Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren

Brra

Huidige tekst

Artikel 33da Brra

Geldt sinds 1 januari 2017

  1. 1

    De aanspraak op wettelijke vakantie-uren vervalt na afloop van één jaar na de laatste dag van het kalenderjaar waarin de aanspraak is ontstaan.

  2. 2

    Indien de rechterlijk ambtenaar redelijkerwijs niet in staat is geweest de wettelijke vakantie-uren binnen de in het eerste lid genoemde termijn op te nemen, staat de functionele autoriteit toe dat van het eerste lid wordt afgeweken. In dat geval vervalt de aanspraak alsnog na verloop van vijf jaren na de laatste dag van het kalenderjaar waarin de aanspraak is ontstaan.

  3. 3

    De aanspraak op bovenwettelijke vakantie-uren vervalt na verloop van vijf jaren na de laatste dag van het kalenderjaar waarin deze aanspraak is ontstaan.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.