Wet kinderopvang

Wko

Huidige tekst

Artikel 1.58 Wko

Geldt sinds 1 januari 2016

  1. 1

    Een houder van een kindercentrum of van een gastouderbureau stelt binnen zes maanden na de registratie, bedoeld in artikel 1.46, tweede lid, voor elk door hem geëxploiteerd kindercentrum of gastouderbureau een oudercommissie in die tot taak heeft hem te adviseren over de aangelegenheden, genoemd in artikel 1.60.

  2. 2

    De verplichting tot het instellen van een oudercommissie, bedoeld in het eerste lid, geldt niet indien: a.de houder zich aantoonbaar voldoende heeft ingespannen om een oudercommissie in te stellen; en b.het een kindercentrum, waar maximaal 50 kinderen worden opgevangen, of een gastouderbureau, waarbij maximaal 50 gastouders zijn aangesloten, betreft.

  3. 3

    In de situatie, bedoeld in het tweede lid, betrekt de houder de ouders aantoonbaar voldoende op een andere wijze bij de onderwerpen, bedoeld in artikel 1.60, eerste lid, biedt de houder de ouders de gelegenheid deel te nemen aan een oudercommissie, stelt de houder voor die oudercommissie in dat geval een reglement vast en zijn artikel 1.59, tweede tot en met vijfde lid, en artikel 1.60 van overeenkomstige toepassing.

  4. 4

    De leden van de oudercommissie worden gekozen uit en door de ouders van wie de kinderen in het kindercentrum of door tussenkomst van het gastouderbureau worden opgevangen.

  5. 5

    Personen werkzaam bij een kindercentrum onderscheidenlijk gastouderbureau zijn geen lid van de oudercommissie van dat kindercentrum of gastouderbureau.

  6. 6

    De oudercommissie bepaalt haar eigen werkwijze.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBLIM:2022:6688Rechtbank Limburg, 31 augustus 2022 (bestuursrecht)

    Schriftelijke aanwijzing voor een drietal overtredingen op grond van de Wet kinderopvang. Twee van de drie aanwijzingen houden geen stand. De aanwijzing ten aanzien van het temperaturen van de warme…

  • ECLI:NL:RBLIM:2022:6691Rechtbank Limburg, 31 augustus 2022 (bestuursrecht)

    Schriftelijke aanwijzing voor een drietal overtredingen op grond van de Wet kinderopvang. Twee van de drie aanwijzingen houden geen stand. De aanwijzing ten aanzien van het temperaturen van de warme…

  • ECLI:NL:RVS:2019:2549Raad van State, 24 juli 2019 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 18 november 2016 heeft het college het verzoek van Dikkedeur, om de 40 kindplaatsen waarmee haar kindercentrum voor buitenschoolse opvang "Dikkedeur Basis-BSO" in het Landelijk…

  • ECLI:NL:RBAMS:2017:3878Rechtbank Amsterdam, 2 juni 2017 (bestuursrecht)

    Last onder dwangsom + invordering wegens overtredingen van de Wko. Verweerder had het bezwaar tegen het invorderingsbesluit gelijktijdig moeten behandelen met het bezwaar tegen het dwangsombesluit.…

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:BR6519Rechtbank Amsterdam, 1 juni 2011 (bestuursrecht)

    Sluiting kinderdagverblijf. Verweerder heeft zich op het standpunt kunnen stellen dat verzoekster nog steeds niet voldoende maatregelen heeft genomen om de tekortkomingen op te heffen. De belangen…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.