Huidige tekst
Artikel 31 Verdrag nopens een eenvormig stelsel voor de meting van zeeschepen
Indien het meetdek onderbroken wordt, en het dek naar een hoger of lager vlak verspringt, moeten de holten van de dwarsdoorsneden ter plaatse van het verhoogde of verzonken dek tot de onderzijde van dit dek worden gemeten. De aldus verkregen holten behoren daarna met de hoogte van de sprong te worden verminderd of vermeerderd (zie figuur 36). Indien zich onder het meetdek een inspringend deel bevindt, dat naar buitenboord geheel open is en daardoor niet in de bruto inhoud kan worden begrepen (b.v. de bun van een walvisvaarder) moet zulk een deel afzonderlijk berekend en van de onderdeksinhoud afgetrokken worden.