Alcoholwet

Huidige tekst

Artikel 24 Alcoholwet

Geldt sinds 1 april 2024

  1. 1

    Het is verboden een horecalokaliteit of een slijtlokaliteit voor het publiek geopend te houden indien in de inrichting niet aanwezig is: a.een leidinggevende of een persoon aangewezen krachtens artikel 30b die vermeld staat op het aanhangsel bij de vergunning, bedoeld in artikel 29, tweede lid, met betrekking tot die inrichting of een andere vergunning van dezelfde vergunninghouder of b.een persoon wiens bijschrijving op grond van artikel 30a, eerste lid, is gevraagd, mits de ontvangst van die aanvraag is bevestigd, zolang nog niet op die aanvraag is beslist of c.een onmiddellijk leidinggevende als bedoeld in artikel 8, zesde lid.

  2. 2

    In afwijking van het eerste lid is het een paracommerciële rechtspersoon verboden een horecalokaliteit, gedurende de tijd dat daar alcoholhoudende drank wordt verstrekt, geopend te houden, indien in de inrichting niet aanwezig is: a.een leidinggevende die vermeld staat op het aanhangsel bij de vergunning, bedoeld in artikel 29, tweede lid, met betrekking tot die inrichting of een andere vergunning van dezelfde vergunninghouder of b.een persoon wiens bijschrijving op grond van artikel 30a, eerste lid, is gevraagd, mits de ontvangst van die aanvraag is bevestigd, zolang nog niet op die aanvraag is beslist of c.een barvrijwilliger die een voorlichtingsinstructie als bedoeld in artikel 9, tweede lid, heeft gekregen.

  3. 3

    Het is verboden in een slijtlokaliteit of horecalokaliteit, gedurende de tijd dat daarin dranken worden verstrekt, personen jonger dan 16 jaar dienst te laten doen.

  4. 4

    Indien dit voor de naleving van artikel 20, eerste en tweede lid, noodzakelijk is, kan bij algemene maatregel van bestuur de leeftijd, genoemd in het derde lid, op 18 jaar worden gesteld, met dien verstande dat zulks alsdan niet geldt voor personen die alcoholhoudende drank verstrekken in het kader van een in de maatregel aan te geven beroepsopleiding.

  5. 5

    Het derde lid en, indien van toepassing de algemene maatregel van bestuur krachtens het vierde lid, zijn niet van toepassing op personen die de in die leden genoemde leeftijd nog niet hebben bereikt en die alcoholhoudende drank verstrekken in het kader van onderwijs als bedoeld in: a.artikel 2.26, tweede lid, onderdelen f, h, i en j, van de Wet voortgezet onderwijs 2020; b.artikel 2.27, tweede lid, onderdelen f, h, i en j, van de Wet voortgezet onderwijs 2020; c.artikel 2.29 van de Wet voortgezet onderwijs 2020; d.artikel 2.102 van de Wet voortgezet onderwijs 2020; e.artikel 2.103 van de Wet voortgezet onderwijs 2020; f.artikel 2.107a van de Wet voortgezet onderwijs 2020, in samenhang met de artikelen 2.26, tweede lid, onderdelen, f, h, i, en j, en 2.27, tweede lid, onderdelen f, h, i, en j, van die wet; g.artikel 2.107l van de Wet voortgezet onderwijs 2020 in samenhang met artikel 2.26, tweede lid, onderdelen, f, h, i, en j, van die wet; h.artikel 14a van de Wet op de expertisecentra in samenhang met de artikelen 2.26, tweede lid, onderdelen, f, h, i, en j, en 2.27, tweede lid, onderdelen f, h, i, en j, van de Wet voortgezet onderwijs 2020; en i.artikel 14c van de Wet op de expertisecentra.

  6. 6

    Het eerste lid, onder c, is niet van toepassing op een horecalokaliteit of slijtlokaliteit behorend bij een horecabedrijf of slijtersbedrijf aangewezen krachtens artikel 30b.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RVS:2026:3922Raad van State, 15 juli 2026 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 17 december 2019 heeft de burgemeester van Utrecht aan Sam Companies twee lasten onder dwangsom opgelegd. Aan het besluit heeft de burgemeester ten grondslag gelegd dat de inspecteur…

  • ECLI:NL:RBZWB:2025:2689Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 2 mei 2025 (omgevingsrecht)

    Beroep tegen bestuurlijke boetes vanwege overtredingen van de Alcoholwet.

  • ECLI:NL:RBDHA:2024:10053Rechtbank Den Haag, 1 juli 2024 (bestuursrecht)

    Intrekking van een exploitatievergunning. Verweerder heeft in een jaar tijd drie keer geconstateerd dat de horeca-inrichting geopend was voor publiek, zonder dat de ondernemer of een leidinggevende…

  • ECLI:NL:RBNHO:2023:7471Rechtbank Noord-Holland, 11 mei 2023 (bestuursrecht)

    Voorlopige voorziening. Vervroeging sluitingstijden op grond van APV. Uit het horecasanctiebeleid volgt dat bij een tweede overtreding de sluitingstijd wordt vervroegd tot 23:00 uur op vrijdag- en…

  • ECLI:NL:RBMNE:2023:1854Rechtbank Midden-Nederland, 6 april 2023 (bestuursrecht)

    Wet bibob, weigering horeca-exploitatievergunning en terrasvergunning. Uit de strafbare feiten die bij de beoordeling kunnen worden betrokken blijkt niet van een ernstig gevaar dat de vergunning mede…

  • ECLI:NL:RBROT:2022:8567Rechtbank Rotterdam, 12 oktober 2022 (omgevingsrecht)

    Omgevingsvergunning voor wijzigen gebruik deel van het pand voor detailhandel alsmede verlenen Dhw-vergunning. Geen verslechtering qua parkeren. Beroepen ongegrond.

  • ECLI:NL:RBGEL:2018:3194Rechtbank Gelderland, 18 juli 2018 (bestuursrecht)

    Verzoekster exploiteert een café in Nijmegen. In dat café werd gehandeld in cocaïne. Daarom heeft de burgemeester de drank- en horecawetvergunning ingetrokken en het café voor een jaar gesloten met…

  • ECLI:NL:RVS:2018:1280Raad van State, 18 april 2018 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 21 december 2015 heeft de burgemeester besloten tot afwijzing van het verzoek van de SlijtersUnie om handhavend op te treden tegen Vomar vanwege het overtreden van artikel 24 van de…

19 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.