Warenwet

WaW

Huidige tekst

Artikel 21 WaW

Geldt sinds 9 mei 2025

  1. 1

    Indien waren naar het oordeel van Onze Minister gevaar opleveren voor de veiligheid of de gezondheid van de mens, of indien het technische voortbrengselen betreft, tevens gevaar opleveren voor de veiligheid van zaken, kan hij met het oog op de bescherming van die belangen degene die de waar of het voortbrengsel verhandelt of heeft verhandeld, gelasten om de houders dan wel de vermoedelijke houders van die waar onverwijld en op doeltreffende wijze op de hoogte te stellen van het gevaar. Degene tot wie de last is gericht, geeft daaraan onverwijld gevolg.

  2. 2

    Indien waren, niet zijnde eet- of drinkwaren, naar het oordeel van Onze Minister gevaar opleveren voor de veiligheid of de gezondheid van de mens, of gevaar opleveren voor de veiligheid van zaken, kan hij met het oog op de bescherming van die belangen degene die de waar verhandelt of heeft verhandeld, gelasten de verhandeling daarvan te staken dan wel al de noodzakelijke maatregelen te treffen om die waar terug te nemen. Degene tot wie de last is gericht, geeft daaraan onverwijld gevolg.

  3. 3

    Het niet uitvoeren van een door Onze Minister gegeven last als bedoeld in het tweede lid is een misdrijf.

  4. 4

    Het bepaalde in het eerste tot en met derde lid is niet van toepassing op producten die onder Verordening (EU) 2023/988 vallen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CBB:2025:413College van Beroep voor het bedrijfsleven, 22 juli 2025 (bestuursrecht)

    Hoger beroep. Last aan importeur om houders van een slijpmachine te informeren over het gevaar voor de veiligheid van de mens dat van de machine uitgaat. De minister gaat terecht ervan uit dat…

  • ECLI:NL:RBROT:2024:9306Rechtbank Rotterdam, 5 september 2024 (bestuursrecht)

    Afwijzing verzoek om een voorlopige voorziening. Last onder bestuursdwang m.b.t. glazen die volgens de staatssecretaris niet geschikt zijn voor hete vloeistoffen. De staatssecretaris heeft bij het…

  • ECLI:NL:RBROT:2023:2364Rechtbank Rotterdam, 22 maart 2023 (bestuursrecht)

    Warenwetbesluit machines; Enkelvoudige lastoplegging op grond van artikel 21 lid 1 Warenwet; Verweerder heeft in zijn verweerschrift alsnog voldoende gemotiveerd dat er een gevaar uitgaat van de door…

  • ECLI:NL:RBROT:2021:6495Rechtbank Rotterdam, 29 juni 2021 (bestuursrecht)

    Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder zich voldoende gemotiveerd op het standpunt gesteld dat door eiseres geïmporteerde regenereerapparaten voor oplosmiddelen gevaar opleveren voor de…

  • ECLI:NL:RBROT:2021:5091Rechtbank Rotterdam, 9 juni 2021 (europees bestuursrecht)

    In bezwaar heeft verweerder na een eerdere voorlopige voorziening (ECLI:NL:RBROT:2020:2339) de last deels herroepen en deels gehandhaafd. Schorsing wegens twijfel aan de rechtmatigheid van de last.…

  • ECLI:NL:RBROT:2020:11808Rechtbank Rotterdam, 18 december 2020 (bestuursrecht)

    Last onder dwangsom in verband met onveilig speelgoed. Leeftijdsbepaling: tot 36 of vanaf 36 maanden.

  • ECLI:NL:RBROT:2020:2339Rechtbank Rotterdam, 20 maart 2020 (bestuursrecht)

    Warenwetbesluit machines. Derde partij. Enkelvoudige lastoplegging door de staatssecretaris van SZW aan een importeur van slijpmachines. De voorzieningenrechter heeft ernstige twijfels bij de vraag…

  • ECLI:NL:CBB:2015:311College van Beroep voor het bedrijfsleven, 9 september 2015 (bestuursrecht)

    Hoger beroep. Normen die van toepassing zijn op het contactstopdeel van een batterijlader. Het College onderschrijft het betoog van de minister dat het niet in de normsystematiek past dat op een…

12 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.