Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen

WAM

Huidige tekst

Artikel 34 WAM

Geldt sinds 1 januari 2015

  1. 1

    Indien uit het door de Dienst Wegverkeer aangehouden register niet blijkt dat ten aanzien van een motorrijtuig met betrekking waartoe gedurende een bepaald tijdvak een verplichting tot verzekering bestaat of heeft bestaan, gedurende dat tijdvak is voldaan aan de verzekeringsplicht uit hoofde van deze wet, kan een ambtenaar als bedoeld in artikel 37 van degene, op wiens naam dat motorrijtuig in het kentekenregister is ingeschreven, vorderen dat hij aantoont dat niettemin aan de verzekeringsplicht gedurende dat tijdvak voldaan is.

  2. 2

    Degene tot wie de vordering is gericht, kan daaraan voldoen door binnen een nader door de in het eerste lid bedoelde ambtenaar te bepalen termijn, welke echter niet korter mag zijn dan veertien dagen, een van een verzekeraar afkomstig geschrift op een hem opgegeven plaats ter inzage te verstrekken. Uit het geschrift moet blijken dat gedurende het tijdvak de aansprakelijkheid waartoe het motorrijtuig aanleiding kan geven, was gedekt door een verzekering overeenkomstig deze wet. De verzekeraar is gehouden een zodanig geschrift af te geven zo spoedig mogelijk, doch in ieder geval binnen tien dagen, nadat hem een daartoe strekkend verzoek heeft bereikt.

  3. 3

    Degene die niet aan de in het eerste lid bedoelde vordering voldoet, wordt gestraft met een hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie. Het zesde tot en met het achtste lid van artikel 30 zijn van overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2021:1030Parket bij de Hoge Raad, 2 november 2021 (strafrecht)

    Concl. plv-AG. Niet-ontvankelijk in h.b. wegens door verdachte ingetrokken hoger beroep, per e-mail kenbaar gemaakt aan het hof. Art. 453.1 Sv. Is oordeel hof dat de intrekking “ondubbelzinnig en…

  • ECLI:NL:PHR:2021:1031Parket bij de Hoge Raad, 2 november 2021 (strafrecht)

    Concl. plv-AG. Niet-ontvankelijk in h.b. wegens door verdachte ingetrokken hoger beroep, per e-mail kenbaar gemaakt aan het hof. Art. 453.1 Sv. Is oordeel hof dat de intrekking “ondubbelzinnig en…

  • ECLI:NL:PHR:2018:1417Parket bij de Hoge Raad, 6 november 2018 (strafrecht)

    Herziening. Overtreding van art. 30.4 WAM. Auto op de pleegdatum wel verzekerd overeenkomstig de WAM? Op gronden vermeld in de CAG kan het aangevoerde niet worden aangemerkt als een gegeven a.b.i.…

  • ECLI:NL:HR:2014:58Hoge Raad, 14 januari 2014 (strafrecht)

    HR verklaart de aanvraag tot herziening gegrond.

  • ECLI:NL:RBZWB:2025:5185Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 25 juni 2025 (strafrecht)

    Gegrond: beroep tegen verkeersboete, gedraging staat niet vast, gegrond.

  • ECLI:NL:RBZWB:2024:7875Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 11 oktober 2024 (strafrecht)

    Gedeeltelijk gegrond: beroep tegen verkeersboete, gedraging staat vast, reden om boete te matigen, gedeeltelijk gegrond.

  • ECLI:NL:RBZWB:2024:5492Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 2 juli 2024 (strafrecht)

    Gedeeltelijk gegrond: beroep tegen verkeersboete, gedraging staat vast, reden om boete te matigen, gedeeltelijk gegrond.

  • ECLI:NL:GHARL:2021:10529Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 12 november 2021 (bestuursstrafrecht)

    Onverzekerd voertuig. Matiging van de sanctie. De betrokkene heeft na een incidentele betalingsachterstand onmiddellijk actie ondernomen en vóór de datum van de registercontrole aan zijn…

67 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.