Wet op de bijzondere opsporingsdiensten

Wbo

Huidige tekst

Artikel 7 Wbo

Geldt sinds 1 maart 2019

  1. 1

    Het College van procureurs-generaal ziet erop toe dat de bijzondere opsporingsdiensten de taken, bedoeld in artikel 3, naar behoren uitvoeren.

  2. 2

    Het hoofd van het functioneel parket heeft tot taak erop toe te zien dat: a.de opsporingsambtenaar beschikt over de bekwaamheid en betrouwbaarheid die noodzakelijk zijn voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden; b.de opsporingsambtenaar zijn taak op de juiste wijze uitoefent.

  3. 3

    Bij algemene maatregel van bestuur, op voordracht van Onze Minister van Veiligheid en Justitie, worden regels gegeven met betrekking tot de bekwaamheid en betrouwbaarheid die noodzakelijk zijn voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden.

  4. 4

    Het bepaalde in het eerste lid laat het bepaalde in artikel 126nba, achtste lid, van het Wetboek van Strafvordering onverlet.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:GHSGR:2010:BL3061Gerechtshof 's-Gravenhage, 9 februari 2010 (civiel recht)

    Kort geding. Ontvankelijkheid van borstkankervereniging in zaak over preventief bevolkingsonderzoek. Civiele rechtsgang en bestuurlijke rechtsgang tegen vergunningverlening. Leeftijdsgrens is…

  • ECLI:NL:RBSGR:2007:BB6695Rechtbank 's-Gravenhage, 30 oktober 2007 (civiel recht)

    Eiseressen vorderen - zakelijk weergegeven - de Staat op straffe van een dwangsom te veroordelen om de leeftijdsgrens van 75 jaar bij het bevolkingsonderzoek op borstkanker (BOB) af te schaffen. Zij…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.