Regeling langdurige zorg

Rlz

Huidige tekst

Artikel 5.16 Rlz

Geldt sinds 1 januari 2019

  1. 1

    De verzekerde sluit een schriftelijke overeenkomst met iedere zorgaanbieder of mantelzorger die hij ten laste van zijn persoonsgebonden budget zorg laat verlenen, behalve voor zover reeds vervoer bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, onderdeel f, van de wet van die zorgaanbieder of mantelzorger is betrokken.

  2. 2

    Zorgovereenkomsten worden opgesteld volgens de meest recente door de Sociale verzekeringsbank vigerende vastgestelde toepasselijke modelovereenkomsten, die beschikbaar waren gesteld ten tijde van het afsluiten van de zorgovereenkomst, en bevatten bovendien ten minste: a.de wijze waarop de zorgaanbieder of mantelzorger voorziet in de behoefte aan zorg van de verzekerde; b.de verplichting dat een declaratie de vereiste gegevens, bedoeld in artikel 5.23, tweede lid, bevat of, indien van toepassing, dat wordt gebruikgemaakt van periodiek maandbetalingen; c.een beding, inhoudende dat het zorgkantoor een vordering heeft op de persoon die ten laste van het persoonsgebonden budget zorg levert indien het persoonsgebonden budget naar aanleiding van toerekenbaar handelen van die persoon is ingetrokken of herzien, ter hoogte van het bedrag dat gelijk is aan het door die persoon vanwege dat toerekenbaar handelen ten laste van het persoonsgebonden budget ten onrechte ontvangen bedrag; d.indien de uitkering van vakantiebijslag als bedoeld in de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag van toepassing is, een beding, inhoudende dat in het te betalen bruto loon het vakantiegeld is verdisconteerd.

  3. 3

    De overeenkomst, bedoeld in het eerste lid, behoeft de goedkeuring van het zorgkantoor en de Sociale verzekeringsbank.

  4. 4

    Het zorgkantoor kan de goedkeuring slechts geven, indien: a.de zorgovereenkomst voldoet aan de eisen, bedoeld in het tweede lid; b.uit de omschrijving van de wijze waarop de zorgverlener voorziet in de behoefte aan zorg van de verzekerde, blijkt dat de overeenkomst: 1° strekt tot de inkoop van persoonlijke verzorging, verpleging, begeleiding, huishoudelijke hulp en vervoer naar een plaats waar de verzekerde gedurende een dagdeel begeleiding of behandeling ontvangt; 2° strekt tot inkoop van logeeropvang; of 3° betrekking heeft op de kosten van zorginfrastructuur als bedoeld in artikel 5.17, eerste lid, onderdeel b.

  5. 5

    De Sociale verzekeringsbank kan haar goedkeuring slechts onthouden wegens strijd met het recht, of in het belang van de uitvoerbaarheid van het persoonsgebonden budget of van het budgetbeheer, bedoeld in artikel 3.3.3, zevende lid, van de wet.

  6. 6

    Een wijziging van een goedgekeurde zorgovereenkomst wordt onmiddellijk met een formulier aan de Sociale verzekeringsbank kenbaar gemaakt door middel van invulling van een daartoe door de Sociale verzekeringsbank beschikbaar gesteld modelformulier.

  7. 7

    Voor de toepassing van het derde, vijfde en zesde lid treedt een door de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aangewezen zorgkantoor in de plaats van de Sociale verkeringsbank voor zover het de goedkeuring van de zorgovereenkomst van een verzekerde aan wie het zorgkantoor een persoonsgebonden budget verleent en het kenbaar maken van een wijziging van die zorgovereenkomst betreft. Het zorgkantoor bericht de Sociale verzekeringsbank onmiddellijk van een wijziging van de zorgovereenkomst.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:1511Rechtbank Gelderland, 2 maart 2026 (bestuursprocesrecht)

    Beroepen ongegrond, geen rechtstreeks belang bij afkeuringsbesluiten.

  • ECLI:NL:RBMNE:2025:5433Rechtbank Midden-Nederland, 29 september 2025 (socialezekerheidsrecht)

    Wlz - aanvraag pgb - niet aannemelijk gemaakt dat aan verplichtingen pgb zal worden voldaan - beroep ongegrond

  • ECLI:NL:RBNNE:2024:4825Rechtbank Noord-Nederland, 6 december 2024 (socialezekerheidsrecht)

    MK. Beroep gegrond. Geen deugdelijke motivering intrekking pgb. Intrekking obv (onder meer) camerabeelden buren. "Zo-zeer indruist' criterium. Beelden behoefden niet uitgesloten te worden van bewijs…

  • ECLI:NL:RBAMS:2024:6029Rechtbank Amsterdam, 2 oktober 2024 (bestuursprocesrecht)

    Beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring van bezwaar tegen brief van het Zorgkantoor. In de brief staat dat de door eiseres ingestuurde stukken niet correct zijn. Eiseres stelt dat de brief een…

  • ECLI:NL:RBGEL:2024:1529Rechtbank Gelderland, 20 maart 2024 (socialezekerheidsrecht)

    Beroep van eiseres tegen de afwijzing van de aanvraag voor een persoonsgebonden budget (pgb) op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz) ongegrond. Per gewenste ingangsdatum niet voldaan aan de, in…

  • ECLI:NL:RBZWB:2024:956Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 9 februari 2024 (bestuursrecht)

    WLZ

  • ECLI:NL:RBGEL:2023:6751Rechtbank Gelderland, 13 december 2023 (socialezekerheidsrecht)

    Wlz. Afwijzing zorgovereenkomst (zorgverlener verleent geen kwalitatief verantwoorde en doelmatige Wlz-zorg). Het zorgkantoor was bevoegd de zorgovereenkomst af te wijzen. Artikel 5.16 tweede en…

  • ECLI:NL:RBGEL:2023:6752Rechtbank Gelderland, 13 december 2023 (socialezekerheidsrecht)

    Wlz. Afwijzing zorgovereenkomst (zorgverlener verleent geen kwalitatief verantwoorde en doelmatige Wlz-zorg). Het zorgkantoor was bevoegd de zorgovereenkomst af te wijzen. Artikel 5.16 tweede en…

35 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.