Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren

Brra

Huidige tekst

Artikel 33p Brra

Geldt sinds 1 januari 2017

  1. 1

    Aan een rechterlijk ambtenaar, die is aangesteld of aangewezen voor een bepaalde arbeidsduur, kan op zijn eigen verzoek buitengewoon verlof, al dan niet met behoud van bezoldiging, worden verleend. De verlening hiervan geschiedt voor een daarbij te bepalen periode. Aan de verlening kunnen voorschriften worden verbonden.

  2. 2

    Onze Minister, indien het een verzoek betreft van een officier in opleiding, beslist op een verzoek om buitengewoon verlof als bedoeld in het eerste lid niet dan nadat hierover het advies van de functionele autoriteit is ingewonnen.

  3. 3

    Het buitengewoon verlof gaat niet eerder in dan na aanvaarding van dat verlof met de daaraan verbonden voorschriften door de rechterlijk ambtenaar.

  4. 4

    In geval van buitengewoon verlof zonder behoud van bezoldiging heeft de rechterlijk ambtenaar geen aanspraak op vakantie.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2022:132Parket bij de Hoge Raad, 11 februari 2022 (burgerlijk procesrecht)

    Kort geding. Procesrecht, rechtspersonenrecht. Nietigheid hof-arrest wegens 'defungeren' van raadsheer? Aantastbaarheid van schorsingsbesluit en/of ontslagbesluit m.b.t. directeur-bestuurder…

  • ECLI:NL:PHR:2022:134Parket bij de Hoge Raad, 11 februari 2022 (burgerlijk procesrecht)

    Kort geding. Procesrecht, rechtspersonenrecht. Nietigheid hof-arrest wegens 'defungeren' van raadsheer? Aantastbaarheid van ontslagbesluit m.b.t. lid algemeen bestuur (statutair bestuurder) van…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.