Wet griffierechten burgerlijke zaken

Wgbz

Huidige tekst

Artikel 11 Wgbz

Geldt sinds 1 januari 2026

  1. 1

    Op het griffierecht wordt in mindering gebracht het griffierecht dat reeds is voldaan in de zaak waarop het geding of verzoekschrift betrekking heeft.

  2. 2

    Indien in cassatie in een zaak waarbij een vordering is ingesteld, de eiser de procesinleiding intrekt voordat de verweerder in de procedure is verschenen en uiterlijk in de procedure had kunnen verschijnen, wordt van de eiser een derde deel van het ingevolge artikel 3a verschuldigde griffierecht geheven met een maximum van € 89 voor onvermogenden, € 297 voor natuurlijke personen en € 595 voor rechtspersonen. Indien de eiser het griffierecht reeds heeft voldaan, stort de griffier het te veel betaalde griffierecht aan de eiser terug.

  3. 3

    De eiser in cassatie bericht de griffie schriftelijk dat hij de procesinleiding intrekt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2016:75Parket bij de Hoge Raad, 19 februari 2016 (civiel recht)

    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv); vragen behandeld ondanks schikking (art. 393 lid 9 Rv). Proceskostenveroordeling mogelijk na intrekking kort geding in eerste aanleg? Art. 125-127 resp. 249-250 Rv…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:13507Rechtbank Rotterdam, 11 september 2026 (verbintenissenrecht)

    Eindvonnis na tussenvonnis over afwikkeling huurovereenkomst bedrijfsruimte.

  • ECLI:NL:RBROT:2026:12830Rechtbank Rotterdam, 28 augustus 2026 (verbintenissenrecht)

    Huurovereenkomst sociale huurwoning. Huurder heeft de woning onderverhuurd. Verhuurder eist ontbinding van de huurovereenkomst, de huurder te veroordelen tot ontruiming en afdracht van de winst.…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:10943Rechtbank Rotterdam, 26 augustus 2026 (verbintenissenrecht)

    Eindvonnis na tussenvonnis ECLI:NL:RBROT:2025:11821

  • ECLI:NL:RBROT:2025:13811Rechtbank Rotterdam, 22 oktober 2025 (burgerlijk procesrecht)

    Kort geding. Verstek. Voorzieningenrechter is onbevoegd om kennis te nemen van vorderingen van eiseres sub 2. Artikel 767 Rv schept geen bevoegdheid. Vorderingen van eiseres sub 1 komen niet…

  • ECLI:NL:RBROT:2025:8446Rechtbank Rotterdam, 14 juli 2025 (civiel recht)

    Kort geding. Ontruiming bedrijfsruimte. Betalingsachterstand. Incassokosten volgens staffel. Contractuele boete niet toewijsbaar in kort geding.

  • ECLI:NL:RBGEL:2025:6860Rechtbank Gelderland, 2 juli 2025 (civiel recht)

    Vervolg op: ECLI:NL:RBGEL:2024:9401 en ECLI:NL:RBGEL:2024:9374. Consumentenkoop chalet. Herstel vordering gedeeltelijk toegewezen.

  • ECLI:NL:RBROT:2025:6625Rechtbank Rotterdam, 26 mei 2025 (civiel recht)

    Verzet griffierecht (artikel 29 Wgbz). Toepasselijkheid artikel 4 lid 2 aanhef en onder f Wgbz.

36 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.