Huidige tekst
Artikel 24 Overeenkomst betreffende onderling strijdige aanspraken op buiten Duitsland gelegen Duitse bezittingen
A De vrijgave van vermogensbestanddelen op grond van dit deel zal in natura plaats vinden, tenzij: I) de vermogensbestanddelen zijn geliquideerd vóór de datum, waarop overeenkomstig artikel 23 van dit Aanhangsel terzake van deze vermogensbestanddelen een ontvankelijke en ondersteunde claim is ingediend; of II) de betrokken Partijen overeenkomen dat teruggave in natura praktisch niet uitvoerbaar is; of III) de vermogensbestanddelen, welke moeten worden vrijgegeven, bestaan uit een productie-onderneming of een aanmerkelijk belang daarin en deze vermogensbestanddelen of de volgens de Duitse wet opgerichte onderneming door Duitsers is beheerst en de Partij binnen wier jurisdictie de vermogensbestanddelen gelegen zijn, niettegenstaande nauwgezette overweging van de economische belangen van het betrokken land of de betrokken landen, in uitzonderingsgevallen beslist, dat zijn nationale veiligheid het behouden der vermogensbestanddelen vordert en hiervan aan de andere Partij of Partijen kennis geeft. B Indien geen vrijgave plaats vindt, moet in de plaats daarvan vrijgave plaats vinden van de opbrengst van de verkoop of van de liquidatie der vermogensbestanddelen, welke anders in natura zouden zijn vrijgegeven. Indien deze vermogensbestanddelen niet zijn verkocht of geliquideerd binnen een jaar na een in subparagraaf II) van paragraaf A van dit artikel bedoelde overeenkomst of de in subparagraaf III) van dezelfde paragraaf bedoelde kennisgeving, moet — behoudens een onderling overeengekomen verlenging van deze termijn — vrijgave plaats vinden van de waarde van deze vermogensbestanddelen, vastgesteld volgens algemeen erkende beginselen van waardebepaling.