Besluit voorkoming dubbele belasting 2001

Bvdb

Huidige tekst

Artikel 10 Bvdb

Geldt sinds 1 januari 2011

Vermindering belasting bij buitenlands inkomen uit werk en woning 1 De in artikel 8 bedoelde vrijstelling voor buitenlands inkomen uit werk en woning wordt voor elke Mogendheid waaruit de belastingplichtige zodanig inkomen geniet afzonderlijk toegepast door een vermindering te verlenen op de verschuldigde inkomstenbelasting. 2 De in het eerste lid bedoelde vermindering is gelijk aan het bedrag dat tot de belasting die zonder de toepassing van dit besluit volgens de Wet inkomstenbelasting 2001 over het belastbare inkomen uit werk en woning verschuldigd zou zijn, in dezelfde verhouding staat als het buitenlands inkomen uit werk en woning uit een Mogendheid staat tot het noemerinkomen. 3 De vermindering, dan wel, ingeval de belastingplichtige uit meer dan een Mogendheid buitenlands inkomen uit werk en woning geniet, het gezamenlijke bedrag van de verminderingen, kan, met inachtneming van de verminderingen volgens andere regelen ter voorkoming van dubbele belasting, niet meer bedragen dan het bedrag van de belasting dat zonder de toepassing van dit besluit volgens de Wet inkomstenbelasting 2001 verschuldigd zou zijn over het belastbare inkomen uit werk en woning. 4 Onder de belasting die zonder de toepassing van dit besluit volgens de Wet inkomstenbelasting 2001 verschuldigd zou zijn over het belastbare inkomen uit werk en woning wordt verstaan: de over het kalenderjaar berekende belasting op het belastbare inkomen uit werk en woning, bedoeld in artikel 2.7, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Wet inkomstenbelasting 2001. 5 Onder noemerinkomen wordt verstaan: het inkomen uit werk en woning verminderd met de – met overeenkomstige toepassing van afdeling 3.13, van de Wet inkomstenbelasting 2001 – te verrekenen negatieve bedragen aan noemerinkomen uit andere jaren. 6 In afwijking van het vijfde lid wordt het noemerinkomen per Mogendheid vermeerderd met de op het inkomen uit werk en woning in het jaar in mindering gebrachte uitgaven voor inkomensvoorzieningen en persoonsgebonden aftrek voorzover deze bij de belastingheffing in die Mogendheid in aanmerking zijn genomen. 7 In afwijking van het vijfde lid, wordt, indien het inkomen van een belastingplichtige hoofdzakelijk uit een Mogendheid afkomstig is en die Mogendheid bij de belastingheffing van het inkomen de persoonlijke- en gezinssituatie van de belastingplichtige volledig in aanmerking neemt, of op grond van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie gehouden is deze volledig in aanmerking te nemen, het noemerinkomen, ook voor de bepaling van de vermindering wegens buitenlands inkomen uit andere Mogendheden, vermeerderd met de op het inkomen uit werk en woning in het jaar in mindering gebrachte uitgaven voor inkomensvoorzieningen en persoonsgebonden aftrek. De vorige volzin is van overeenkomstige toepassing met betrekking tot een Mogendheid, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die als zij een zodanige lidstaat zou zijn, gehouden zou zijn om op grond van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie de persoonlijke- en gezinssituatie volledig in aanmerking te nemen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2013:BZ8595Parket bij de Hoge Raad, 26 maart 2013 (belastingrecht)

    CONCLUSIE PG Voorkoming van dubbele belasting in box 3 voor deels hypothecair gefinancierde Zwitserse tweede woning; bruto of netto? Werkt de grondslagverdeling tussen partners ex. art. 2.17 Wet IB…

  • ECLI:NL:PHR:2013:BX7917Parket bij de Hoge Raad, 25 januari 2013 (belastingrecht)

    Vennootschapsbelasting. Besluit voorkoming dubbele belasting 2001 (tekst 2004). Artikelen 33, 34, 35 en 46 van het Besluit. Stallingswinst kan in het jaar na aandeelhouderswijziging in aanmerking…

  • ECLI:NL:HR:2012:BR6377Hoge Raad, 13 juli 2012 (belastingrecht)

    Artikel 49 VWEU. Geen inbreuk op vrijheid van vestiging. Dubbele belasting. Artikelen 9, lid 1, en 10, lid 2, Bvdb 2001. Artikel 3:79a Wet IB 2001. MKB-winstvrijstelling moet (naar evenredigheid) in…

  • ECLI:NL:PHR:2012:BR6377Parket bij de Hoge Raad, 13 juli 2012 (belastingrecht)

    Artikel 49 VWEU. Geen inbreuk op vrijheid van vestiging. Dubbele belasting. Artikelen 9, lid 1, en 10, lid 2, Bvdb 2001. Artikel 3:79a Wet IB 2001. MKB-winstvrijstelling moet (naar evenredigheid) in…

  • ECLI:NL:GHSHE:2022:3820Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 27 september 2022 (belastingrecht)

    Doorschuifregeling. Artikel 22, lid 2, letter b, belastingverdrag Nederland-Duitsland; artikel 10, lid 3, en artikel 11, lid 1, Bvdb 2001. De Rechtbank heeft terecht geoordeeld dat het beroep…

  • ECLI:NL:GHARL:2020:4173Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 26 mei 2020 (belastingrecht)

    IB/PVV. Uit Duitsland ontvangen uitkeringen. Aftrek ter voorkoming van dubbele belasting. Premie volksverzekeringen. Inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet.

  • ECLI:NL:GHAMS:2020:537Gerechtshof Amsterdam, 11 februari 2020 (belastingrecht)

    Voorkoming dubbele belasting: welk aantal weekenddagen moeten in mindering komen in de noemer van de door de inspecteur toegepaste dagenbreuk bij de berekening van het in Nederland van…

  • ECLI:NL:GHSHE:2019:3836Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 17 oktober 2019 (belastingrecht)

    Belanghebbende woont in België, werkt in Nederland en geniet dividendinkomen uit Nederlandse BV. Belanghebbende is een kwalificerende buitenlandse belastingplichtige als bedoeld in artikel 7.8 Wet IB…

22 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.