedoelde voorschriften niet of in onvoldoende mate worden nageleefd, alsmede de in verband daarmee te nemen maatregelen.

  3. 3

    De toezichthouder kan een schriftelijk bevel geven aan een kindercentrum, gastouderbureau of voorziening voor gastouderopvang indien hij oordeelt: a.dat de kwaliteit van de kinderopvang bij een kindercentrum of een voorziening voor gastouderopvang zodanig tekortschiet dat het nemen van maatregelen redelijkerwijs geen uitstel kan lijden; of b.dat de kwaliteit van een gastouderbureau zodanig tekort schiet, en daardoor het risico bestaat dat ook de kwaliteit van de gastouderopvang in gevaar komt, dat het nemen van maatregelen redelijkerwijs geen uitstel kan lijden.

  4. 4

    Het bevel, bedoeld in het derde lid, heeft een geldigheidsduur van zeven dagen, welke door het college kan worden verlengd.

  5. 5

    De houder neemt de maatregelen binnen de bij de aanwijzing onderscheidenlijk het bevel gestelde termijn.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBLIM:2022:6688Rechtbank Limburg, 31 augustus 2022 (bestuursrecht)

    Schriftelijke aanwijzing voor een drietal overtredingen op grond van de Wet kinderopvang. Twee van de drie aanwijzingen houden geen stand. De aanwijzing ten aanzien van het temperaturen van de warme…

  • ECLI:NL:RBLIM:2022:6691Rechtbank Limburg, 31 augustus 2022 (bestuursrecht)

    Schriftelijke aanwijzing voor een drietal overtredingen op grond van de Wet kinderopvang. Twee van de drie aanwijzingen houden geen stand. De aanwijzing ten aanzien van het temperaturen van de warme…

  • ECLI:NL:RBZWB:2022:3099Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 2 juni 2022 (bestuursrecht)

    GEMWT

  • ECLI:NL:RBMNE:2022:1390Rechtbank Midden-Nederland, 12 april 2022 (bestuursrecht)

    Boete, aanwijzing, overtreding Wet Kinderopvang, Besluit kwaliteit kinderopvang, bkr bewijslast, vaste gezichtencriterium, cumulatie van boetes, evenredigheid Artikelen 1.49 en 1.50 Wko, artikelen 3…

  • ECLI:NL:RBMNE:2022:1391Rechtbank Midden-Nederland, 12 april 2022 (bestuursrecht)

    Boete, aanwijzing, overtreding Wet Kinderopvang, Besluit kwaliteit kinderopvang, bkr bewijslast, vaste gezichtencriterium, cumulatie van boetes, evenredigheid Artikelen 1.49 en 1.50 Wko, artikel 9…

  • ECLI:NL:RBZWB:2020:6404Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 17 december 2020 (bestuursrecht)

    WET

  • ECLI:NL:RVS:2020:842Raad van State, 25 maart 2020 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 14 maart 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Woensdrecht [appellant] een aanwijzing gegeven om maatregelen te treffen tegen geconstateerde overtredingen van de…

  • ECLI:NL:RBROT:2019:8976Rechtbank Rotterdam, 8 november 2019 (bestuursrecht)

    Tussenuitspraak. Lasten onder dwangsom wegens overtreding van de Wet kinderopvang en het Besluit kwaliteit kinderopvang. Was ten tijde van het bestreden besluit sprake van overtredingen die het…

40 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.