Warenwet

WaW

Huidige tekst

Artikel 28 WaW

Geldt sinds 22 mei 2002

De in artikel 25 bedoelde ambtenaren zijn, behoudens tegenover hen aan wier gezag zij uit kracht van hun ambt zijn onderworpen, verplicht tot geheimhouding van de namen der personen door wie een klacht is ingediend of aangifte is gedaan van een overtreding van het bij of krachtens deze wet bepaalde, behoudens wanneer deze personen schriftelijk hebben verklaard tegen de mededeling van hun namen geen bedenkingen te hebben.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:1984:AC1393Hoge Raad, 10 april 1984 (strafrecht)

    Broodje medicijn. Bakkers weigeren gebruik van jodiumhoudend broodzout; de art. 7 lid 1 sub m en 8 sub e Broodbesluit vinden geen wettelijke grondslag in art. 16 lid 1 Warenwet.

  • ECLI:NL:PHR:1984:AC1393Parket bij de Hoge Raad, 3 januari 1984 (strafrecht)

    Broodje medicijn. Bakkers weigeren gebruik van jodiumhoudend broodzout; de art. 7 lid 1 sub m en 8 sub e Broodbesluit vinden geen wettelijke grondslag in art. 16 lid 1 Warenwet.

  • ECLI:NL:CBB:2009:BL4453College van Beroep voor het bedrijfsleven, 24 december 2009 (bestuursrecht)

    Warenwet - Warenwetbesluit bereiding en behandeling van levensmiddelen

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.