Regeling langdurige zorg

Rlz

Huidige tekst

Artikel 2.2 Rlz

Geldt sinds 1 januari 2026

  1. 1

    Een verzekerde heeft recht op meer zorg dan waarop hij op grond van het hem geïndiceerde zorgprofiel of zorgzwaartepakket recht heeft, voor zover naar het oordeel van de Wlz-uitvoerder of het zorgkantoor meer zorg nodig is om te voorzien in zijn behoefte aan zorg en: a. de verzekerde krachtens zijn indicatiebesluit is aangewezen op zorgprofiel: – VV Beschermd wonen met zeer intensieve zorg vanwege specifieke aandoeningen, met de nadruk op begeleiding, – VV Beschermd wonen met zeer intensieve zorg vanwege specifieke aandoeningen, met de nadruk op verzorging/verpleging, – VG Wonen met intensieve begeleiding en intensieve verzorging, – VG (Besloten) wonen met zeer intensieve begeleiding, verzorging en gedragsregulering, – VG Wonen met begeleiding en volledige verzorging en verpleging, – LVG Wonen met zeer intensieve behandeling en begeleiding, – LVG Besloten wonen met zeer intensieve behandeling en begeleiding, – LVG Behandeling in een SGLVG behandelcentrum, – LG Wonen met begeleiding en intensieve verzorging, – LG Wonen met intensieve begeleiding en intensieve verzorging, – LG Wonen met zeer intensieve begeleiding en zeer intensieve verzorging, – ZGaud Wonen met intensieve begeleiding en intensieve verzorging, – ZGvis Wonen met zeer intensieve begeleiding en zeer intensieve verzorging, – GGZ-B Voortgezet verblijf met intensieve begeleiding en intensieve verpleging en verzorging, – GGZ-B Beveiligd voortgezet verblijf vanwege extreme gedragsproblematiek met zeer intensieve begeleiding, – GGZ wonen met intensieve begeleiding en intensieve verpleging en verzorging, of – GGZ Beveiligd wonen vanwege extreme gedragsproblematiek met zeer intensieve begeleiding. b. de verzekerde op 31 december 2014 recht had op zorgzwaartepakket 7 VV, 8 VV, 5 VG, 7 VG, 8 VG, 4 LVG, 5 LVG, 1 SGLVG, 5 LG, 6 LG, 7 LG, 3 ZGaud, 5 ZGvis, 6b GGZ of 7b GGZ, of c. de behoefte aan zorg tevens bestaat uit: 1°. gespecialiseerde epilepsiezorg; 2°. chronische invasieve beademing; 3°. non-invasieve beademing; 4°. klinisch intensieve behandeling; 5° niet-strafrechtelijke forensische psychiatrie; 6°. observatie; 7°. zorg in verband met een CVA; 8°. zorg in verband met de ziekte van Huntington; 9°. gespecialiseerde zorg in verband met de ziekte van Huntington waarbij sprake is van verblijf in een instelling; 10°. gespecialiseerde zorg in verband met het syndroom van Korsakov waarbij sprake is van verblijf in een instelling; 11°. gespecialiseerde zorg in verband met een langdurige bewustzijnsstoornis waarbij sprake is van verblijf in een instelling; 12°. gespecialiseerde zorg in verband met dementie met zeer ernstig probleemgedrag die gericht is op verbetering van het probleemgedrag en waarbij sprake is van verblijf in een instelling; 13°. gespecialiseerde zorg in verband met een zeer ernstige gerontopsychiatrische aandoening waarbij sprake is van verblijf in een instelling; 14°. gespecialiseerde zorg in verband met multiple sclerose met ernstige motorische beperkingen waarbij sprake is van verblijf in een instelling; 15°. gespecialiseerde zorg in verband met niet-aangeboren hersenletsel met zeer ernstig probleemgedrag waarbij sprake is van verblijf in een instelling; of 16°. coördinerende activiteiten in het kader van de levensloopaanpak zoals omschreven in de Ketenveldnorm levensloopfunctie en beveiligde intensieve zorg. d. de verzekerde is aangewezen op palliatief terminale zorg en hij verblijft in een instelling en voor zover: 1°. er een noodzaak is tot zeer intensieve 24-uurszorg, die op grond van het hem geïndiceerde zorgprofiel niet mogelijk is; 2°. er een noodzaak is tot bestrijding van zware pijn, verwardheid, benauwdheid of onrust; en 3°. er sprake is van complexe zorg en inzet van verschillende disciplines en noodzaak van continue nabijheid van zorg, of e. de verzekerde is aangewezen op palliatief terminale zorg en hij zijn recht op zorg tot gelding brengt met een volledig pakket thuis, of f. de verzekerde jonger is dan 23 jaar en verblijft in een instelling.

  2. 2

    Een verzekerde heeft recht op meer zorg dan waarop hij op grond van het hem geïndiceerde zorgprofiel of zorgzwaartepakket recht heeft indien: a.de verzekerde krachtens zijn indicatiebesluit is aangewezen op het zorgprofiel: – VG wonen met intensieve begeleiding en intensieve verzorging en er sprake is van een noodzaak tot permanent toezicht vanwege zwaar complexe somatische problematiek, – VG wonen met begeleiding en volledige verzorging en verpleging en er sprake is van een noodzaak tot permanent toezicht vanwege zwaar complexe somatische problematiek, of b.de behoefte aan zorg tevens bestaat uit chronische invasieve beademing of chronische non-invasieve beademing.

  3. 3

    Een verzekerde als bedoeld in het eerste lid, onder a of b, of tweede lid, onder a, kan slechts recht op de in die leden bedoelde zorg krijgen indien zijn behoefte aan zorg minimaal 25% hoger is dan de zorg die is opgenomen in het zorgzwaartepakket dat voor de bekostiging van het zorgprofiel wordt gebruikt dan wel van het zorgprofiel.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:21761Rechtbank Den Haag, 22 juli 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Deze uitspraak gaat over de beroepen van eiseres gericht tegen toekennings- dan wel vaststellingsbesluiten inzake het persoonsgebonden budget (pgb) op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz) voor de…

  • ECLI:NL:RBNHO:2026:11031Rechtbank Noord-Holland, 8 juli 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Deze zaak gaat over de hoogte van het door het zorgkantoor vastgestelde persoonsgebonden budget (pgb) naar aanleiding van een voor eiser ingediende aanvraag voor een toeslag meerzorg op grond van het…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:21764Rechtbank Den Haag, 23 juni 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Deze hersteluitspraak vervangt de inhoud van de uitspraak van 6 februari 2026. De uitspraakdatum blijft ongewijzigd. De hersteluitspraak is in het openbaar gedaan, ondertekend en bekend gemaakt op 23…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:2599Rechtbank Den Haag, 6 februari 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Deze uitspraak gaat over het beroep van eiseres gericht tegen de afwijzing van een aanvraag om meerzorg op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz). Eiseres is het niet eens met het besluit. De…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:1624Rechtbank Den Haag, 30 januari 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Deze uitspraak gaat over het beroep van eiseres gericht tegen de afwijzing van een aanvraag om meerzorg op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz). Eiseres is het niet eens met het besluit. De…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:1625Rechtbank Den Haag, 30 januari 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Deze uitspraak gaat over het beroep van eiser gericht tegen de afwijzing van een aanvraag om meerzorg op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz). Eiser is het niet eens met het besluit. De rechtbank…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:1627Rechtbank Den Haag, 30 januari 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Deze uitspraak gaat over de beroepen van eisers gericht tegen de verleende meerzorgtoeslag op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz). Eisers zijn het niet eens met die besluiten. De rechtbank komt in…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:1631Rechtbank Den Haag, 30 januari 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Deze uitspraak gaat allereerst over de beroepen van eisers wegens het uitblijven van een tijdige beslissing op hun aanvragen om meerzorg op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz). Deze uitspraak gaat…

17 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.