Provinciewet

PW

Huidige tekst

Artikel 22 PW

Geldt sinds 12 maart 2003

De leden van het provinciebestuur en andere personen die deelnemen aan de beraadslaging kunnen niet in rechte worden vervolgd of aangesproken voor dan wel worden verplicht getuigenis af te leggen als bedoeld in artikel 165, eerste lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering over hetgeen zij in de vergadering van provinciale staten hebben gezegd of aan provinciale staten schriftelijk hebben overgelegd.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:3453Rechtbank Den Haag, 12 maart 2025 (civiel recht)

    Twee vastgoedondernemers Noordwijk niet onrechtmatig behandeld Twee vastgoedondernemers in Noordwijk zijn niet onrechtmatig behandeld door de personen die hebben bijgedragen aan het opstellen van het…

  • ECLI:NL:RBARN:2005:AT4342Rechtbank Arnhem, 16 maart 2005 (civiel recht)

    De gemeente vordert, zakelijk weergegeven, de veroordeling van gedaagde om onder verbeurte van dwangsommen op zijn weblog een rectificatie te plaatsen. De gemeente baseert haar vordering op de…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.