Wet op de bijzondere opsporingsdiensten

Wbo

Huidige tekst

Artikel 6 Wbo

Geldt sinds 1 januari 2013

  1. 1

    De opsporingsambtenaar is bevoegd in de rechtmatige uitoefening van zijn taak geweld te gebruiken, wanneer het daarmee beoogde doel dit, mede gelet op de aan het gebruik van geweld verbonden gevaren, rechtvaardigt en dat doel niet op een andere wijze kan worden bereikt.

  2. 2

    Aan het gebruik van geweld gaat zo mogelijk een waarschuwing vooraf.

  3. 3

    De opsporingsambtenaar is bevoegd tot het onderzoek aan de kleding van personen bij de uitoefening van een hem wettelijk toegekende bevoegdheid of bij een handeling ter uitvoering van zijn taak, indien uit feiten of omstandigheden blijkt dat een onmiddellijk gevaar dreigt voor hun leven of veiligheid, die van de opsporingsambtenaar zelf of van derden en dit onderzoek noodzakelijk is ter afwending van dit gevaar.

  4. 4

    De uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in het eerste en derde lid, dient in verhouding tot het beoogde doel redelijk en gematigd te zijn.

  5. 5

    Met overeenkomstige toepassing van artikel 9 van de Politiewet 2012 wordt een ambtsinstructie voor de opsporingsambtenaren vastgesteld.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2023:807Parket bij de Hoge Raad, 26 september 2023 (strafrecht)

    Conclusie AG. Verdachte (een politieman) veroordeeld wegens poging tot doodslag. Middelen over (1) voorwaardelijk opzet en (2) niet toepassen art. 372 Sr met een beroep op art. 1.2 Sr (lex mitior).…

  • ECLI:NL:HR:2022:1896Hoge Raad, 20 december 2022 (strafrecht)

    Zware mishandeling door politieagent bij aanhouding verdachte (art. 302 Sr). Is door inwerkingtreding art. 372 Sr (Wet geweldsaanwending opsporingsambtenaar) sprake van verandering van wetgeving als…

  • ECLI:NL:PHR:2022:892Parket bij de Hoge Raad, 4 oktober 2022 (strafrecht)

    Conclusie AG. Verdachte (een politieman) veroordeeld wegens zware mishandeling. Middelen over (M1) opzet, (M2) verwerping beroep (putatieve) noodweer(exces) en (M3) niet toepassen art. 372 Sr, beroep…

  • ECLI:NL:PHR:2020:1106Parket bij de Hoge Raad, 24 november 2020 (strafrecht)

    Conclusie AG. Vervolging van een politieagent n.a.v. de dood van arrestant. De conclusie gaat in op de afscherming van de identiteit van de verdachte en de ontvankelijkheid van het cassatieberoep.…

  • ECLI:NL:RVS:2025:3838Raad van State, 13 augustus 2025 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 19 augustus 2023 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand aan [appellant A] een vergoeding toegekend voor aan [appellant B] verleende rechtsbijstand van € 881,44. Op 4 maart…

  • ECLI:NL:RBMNE:2025:40Rechtbank Midden-Nederland, 9 januari 2025 (strafrecht)

    Blauwe kamer. Verdachte heeft geweld gebruikt tijdens zijn werk als politieambtenaar door met zijn politievoertuig het slachtoffer aan te rijden. Het slachtoffer heeft als gevolg hiervan lichamelijk…

  • ECLI:NL:RBMNE:2024:5976Rechtbank Midden-Nederland, 28 oktober 2024 (strafrecht)

    Verdachte heeft geweld gebruikt tijdens zijn werk als hoofdagent bij de politie, door driemaal met een wapenstok richting het lichaam of het hoofd van aangever te slaan. Aangever heeft als gevolg…

  • ECLI:NL:PHR:2020:592Parket bij de Hoge Raad, 16 juni 2020 (strafrecht)

    Conclusie AG. Veroordeling wegens poging tot doodslag van politieambtenaar die vuurwapengeweld heeft gebruikt bij aanhouding. Vijf middelen. Falende middelen over (1) verwerping beroep op art. 42 Sr…

10 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.