Algemene nabestaandenwet

Anw

Huidige tekst

Artikel 1 Anw

Geldt sinds 1 oktober 2023

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a.Onze Minister: Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid; b.premie voor de volksverzekeringen: de premie voor de volksverzekeringen, bedoeld in de Wet financiering sociale verzekeringen; c.de Sociale verzekeringsbank: de Sociale verzekeringsbank, genoemd in hoofdstuk 6 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen; d.nabestaande: de echtgenoot van degene, die op de dag van overlijden verzekerd is op grond van deze wet; e.vervallen; f.wezenuitkering: uitkering voor een kind dat ouderloos is geworden door het overlijden van degene die op de dag van overlijden verzekerd is op grond van deze wet; g.lichaam: een rechtspersoon, een maat- en vennootschap, een samenwerkingsvorm zonder rechtspersoonlijkheid die met een vereniging kan worden gelijkgesteld, een onderneming van publiekrechtelijke rechtspersonen en een doelvermogen; h.vreemdeling: hetgeen daaronder wordt verstaan in de Vreemdelingenwet 2000; i.gezamenlijke huishouding: een gezamenlijke huishouding als bedoeld in artikel 3, tweede tot en met zesde lid; j.hulpbehoevende: de persoon die vanwege ziekte of een of meer stoornissen van lichamelijke, verstandelijke of geestelijke aard blijvend niet in staat is een eigen huishouding te voeren daar hij dagelijks is aangewezen op intensieve zorg van anderen; k.gezamenlijke huishouding ten behoeve van de verzorging van een hulpbehoevende: 1°. de gezamenlijke huishouding van een nabestaande met een hulpbehoevende, indien de nabestaande of de overleden verzekerde een huishouding is gaan voeren met het doel de hulpbehoevende te gaan verzorgen; of 2°. de gezamenlijke huishouding van een nabestaande die hulpbehoevende is met een ander, indien de nabestaande een huishouding is gaan voeren met het doel door die ander te worden verzorgd; l.rechtens zijn vrijheid is ontnomen: rechtens zijn vrijheid is ontnomen, behoudens de gevallen, bedoeld in de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg en in de Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten; m.justitiële inrichting: een penitentiaire inrichting, een instelling voor de verpleging van ter beschikking gestelden, of een inrichting als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen; n.continentaal plat: de exclusieve economische zone van het Koninkrijk, bedoeld in artikel 1 van de Rijkswet instelling exclusieve economische zone, voor zover deze grenst aan de territoriale zee van Nederland; o.vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel: een bij onherroepelijk geworden vonnis opgelegde vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel als bedoeld in het Wetboek van Strafrecht; p.pensioengerechtigde leeftijd: de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet; q.uitreiziger: persoon ten aanzien van wie op grond van een melding van de opsporingsdiensten of inlichtingen- en veiligheidsdiensten, gericht aan de Sociale verzekeringsbank, is gebleken dat het gegronde vermoeden bestaat dat deze persoon zich buiten Nederland bevindt met het doel om zich aan te sluiten bij een organisatie die is geplaatst op de lijst van organisaties, bedoeld in artikel 14, vierde lid, van de Rijkswet op het Nederlanderschap.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CRVB:2026:175Centrale Raad van Beroep, 12 februari 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Afwijzing herhaalde aanvraag om een ANW-uitkering toe te kennen. Terecht geoordeeld dat geen sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden. Bestreden besluit niet evident onjuist. Wat betreft de…

  • ECLI:NL:CRVB:2024:864Centrale Raad van Beroep, 2 mei 2024 (socialezekerheidsrecht)

    Weigering nabestaandenuitkering toe te kennen op de grond dat appellant geen nabestaande is in de zin van de ANW. In hoger beroep heeft de Svb erkend dat appellant wel nabestaande is, omdat sprake is…

  • ECLI:NL:CRVB:2024:869Centrale Raad van Beroep, 23 april 2024 (socialezekerheidsrecht)

    Intrekking en terugvordering nabestaandenuitkering. Gezamenlijke huishouding. Incidenteel hoger beroep slaagt. De rechtbank heeft ten onrechte maar één van de twee primaire besluiten herroepen en de…

  • ECLI:NL:CRVB:2024:492Centrale Raad van Beroep, 28 februari 2024 (socialezekerheidsrecht)

    Afwijzing verzoek om herziening. De Svb heeft met juistheid geconcludeerd dat appellante niet voldoet aan de voorwaarden voor toekenning van een NAW-uitkering.

  • ECLI:NL:CRVB:2023:53Centrale Raad van Beroep, 11 januari 2023 (socialezekerheidsrecht)

    Aanvraag nabestaandenuitkering terecht afgewezen. Appellante is geen nabestaande in de zin van de Anw. Geen sprake van een gezamenlijke huishouding. De Svb heeft zich terecht op het standpunt gesteld…

  • ECLI:NL:CRVB:2019:3098Centrale Raad van Beroep, 26 september 2019 (socialezekerheidsrecht)

    Nabestaandenuitkering terecht door de Svb beëindigd wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd van 65 jaar en negen maanden.

  • ECLI:NL:CRVB:2014:2032Centrale Raad van Beroep, 21 mei 2014 (socialezekerheidsrecht)

    Intrekking en (mede)terugvordering van bijstand. Intrekking en terugvordering van pgb; afwijzing van verlengingsaanvraag; ingangsdatum toewijzing van pgb voor huishoudelijke hulp. Gezamenlijke…

  • ECLI:NL:CRVB:2012:BX9422Centrale Raad van Beroep, 5 oktober 2012 (socialezekerheidsrecht)

    De rechtbank heeft bij de aangevallen uitspraak correct vastgesteld dat appellante voorafgaande aan het besluit op bezwaar geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden in de zin van…

26 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.