Wet arbeid vreemdelingen

Wav

Huidige tekst

Artikel 9 Wav

Geldt sinds 1 januari 2023

  1. 1

    Onze Minister kan een tewerkstellingsvergunning weigeren of Onze Minister van Veiligheid en Justitie kan een gecombineerde vergunning weigeren: a.indien voorzienbaar is dat binnen een redelijke termijn voor de desbetreffende arbeidsplaats prioriteitgenietend aanbod op de arbeidsmarkt beschikbaar zal komen; b.indien het een niet eerder toegelaten vreemdeling betreft, wiens leeftijd niet valt binnen bij ministeriële regeling gestelde leeftijdsgrenzen; c.ingevolge het niet in acht nemen van een beperking waaronder een eerdere vergunning is verleend of wegens het niet naleven van een daaraan verbonden voorschrift; d.indien geen passende huisvesting voor de vreemdeling beschikbaar is; e.indien de werving niet heeft plaatsgevonden op een wijze die voor de desbetreffende sector is overeengekomen bij een convenant dat voldoet aan bij ministeriële regeling gestelde eisen; f.indien door de werkgever anderszins belemmeringen zijn opgeworpen waardoor de arbeidsplaats niet overeenkomstig het bij of krachtens deze wet bepaalde door aanbod op de arbeidsmarkt vervuld kon worden; g.indien de werkgever bij een eerder verleende vergunning het loon, bedoeld in artikel 7, niet over een periode van ten hoogste een maand aan de vreemdeling heeft uitbetaald; h.indien bij de werkgever geen economische activiteit plaatsvindt; i.indien binnen een periode van vijf jaar direct voorafgaande aan de aanvraag voor een tewerkstellingsvergunning of gecombineerde vergunning een tewerkstellingsvergunning of gecombineerde vergunning is ingetrokken wegens het niet naleven van het voorschrift, bedoeld in artikel 10, tweede lid; j.indien de werkgever geen erkende referent is als bedoeld in artikel 1, onderdeel t, van de Vreemdelingenwet 2000 omdat zijn erkenning is ingetrokken of geschorst of omdat zijn aanvraag tot erkenning is afgewezen; k.indien de werkgever een referent is als bedoeld in artikel 1, onderdeel s, van de Vreemdelingenwet 2000 of een erkende referent als bedoeld in artikel 1, onderdeel t, van die wet en hem op grond van artikel 55a van die wet binnen een periode van vijf jaar direct voorafgaande aan de aanvraag voor een tewerkstellingsvergunning of gecombineerde vergunning een bestuurlijke boete is opgelegd of indien hij in die periode is gestraft op grond van artikel 108 van die wet; l.indien de werkgever binnen een periode van vijf jaar direct voorafgaande aan de aanvraag voor een tewerkstellingsvergunning of gecombineerde vergunning een bestuurlijke boete is opgelegd wegens het niet of onvoldoende afdragen van loonbelasting, premies voor de werknemersverzekeringen of premies voor de volksverzekeringen of inkomensafhankelijke bijdrage, dan wel een bestuurlijke boete is opgelegd op grond van een overtreding als bedoeld in: 1°. artikel 10:1 van de Arbeidstijdenwet; 2°. artikel 33 van de Arbeidsomstandighedenwet; 3°. artikel 18b van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag; 4°. artikel 18; of 5°. artikel 16 van de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs; m.indien de werkgever binnen een periode van vijf jaar direct voorafgaande aan de aanvraag voor een tewerkstellingsvergunning of gecombineerde vergunning is gestraft op grond van: 1°. artikel 273f, van het Wetboek van Strafrecht; 2°. artikel 11:3 van de Arbeidstijdenwet; of 3°. artikel 32 van de Arbeidsomstandighedenwet.

  2. 2

    In de ministeriële regeling, bedoeld in het eerste lid, onderdeel e, wordt met betrekking tot de eisen waaraan de convenanten moeten voldoen, in ieder geval opgenomen dat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen: a.partij is bij het convenant; b.Onze Minister in kennis stelt van het voornemen inzake het tot stand brengen van een convenant; c.het convenant in de Staatscourant publiceert.

  3. 3

    Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de toepassing van het eerste lid.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:17768Rechtbank Den Haag, 23 juni 2026 (vreemdelingenrecht)

    Gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid. Derdelander Oekraïne. Advisering door het UWV. Toets aan prioriteitgenietend aanbod. Beroep ongegrond.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:19105Rechtbank Den Haag, 11 juni 2026 (vreemdelingenrecht)

    Gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid (GVVA); UWV-advies is zorgvuldig tot stand gekomen; werkgever heeft eerder niet voldaan aan loonbetalingsverplichting vanaf de ingangsdatum van de…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:19111Rechtbank Den Haag, 11 juni 2026 (vreemdelingenrecht)

    Gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid (GVVA); UWV-advies is zorgvuldig tot stand gekomen; werkgever heeft eerder niet voldaan aan loonbetalingsverplichting vanaf de ingangsdatum van de…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:19113Rechtbank Den Haag, 11 juni 2026 (vreemdelingenrecht)

    Gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid (GVVA); UWV-advies is zorgvuldig tot stand gekomen; werkgever heeft eerder niet voldaan aan loonbetalingsverplichting vanaf de ingangsdatum van de…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:18861Rechtbank Den Haag, 4 juni 2026 (vreemdelingenrecht)

    Aanvraag GVVA, Aziatische horeca, beginselen van behoorlijk bestuur, EVZ-rapport, wervingsinspanningen, beroep ongegrond.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:15055Rechtbank Den Haag, 2 juni 2026 (vreemdelingenrecht)

    Uitspraak van de meervoudige kamer over het vervallen van de Regeling Aziatische horeca en de toets aan specifieke functie-eisen. Nadat de Regeling Aziatische horeca is vervallen, heeft het UWV ook…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:14469Rechtbank Den Haag, 11 mei 2026 (vreemdelingenrecht)

    Aanvraag verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met als doel ‘arbeid in loondienst’. Langdurig ingezetene. Niet is gebleken dat eiser tenminste een jaar legaal verblijf in Nederland heeft…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:9042Rechtbank Den Haag, 3 april 2026 (vreemdelingenrecht)

    Toewijzing verzoek vovo hangende bezwaar. Aziatische kok. Spoedeisend belang. Bezwaar kan redelijke kans van slagen niet worden ontzegd. Belangenafweging in voordeel verzoeker.

103 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.