Meststoffenwet

MW

Huidige tekst

Artikel 33a MW

Geldt sinds 1 januari 2014

  1. 1

    Het is een landbouwer verboden in enig kalenderjaar op zijn bedrijf dierlijke meststoffen te produceren.

  2. 2

    Het eerste lid is niet van toepassing op een landbouwer die in het desbetreffende kalenderjaar: a.op zijn bedrijf geen bedrijfsoverschot produceert; b.een hoeveelheid dierlijke meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat, minimaal gelijk aan een door Onze Minister voor het desbetreffende kalenderjaar vastgesteld percentage van het op zijn bedrijf geproduceerde bedrijfsoverschot: 1° laat verwerken, 2° voor zover de landbouwer behoort tot een bij regeling van Onze Minister aan te wijzen categorie landbouwers, overdraagt of laat overdragen aan een afnemer die behoort tot een bij regeling van Onze Minister aan te wijzen categorie afnemers, of 3° brengt op of in de in het desbetreffende kalenderjaar bij het desbetreffende bedrijf in gebruik zijnde landbouwgrond die is gelegen in Duitsland of België op een bij regeling van Onze Minister vast te stellen afstand van de Nederlandse grens, voor zover is voldaan aan bij regeling van Onze Minister te stellen voorwaarden; c.op zijn bedrijf een bedrijfsoverschot produceert dat dusdanig in omvang is dat de hoeveelheid dierlijke meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat, bedoeld in onderdeel b, kleiner is dan een bij regeling van Onze Minister vast te stellen omvang, waarbij onderscheid kan worden gemaakt naar diersoort of diercategorie; d.op zijn bedrijf meststoffen produceert: 1° met dieren waarvan ten minste 90% behoort tot een diercategorie die bij algemene maatregel van bestuur kan worden aangewezen of is gehuisvest in een huisvestingssysteem dat bij die maatregel kan worden aangewezen, omdat hierbij overwegend meststoffen worden geproduceerd met een hoog gehalte aan organische stof in de vorm van stro, en 2° die voldoen aan regels die bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen worden gesteld, of e.het op zijn bedrijf geproduceerde bedrijfsoverschot geheel en rechtstreeks, blijkens een schriftelijke en vooraf gesloten overeenkomst, onder bij regeling van Onze Minister te stellen voorwaarden overdraagt of laat overdragen aan een hemelsbreed hoogstens twintig kilometer van de productielocatie verwijderd liggende locatie van bedrijven indien de overgedragen dierlijke meststoffen op landbouwgrond aangewend worden.

  3. 3

    Onder het laten verwerken van dierlijke meststoffen, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, onder 1°, wordt verstaan: a.het overdragen of laten overdragen van op zijn bedrijf geproduceerde dierlijke meststoffen aan een verwerkende onderneming, overeenkomstig een op het desbetreffende kalenderjaar betrekking hebbende mestverwerkingsovereenkomst als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel ee, onder 1° ; b.het overdragen of laten overdragen van op zijn bedrijf geproduceerde dierlijke meststoffen aan een andere onderneming dan een verwerkende onderneming, op basis van een uiterlijk in het desbetreffende kalenderjaar gesloten mestverwerkingsovereenkomst als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel ee, onder 2° , of c.het sluiten van een overeenkomst met een andere landbouwer waarin is bepaald dat die andere landbouwer in zijn plaats uitvoering zal geven aan de voorwaarden, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, door middel van het laten verwerken, bedoeld in de onderdelen a of b.

  4. 4

    Een ondernemer die een andere onderneming voert als bedoeld in het derde lid, onderdeel b, draagt in een kalenderjaar de hoeveelheid dierlijke meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat, waarvoor hij met betrekking tot het desbetreffende kalenderjaar mestverwerkingsovereenkomsten als bedoeld in het derde lid, onderdeel b, heeft gesloten, over of laat deze overdragen aan een verwerkende onderneming.

  5. 5

    Onverminderd het tweede lid, onderdeel b, laat de andere landbouwer, bedoeld in het derde lid, onderdeel c, in een kalenderjaar een op zijn bedrijf geproduceerde hoeveelheid dierlijke meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat, waartoe hij zich met betrekking tot het desbetreffende kalenderjaar bij een overeenkomst als bedoeld in het derde lid, onderdeel c, heeft verplicht, verwerken als bedoeld in het derde lid, onderdeel a of b.

  6. 6

    Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de mogelijkheid van het sluiten van een overeenkomst als bedoeld in het derde lid, onderdeel c, tussen een landbouwer die op zijn bedrijf in overwegende mate dierlijke meststoffen produceert van één of meer diersoorten of diercategorieën en een landbouwer die op zijn bedrijf in overwegende mate dierlijke meststoffen produceert van één of meer andere diersoorten of diercategorieën.

  7. 7

    Bij regeling van Onze Minister kunnen regels worden gesteld ten aanzien van een landbouwer of afnemer als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, onder 2°.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBGEL:2025:4191Rechtbank Gelderland, 3 juni 2025 (omgevingsrecht)

    Deze uitspraak gaat over de boete van € 8.542 die de minister aan eiseres heeft opgelegd vanwege de overtreding van de Meststoffenwet in het jaar 2019. Eiseres is het niet eens met de aan haar…

  • ECLI:NL:RBGEL:2025:208Rechtbank Gelderland, 16 januari 2025 (bestuursprocesrecht)

    Deze uitspraak gaat over de aan eiseres op grond van de Meststoffenwet (Msw) opgelegde bestuurlijke boete. Eiseres is het niet eens met deze boete. De rechtbank ziet in de door eiseres aangevoerde…

  • ECLI:NL:CBB:2024:858College van Beroep voor het bedrijfsleven, 26 november 2024 (bestuursrecht)

    Hoger beroep mestboete vanwege niet-naleving van de mestverwerkingsplicht, art. 33a Msw. Overtreding niet in geschil, landbouwer doet beroep op matiging vanwege gering economisch voordeel. Het…

  • ECLI:NL:CBB:2024:680College van Beroep voor het bedrijfsleven, 8 oktober 2024 (bestuursrecht)

    Hoger beroep. Boete voor melkveebedrijf. Op de zitting heeft de minister verklaard dat hij het boetebesluit niet langer handhaaft. Dit betekent dat het hoger beroep gegrond is en de aangevallen…

  • ECLI:NL:RBGEL:2024:4444Rechtbank Gelderland, 13 juli 2024 (bestuursprocesrecht)

    Boete op grond van de Meststoffenwet. Voor de berekening van de gebruiksnormen is in dit geval afgeweken van de wettelijke forfaits door de Handreiking BEX toe te passen. De minister hanteerde in het…

  • ECLI:NL:RBLIM:2023:5997Rechtbank Limburg, 10 oktober 2023 (bestuursrecht)

    De minister heeft eiser een tweetal boetes opgelegd wegens overtreding van de Meststoffenwet voor een totaalbedrag van € 87.071,-. De boetes hebben betrekking op het overschrijden van de gebruiksnorm…

  • ECLI:NL:RBGEL:2023:4565Rechtbank Gelderland, 9 augustus 2023 (bestuursprocesrecht)

    Bestuurlijke boete op grond van de Meststoffenwet voor het niet voldoen aan de mestverwerkingsplicht. Uit onderzoek van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland blijkt dat in 2016 zes vrachten ‘koek…

  • ECLI:NL:RBZWB:2021:5959Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 22 november 2021 (bestuursrecht)

    WET

12 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.