Terug naar alle wetten

Politiewet 2012

Geldende tekst van alle 144 artikelen, ingedeeld volgens het BWB-wettenregister.

Inhoudsopgave

Hoofdstuk 1 Begripsbepalingen

  • Artikel 1In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
  • Artikel 2Ambtenaren van politie in de zin van deze wet zijn:
  • Artikel 2aDe personen die met inachtneming van artikel 96, eerste lid, werkzaam zijn ten behoeve van de Politieacademie, worden…

Hoofdstuk 2 De uitvoering van de politietaak

§ 2.1 De taak van de politie en de politietaken van de Koninklijke marechaussee

  • Artikel 3De politie heeft tot taak in ondergeschiktheid aan het bevoegd gezag en in overeenstemming met de geldende rechtsregels…
  • Artikel 4Aan de Koninklijke marechaussee, die onder het beheer van Onze Minister van Defensie staat, zijn, onverminderd het…
  • Artikel 5Bij regeling van Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Defensie kunnen regels worden gegeven over de…

§ 2.2 Bevoegdheden

  • Artikel 6De ambtenaar van politie is bevoegd zijn taak uit te oefenen in het gehele land.
  • Artikel 7De ambtenaar van politie die is aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, is bevoegd in de rechtmatige…
  • Artikel 8Een ambtenaar van politie die is aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, is bevoegd tot het vorderen van…
  • Artikel 9Bij algemene maatregel van bestuur wordt een ambtsinstructie voor de politie en voor de Koninklijke marechaussee…
  • Artikel 10Alle ambtenaren die zijn belast met een politietaak, verlenen elkaar wederkerig de nodige hulp en betrachten bij…

§ 2.3 Het gezag

  • Artikel 11Indien de politie in een gemeente optreedt ter handhaving van de openbare orde en ter uitvoering van de…
  • Artikel 12Indien de politie optreedt ter strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde, dan wel taken verricht ten dienste van de…
  • Artikel 13De burgemeester en de officier van justitie overleggen regelmatig tezamen met het hoofd van het territoriale onderdeel…
  • Artikel 14Voor zover de Koninklijke marechaussee in een gemeente optreedt ter handhaving van de openbare orde, staat zij onder…
  • Artikel 15De burgemeester is aan de gemeenteraad verantwoording schuldig over het door hem uitgeoefende gezag, bedoeld in de…
  • Artikel 16Onze Minister kan objecten en diensten aanwijzen waarvan bewaking of beveiliging door de politie noodzakelijk is in het…
  • Artikel 17Ten behoeve van de toepassing van de artikelen 15, derde lid, en 16, tweede lid, verstrekken de burgemeesters en Onze…

Hoofdstuk 3 Het beleid ten aanzien van de politie en de organisatie van de politie

Afdeling 3.1 Beleids- en beheersbevoegdheden en kwaliteitszorg op rijksniveau

  • Artikel 18Onze Minister stelt, gehoord het College van procureurs-generaal en de regioburgemeesters, ten minste eenmaal in de…
  • Artikel 19Onze Minister voert, tezamen met de korpschef, ten minste viermaal per jaar overleg met de regioburgemeesters of een…
  • Artikel 20Onze Minister stelt, gehoord het College van procureurs-generaal en de regioburgemeesters, met inachtneming van de…
  • Artikel 21Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent de vereisten voor een goede…
  • Artikel 22Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent de bewapening, de uitrusting en de…
  • Artikel 23Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over:
  • Artikel 23aDe hoofdlijnen van beleid en beheer met betrekking tot de meldkamers, bedoeld in artikel 25a, eerste lid, worden…
  • Artikel 24Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over:

Afdeling 3.2 De inrichting van de politie

§ 3.2.1 Algemene bepalingen

  • Artikel 25Er is een landelijk politiekorps dat bestaat uit de volgende onderdelen:
  • Artikel 25aEen meldkamer is de fysieke plaats waar de meldkamerfunctie, bedoeld in artikel 25b, eerste lid, wordt uitgevoerd.
  • Artikel 25bDe meldkamerfunctie bestaat uit het ontvangen, registreren en beoordelen van meldingen waarbij wordt gevraagd om acute…
  • Artikel 26De politie heeft rechtspersoonlijkheid en is gevestigd in een door Onze Minister aan te wijzen gemeente.

§ 3.2.2 De korpschef

  • Artikel 27De korpschef is belast met de leiding en het beheer van de politie.
  • Artikel 28De korpschef wordt bij koninklijk besluit benoemd, geschorst en ontslagen.
  • Artikel 29De volgende handelingen van de korpschef behoeven de instemming van Onze Minister:
  • Artikel 30Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over het beheer van de politie.
  • Artikel 31Onze Minister kan de korpschef algemene en bijzondere aanwijzingen geven met betrekking tot de uitoefening van diens…
  • Artikel 32De korpschef verstrekt aan Onze Minister, gevraagd en ongevraagd, tijdig de inlichtingen die Onze Minister nodig heeft…

§ 3.2.3 Beleids- en beheerscyclus en bekostiging

  • Artikel 33Onze Minister stelt jaarlijks ten laste van de begroting van zijn ministerie bijdragen ter beschikking aan de politie…
  • Artikel 34Onze Minister stelt jaarlijks een begroting vast voor de politie voor het komende begrotingsjaar alsmede een…
  • Artikel 35Onze Minister stelt jaarlijks een jaarrekening vast van de politie, die mede betrekking heeft op de verantwoording van…
  • Artikel 36Onze Minister verdeelt de sterkte en middelen over de onderdelen van de politie, bedoeld in artikel 25, eerste lid.
  • Artikel 37Onze Minister stelt jaarlijks een beheersplan en een jaarverslag vast voor de politie.

Afdeling 3.3 De regionale eenheden

  • Artikel 38De dagelijkse leiding van een regionale eenheid berust bij de politiechef.
  • Artikel 38aEr is ten minste één wijkagent werkzaam per 5 000 inwoners.
  • Artikel 38bDe gemeenteraad stelt ten minste eenmaal in de vier jaar de doelen vast die de gemeente op het terrein van de…
  • Artikel 38cOnze Minister wijst voor elk gebied waarin een regionale eenheid de politietaak uitvoert voor een periode van vier…
  • Artikel 38dDe regioburgemeester legt over de uitoefening van zijn taken op grond van deze wet en zijn bevoegdheid op grond van…
  • Artikel 39De burgemeesters van de gemeenten in het gebied waarin de regionale eenheid de politietaak uitvoert en de hoofdofficier…
  • Artikel 40Onze Minister kan ten aanzien van het beleidsplan, bedoeld in artikel 39, eerste lid, de nodige aanwijzingen geven aan…
  • Artikel 41De regioburgemeester en de hoofdofficier van justitie overleggen regelmatig met de politiechef van een regionale…

Afdeling 3.3a Bovenlokale afstemming

  • Artikel 41aDe burgemeesters van de gemeenten in het gebied waarin de regionale eenheid de politietaak uitvoert en waarvan de…

Afdeling 3.4 De landelijke eenheden

  • Artikel 42Er zijn een of meer landelijke eenheden.
  • Artikel 43Onze Minister kan de betrokken ambtenaren van politie voor zover het de uitoefening van de taken, bedoeld in artikel…
  • Artikel 44Onze Minister kan, indien hij dit nodig acht in verband met de uitvoering van de taken, bedoeld in artikel 42, eerste…

Afdeling 3.5 Rechtspositie en screening

§ 3.5.1 Algemeen

  • Artikel 44aVoor de toepassing van deze afdeling wordt verstaan onder:
  • Artikel 45Voor zover zij niet bij koninklijk besluit worden benoemd, geschorst en ontslagen, worden de ambtenaren van politie…
  • Artikel 46De aanwijzing van het hoofd van een territoriaal onderdeel van een regionale eenheid, bedoeld in artikel 13, geschiedt…
  • Artikel 47Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden voor de politie voorschriften vastgesteld betreffende:
  • Artikel 47aDe ambtenaar van politie is niet gehouden tot dienstverrichting op voor hem op grond van zijn godsdienst of…
  • Artikel 47bEen ambtenaar van politie, die een functie in publiekrechtelijke colleges, waarin hij is benoemd of verkozen, gezien de…
  • Artikel 47cHet bevoegd gezag maakt geen onderscheid tussen ambtenaren van politie op grond van een verschil in arbeidsduur in de…
  • Artikel 48Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent de rangen van de politie en tekens van bijzondere…

§ 3.5.2 Beslag, terugvordering, verrekening en korting

  • Artikel 48aBeslag omvat in deze paragraaf ook de vordering, bedoeld in artikel 19 van de Invorderingswet 1990.
  • Artikel 48bOp bezoldiging is, voor zover in deze afdeling niet anders is bepaald, beslag mogelijk overeenkomstig de voorschriften…
  • Artikel 48cDoor het bevoegd gezag onverschuldigd betaalde bezoldiging kan worden teruggevorderd.
  • Artikel 48dMet de door het bevoegd gezag verschuldigde bezoldiging kan worden verrekend hetgeen de ambtenaar van politie als…
  • Artikel 48eHet bevoegd gezag kan op de bezoldiging ten behoeve van een schuldeiser van de ambtenaar van politie een korting…
  • Artikel 48fVoor de toepassing van artikel 475b, tweede lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering worden, onverminderd…
  • Artikel 48gIndien verscheidene schuldeisers uit hoofde van beslag of korting aanspraak hebben op een deel van de bezoldiging…
  • Artikel 48hOverdracht, inpandgeving of elke andere handeling, waardoor de ambtenaar van politie enig recht op zijn bezoldiging aan…
  • Artikel 48iBetaling of afgifte aan een gemachtigde, nadat een volmacht tot voldoening of invorderingen van bezoldiging is…

§ 3.5.3 Bepalingen voor ambtenaren van politie die de AOW-gerechtigde leeftijd hebben bereikt

  • Artikel 48jVoor de ambtenaar van politie die de in artikel 7, onderdeel a, van de Algemene Ouderdomswet bedoelde leeftijd heeft…
  • Artikel 48kIndien bij voorschriften of regels op grond van artikel 47, eerste lid, een in acht te nemen termijn van opzegging van…
  • Artikel 48lVoor zover in verband met een reorganisatie arbeidsplaatsen vervallen, wordt de ambtenaar van politie die de in artikel…
  • Artikel 48mDe ambtenaar van politie die de in artikel 48j, eerste lid, bedoelde leeftijd heeft bereikt, kan worden ontslagen op…
  • Artikel 48nIn afwijking van de in artikel 48m, eerste en tweede lid, genoemde termijn van 6 weken, geldt tot een bij koninklijk…
  • Artikel 48oDe op grond van artikel 47, eerste lid, vastgestelde voorschriften of regels, voor zover het de daarin opgenomen…
  • Artikel 48pBij voorschriften of regels op grond van artikel 47, eerste lid, kan ten gunste van de ambtenaar van politie die de in…

§ 3.5.4 Screening

  • Artikel 48qHet verrichten van werkzaamheden als ambtenaar van politie als bedoeld in artikel 2, onder a, b of c, is slechts…
  • Artikel 48rAan een onderzoek naar de betrouwbaarheid wordt onderworpen de betrokkene die werkzaamheden als bedoeld in artikel 48q…
  • Artikel 48sBij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden werkzaamheden aangewezen die een verhoogd risico kunnen vormen…
  • Artikel 48tVoor zover dat voor een goede oordeelsvorming in het kader van het onderzoek naar de betrouwbaarheid noodzakelijk is…
  • Artikel 48uHet onderzoek naar de betrouwbaarheid wordt pas ingesteld nadat het tot aanstelling, schorsing en ontslag bevoegd gezag…
  • Artikel 48vHet bevoegd gezag onderscheidenlijk de korpschef oefent een continue controle uit op:
  • Artikel 48wDe ambtenaar, bedoeld in artikel 48v, eerste lid, onder a, meldt aan het bevoegd gezag een wijziging van feiten of…
  • Artikel 48xHet bevoegd gezag onderscheidenlijk de korpschef kan, indien hem blijkt van feiten of omstandigheden die een hernieuwd…
  • Artikel 48yDe korpschef vraagt de ambtenaar van politie die beschikt over een verklaring omtrent het gedrag ter voldoening van…
  • Artikel 48zHet bevoegd gezag onderscheidenlijk de korpschef is de verwerkingsverantwoordelijke, bedoeld in artikel 4, onder 7, van…

Hoofdstuk 4 De rijksrecherche

  • Artikel 49Er is een rijksrecherche.
  • Artikel 50Het bepaalde bij of krachtens de artikelen 3, 9 en 12 is van overeenkomstige toepassing op de rijksrecherche.
  • Artikel 51Het beheer van de rijksrecherche berust bij het College van procureurs-generaal.
  • Artikel 52Het College van procureurs-generaal stelt ten minste eenmaal in de vier jaar een beleidsplan en jaarlijks een…
  • Artikel 53De ambtenaren van de rijksrecherche worden aangesteld, geschorst en ontslagen door het College van procureurs-generaal.
  • Artikel 54Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over:
  • Artikel 55Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gegeven over de samenwerking van de rijksrecherche met de politie.

Hoofdstuk 5 Bijstand

§ 5.1 Bijstand aan de politie

  • Artikel 56Indien naar het oordeel van het gezag, bedoeld in artikel 11, eerste lid, of artikel 12, eerste lid, een eenheid…
  • Artikel 57De Koninklijke marechaussee kan bijstand verlenen aan de politie.
  • Artikel 58In bijzondere gevallen kunnen andere onderdelen van de krijgsmacht bijstand verlenen aan de politie.
  • Artikel 59Er zijn een of meer bijzondere bijstandseenheden bestaande uit personeel van de politie, de Koninklijke marechaussee of…

§ 5.2 Bijstand aan de rijksrecherche

  • Artikel 60Behoeft de rijksrecherche bijstand van de politie, dan verstrekt het College van procureurs-generaal op aanvraag van de…

§ 5.3 Bijstand aan de Koninklijke marechaussee

  • Artikel 61De politie kan bijstand verlenen aan de Koninklijke marechaussee.
  • Artikel 62In bijzondere gevallen kunnen andere onderdelen van de krijgsmacht bijstand verlenen aan de Koninklijke marechaussee.

Hoofdstuk 6 Toezicht

  • Artikel 65De Inspectie Justitie en Veiligheid, bedoeld in artikel 57 van de Wet veiligheidsregio’s, is met het oog op een goede…
  • Artikel 66De werkzaamheden die in het kader van artikel 65, eerste lid, onder a tot en met d, worden uitgevoerd, worden jaarlijks…
  • Artikel 67Met het toezicht bedoeld in artikel 65, eerste lid, zijn belast de bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaren…

Hoofdstuk 7 De behandeling van klachten

  • Artikel 67aMet de behandeling van en advisering over klachten zijn belast een of meer commissies, bestaande uit onafhankelijke…
  • Artikel 68Onze Minister stelt nadere regels vast over de behandeling van klachten over gedragingen van ambtenaren van politie.
  • Artikel 68aOnze Minister stelt de regels, bedoeld in artikel 68, eerste lid, vast ten aanzien van klachten over gedragingen van:
  • Artikel 69Onze Minister van Defensie stelt de regels, bedoeld in artikel 68, eerste lid, vast ten aanzien van klachten over…
  • Artikel 70De korpschef draagt zorg voor de behandeling van de klacht die is ingediend over een gedraging van een ambtenaar van…
  • Artikel 71Een klacht over een gedraging van een ambtenaar van politie wordt ingediend bij de politiechef van de eenheid waar deze…
  • Artikel 72In afwijking van artikel 9:11, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht wordt de klacht afgehandeld binnen tien…

Hoofdstuk 8 De Politieacademie en de politieonderwijsraad

§ 1 Algemeen

  • Artikel 73Er is een Politieacademie.
  • Artikel 74De Politieacademie heeft tot taak:
  • Artikel 75De Politieacademie kan, na instemming van Onze Minister, andere werkzaamheden uitvoeren, dan de in artikel 74, eerste…
  • Artikel 76De directeur van de Politieacademie en zijn plaatsvervanger worden benoemd, herbenoemd, geschorst en ontslagen bij…
  • Artikel 77De Politieacademie heeft een raad van advies van de Politieacademie.
  • Artikel 78De raad van advies van de Politieacademie bestaat uit ten minste drie en ten hoogste vijf leden, waaronder een…
  • Artikel 79De voorzitter en de overige leden van de raad van advies van de Politieacademie worden benoemd, herbenoemd, geschorst…
  • Artikel 80Ter ondersteuning van de raad van advies van de Politieacademie stelt de directeur van de Politieacademie sterkte…
  • Artikel 81Voor zover bij of krachtens dit hoofdstuk of de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen niet anders is bepaald, worden…

§ 2 Politieonderwijsraad

  • Artikel 82Er is een politieonderwijsraad.
  • Artikel 83De korpschef stelt het door Onze Minister vastgestelde deel van de sterkte als bedoeld in artikel 36, eerste lid…
  • Artikel 84De politieonderwijsraad draagt bij aan het ontwikkelen en onderhouden van een kwalificatiestructuur als bedoeld in…

§ 3 Politieonderwijs

  • Artikel 85Het politieonderwijs is gericht op de verwerving van kennis, inzicht, vaardigheden en houding, nodig voor de…
  • Artikel 86De Politieacademie biedt in samenwerking met de politie het politieonderwijs aan.
  • Artikel 87Onze Minister draagt met het oog op de totstandkoming van een kwalificatiestructuur en de vaststelling van de daarop…
  • Artikel 88De directeur van de Politieacademie stelt de studieduur van de politieopleiding waarbij het niveau overeenkomt met een…
  • Artikel 89De directeur van de Politieacademie draagt er zorg voor dat de politieopleidingen zodanig zijn ingericht dat de…
  • Artikel 90De directeur van de Politieacademie stelt tijdig, ten behoeve van de studenten, voor elke politieopleiding en voor elke…
  • Artikel 91Elke politieopleiding wordt afgesloten met een examen.
  • Artikel 92Elke politieopleiding of groep van politieopleidingen en elke opleiding als bedoeld in artikel 74, eerste lid, onder a…
  • Artikel 93De directeur van de Politieacademie stelt een commissie van beroep voor de examens in.

§ 4 Onderzoek

  • Artikel 94Onze Minister stelt minimaal eenmaal in de vier jaar de strategische onderzoeksagenda vast.
  • Artikel 95De directeur van de Politieacademie stelt jaarlijks, op basis van de in artikel 94 bedoelde strategische…

§ 5 Beheer, planning en bekostiging

  • Artikel 96De korpschef stelt het door Onze Minister vastgestelde deel van de sterkte en middelen als bedoeld in artikel 36…
  • Artikel 97De directeur van de Politieacademie doet een aanbeveling voor en heeft een instemmingsrecht bij:
  • Artikel 98De directeur van de Politieacademie stelt een bestuursreglement vast.
  • Artikel 99Onze Minister stelt jaarlijks ten laste van de begroting van zijn ministerie bijdragen ter beschikking aan de…
  • Artikel 100De directeur van de Politieacademie stelt ten minste eenmaal in de vier jaar een beleidsplan vast.
  • Artikel 101Onze Minister, de korpschef en de directeur van de Politieacademie voeren ten minste viermaal per jaar overleg.
  • Artikel 102De directeur van de Politieacademie draagt er zorg voor dat, zoveel mogelijk in samenwerking met andere…

Hoofdstuk 9 Slotbepalingen

  • Artikel 103Onze Minister zendt binnen vijf jaar na inwerkingtreding van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de…
  • Artikel 104De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de…
  • Artikel 105Deze wet wordt aangehaald als:

Uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Omschrijvingen bij artikelen zijn redactioneel of de openingszin van het artikel. Dit is geen juridisch advies.