Telecommunicatiewet

Tw

Huidige tekst

Artikel 15.1 Tw

Geldt sinds 19 april 2023

  1. 1

    Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet, de eidas-verordening en verordening (EU) 2019/1020, voor zover die betrekking heeft op de in bijlage I van die verordening, onder 49 en 56 genoemde richtlijnen zijn belast de bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaren, voor zover het betreft de bepalingen die betrekking hebben op: a.het gebruik van frequentieruimte; b.de verstrekking van gegevens ten behoeve van het antenneregister, genoemd in artikel 3.23; c.regels ter bescherming van de volksgezondheid als bedoeld in artikel 3.24; d.de oplegging van verplichtingen ten behoeve van de lokale verlening van elektronische communicatiediensten die afhankelijk zijn van het gebruik van radiospectrum als bedoeld in 6.3a; e.prioritering van alarmnummers als bedoeld in artikel 7.7, derde of vierde lid; f.technische regelingen als bedoeld in artikel 8.4a; g.verplichtingen inzake uitzending van programma-aanbod, opgelegd op grond van artikel 8.3; h ter zake van uitrusting of radioapparaten gestelde voorschriften als geregeld in de hoofdstukken 10 en 20 en verordening (EU) 2019/1020, voor zover die betrekking heeft op de in bijlage I van die verordening, onder 49 en 56 genoemde richtlijnen; i. het gebruik van verkeersgegevens en locatiegegevens als geregeld in artikel 11.5, artikel 11.5a onderscheidenlijk artikel 11.13; j. bevoegd aftappen en het bewaren van gegevens als geregeld in hoofdstuk 13; k. buitengewone omstandigheden als geregeld in hoofdstuk 14; l. verdere onderwerpen als bedoeld in de artikelen 11a.1, 11a.2, 11a.3, 12.6, voor zover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, 18.2, voor zover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, 18.4, tweede lid, 18.7, voor zover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, 18.7a, 18.9, 18.12, voor zover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, 18.16, 18.17, 18.17a, 20.2, voor zover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, en 20.14; m. het verlenen van vertrouwensdiensten door in Nederland gevestigde verleners van vertrouwensdiensten als geregeld in hoofdstuk III van de eidas-verordening, met inbegrip van de bijlagen waarnaar in dat hoofdstuk wordt verwezen, en de artikelen 18.15a, voor zover het Onze Minister aangaat, 18.15b tot en met 18.15e, en 18.18 van deze wet; l. bescherming van het publiek belang bij infrastructuur en diensten als geregeld in hoofdstuk 14a.

  2. 2

    De bij besluit van de Autoriteit persoonsgegevens aangewezen ambtenaren zijn belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 11.3a en 11.5b en, voor zover het een inbreuk op de veiligheid of het verlies van integriteit betreft die of dat aanzienlijke gevolgen heeft voor persoonsgegevens, het bepaalde bij en krachtens artikel 18.15a van deze wet en artikel 19, tweede lid van de eidas-verordening.

  3. 3

    De Autoriteit Consument en Markt is belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens andere bepalingen van deze wet dan bedoeld in het eerste en tweede lid en het bepaalde bij of krachtens de roamingverordening en de netneutraliteitsverordening. De vorige volzin is niet van toepassing op het bepaalde bij of krachtens de artikelen 5.1, 5.4, 5.5, 5.6, tweede, derde, vierde en vijfde lid, 5.7, 5.13, 5.14, 5a.6, 5b.1, 5b.2 en 5c.4 van deze wet en voor zover Onze Minister de geadresseerde is.

  4. 4

    Van een besluit als bedoeld in het eerste en tweede lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBROT:2019:414Rechtbank Rotterdam, 24 januari 2019 (bestuursrecht)

    Deze zaak draait om de vraag of ACM het verzoek van Bits of Freedom om handhavend op te treden tegen T-Mobile omdat zij artikel 3 van de netneutraliteitsverordening zou overtreden met de dienst…

  • ECLI:NL:RBROT:2015:22Rechtbank Rotterdam, 8 januari 2015 (bestuursrecht)

    ACM heeft aan eiseres een bestuurlijke opgelegd van € 364.000 wegens overtreding van artikel 11.3 lid 1 in verbinding met artikel 11.2 Telecommunicatiewet (Tw). Anders dan eiseres betoogt, heeft ACM…

  • ECLI:NL:RBROT:2014:7709Rechtbank Rotterdam, 23 september 2014 (bestuursrecht)

    Bestuurlijke boete vanwege het communiceren met een marifoon met een onjuiste ATIS-code.

  • ECLI:NL:CBB:2012:BW9146College van Beroep voor het bedrijfsleven, 22 juni 2012 (bestuursrecht)

    Art. 8:26 Awb geeft het College de bevoegdheid om tot de sluiting van het onderzoek ter zitting belanghebbenden in de gelegenheid te stellen als partij aan het geding deel te nemen en is van openbare…

  • ECLI:NL:RBROT:2012:633Rechtbank Rotterdam, 10 februari 2012 (bestuursrecht)

    Boete opgelegd aan KPN voor overtreding bij de aanbestedingsprocedure van vaste telefonie voor diverse overheidsorganisaties (OT2010)

  • ECLI:NL:RBROT:2011:BU8364Rechtbank Rotterdam, 15 december 2011 (bestuursrecht)

    Een boete van € 30.000,- opgelegd wegens een overtreding van artikel 3.2a van de Regeling universele dienstverlening en eindgebruikersbelangen. In de auditieve tariefmelding die door eiseres werd…

  • ECLI:NL:RBROT:2011:BQ2122Rechtbank Rotterdam, 18 april 2011 (bestuursrecht)

    Boete van € 88.000,-- opgelegd wegens overtredingen van artikel 4.1, eerste lid, van het Besluit universele dienstverlening en eindgebruikersbelangen. Bij de beslissing op bezwaar verlaagd naar €…

  • ECLI:NL:RBROT:2011:BP7350Rechtbank Rotterdam, 10 maart 2011 (bestuursrecht)

    Boete van € 16.000,-- opgelegd wegens overtredingen van artikel 4.1, eerste lid, van het Besluit universele dienstverlening en eindgebruikersbelangen. De overtredingen betreffen het zich toegang…

14 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.