Terug naar alle wetten
Internationaal Verdrag van Torremolinos voor de beveiliging van vissersvaartuigen, 1977
Geldende tekst van alle 154 artikelen, ingedeeld volgens het BWB-wettenregister.
Inhoudsopgave
- Artikel 1Voorschrift 1 Toepassing (1) De voorzieningen van deze Bijlage zijn, tenzij uitdrukkelijk anders is bepaald, van…
- Artikel 2Voorschrift 2 Omschrijvingen (1) Onder „nieuw vaartuig” wordt verstaan een visservaartuig waarvoor, op of na de datum…
- Artikel 3Voorschrift 3 Vrijstellingen (1) Elk vaartuig met nieuwe kenmerken kan door de Administratie worden vrijgesteld van die…
- Artikel 4Voorschrift 4 Gelijkwaardige voorzieningen (1) De Administratie mag toestaan dat ieder onderdeel, materiaal, instrument…
- Artikel 5Voorschrift 5 Reparaties, veranderingen en wijzigingen (1) Een vaartuig dat reparaties, veranderingen of wijzigingen…
- Artikel 6Voorschrift 6 Onderzoeken (1) Elk vaartuig moet de hieronder volgende onderzoeken ondergaan:
- Artikel 7Voorschrift 7 Afgifte van certificaten (1) (a) Een certificaat, Internationaal Veiligheidscertificaat voor…
- Artikel 8Voorschrift 8 Afgifte van certificaten door een andere Partij (1) Een Partij kan op verzoek van een andere Partij, een…
- Artikel 9Voorschrift 9 Model van certificaten De certificaten moeten worden opgesteld in de officiële taal of talen van het land…
- Artikel 10Voorschrift 10 Ophangen van certificaten Alle op grond van deze Bijlage afgegeven certificaten of gewaarmerkte…
- Artikel 11Voorschrift 11 Geldigheid van certificaten (1) Een Internationaal Veiligheidscertificaat voor Vissersvaartuigen wordt…
- Artikel 12Voorschrift 12 Constructie (1) De sterkte en constructie van de romp, bovenbouwen en dekhuizen, schachten van…
- Artikel 13Voorschrift 13 Waterdichte deuren (1) Het aantal openingen in waterdichte schotten, zoals deze vereist zijn ingevolge…
- Artikel 14Voorschrift 14 Waterdichtheid (1) Openingen waardoor water het vaartuig kan binnendringen, moeten voorzien zijn van…
Annex Regulations for the construction and equipment of fishing vessels
Chapter II - CONSTRUCTION, WATERTIGHT INTEGRITY AND EQUIPMENT
- Artikel 15Voorschrift 15 Deuren, dicht tegen weer en wind (1) Alle toegangsopeningen in schotten van gesloten bovenbouwen en…
- Artikel 16Voorschrift 16 Luikopeningen gesloten door middel van houten luiken (1) De hoogte boven het dek van luikhoofden moet op…
- Artikel 17Voorschrift 17 Luikopeningen gesloten door luiken van een ander materiaal dan hout (1) De hoogte boven het dek van…
- Artikel 18Voorschrift 18 Openingen boven de ruimte voor machines (1) Openingen boven ruimten voor machines moeten rondom…
- Artikel 19Voorschrift 19 Andere openingen in het dek (1) Wanneer zulks voor de visserijwerkzaamheden van belang is, mogen in het…
- Artikel 20Voorschrift 20 Luchtkokers (1) Bij vaartuigen waarvan de lengte 45 meter of meer bedraagt, moeten de luchtkokerpotten…
- Artikel 21Voorschrift 21 Luchtpijpen (1) Wanneer luchtpijpen van tanks en lege ruimten benedendeks boven werk- of bovenbouwdekken…
- Artikel 22Voorschrift 22 Peilinrichtingen (1) Peilinrichtingen moeten ten genoegen van de Administratie zijn aangebracht in:
- Artikel 23Voorschrift 23 Patrijspoorten en ramen (1) Patrijspoorten en ruimten onder het werkdek en in ruimten binnen gesloten…
- Artikel 24Voorschrift 24 Inlaat- en afvoerpijpen (1) Door de huid gaande afvoerpijpen van ruimten beneden het werkdek of van…
- Artikel 25Voorschrift 25 Waterloospoorten (1) Wanneer een verschansing op aan weer en wind blootgestelde gedeelten van het…
- Artikel 26Voorschrift 26 Uitrustingen voor het ankeren en voor het meren Een uitrusting voor het snel en veilig ankeren moet…
Chapter III - STABILITY AND ASSOCIATED SEAWORTHINESS
- Artikel 27Voorschrift 27 Algemeen Vaartuigen moeten zo ontworpen en geconstrueerd zijn dat aan de bepalingen van dit Hoofdstuk…
- Artikel 28Voorschrift 28 Stabiliteitscriteria (1) Aan onderstaande minimumstabiliteitscriteria moet worden voldaan, tenzij de…
- Artikel 29Voorschrift 29 Vervuld raken van visruimen De helling waarbij water de visruimen zou kunnen binnendringen door luiken…
- Artikel 30Voorschrift 30 Bijzondere vismethoden Vaartuigen die worden gebruikt voor bijzondere vismethoden waarbij extra krachten…
- Artikel 31Voorschrift 31 Harde wind en slingeren Vaartuigen moeten ten genoegen van de Administratie weerstand kunnen bieden aan…
- Artikel 32Voorschrift 32 Water aan dek Vaartuigen moeten ten genoegen van de Administratie weerstand kunnen bieden aan de invloed…
- Artikel 33Voorschrift 33 Bedrijfsomstandigheden (1) Het aantal en de soort bedrijfsomstandigheden waarmee rekening moet worden…
- Artikel 34Voorschrift 34 IJsafzetting (1) In geval van vaartuigen voor bedrijfsuitoefening in vaargebieden waar het…
- Artikel 35Voorschrift 35 Hellingproef (1) Elk vaartuig moet na voltooiing een hellingproef ondergaan en het werkelijke gewicht en…
- Artikel 36Voorschrift 36 Stabiliteitsgegevens (1) Passende stabiliteitsgegevens moeten ter beschikking worden gesteld ten einde…
- Artikel 37Voorschrift 37 Verplaatsbare visruimschotten De vislading moet deugdelijk worden gestuwd ten einde het overgaan van de…
- Artikel 38Voorschrift 38 De boeghoogte De boeghoogte moet ten genoegen van de Administratie toereikend zijn om te voorkomen dat…
- Artikel 39Voorschrift 39 Maximaal toelaatbare diepgang De maximaal toelaatbare diepgang moet door de Administratie worden…
- Artikel 40Voorschrift 40 Waterdichte indeling en lekstabiliteit Vaartuigen waarvan de lengte 100 meter en meer bedraagt en die…
Chapter IV - MACHINERY AND ELECTRICAL INSTALLATIONS AND PERIODICALLY UNATTENDED MACHINERY SPACES
Part A - GENERAL
- Artikel 41Voorschrift 41 Algemeen Machine-installaties (1) Hoofdvoortstuwings-, bedienings-, stoomleiding-, brandstofolie-…
Part B - MACHINERY INSTALLATIONS
- Artikel 42Voorschrift 42 Machine-installaties (1) Hoofd- en hulpwerktuigen die noodzakelijk zijn voor de voortstuwing en…
- Artikel 43Voorschrift 43 Middelen voor achteruit varen (1) Vaartuigen dienen voldoende vermogen te hebben om achteruit te varen…
- Artikel 44Voorschrift 44 Stoomketels, voedingwatersystemen en stoomleidingen (1) Elke stoomketel en elke ongestookte…
- Artikel 45Voorschrift 45 Verbinding tussen het stuurhuis en de ruimte voor machines Twee onafhankelijk werkende…
- Artikel 46Voorschrift 46 Bediening van de voortstuwingsmachines vanuit het stuurhuis (1) Wanneer voorzien is in een…
- Artikel 47Voorschrift 47 Luchtdrukinstallaties (1) Voorzieningen moeten zijn aangebracht ten einde overdruk te voorkomen in enig…
- Artikel 48Voorschrift 48 Inrichtingen voor brandstofolie, smeerolie en andere ontvlambare oliën (1) Vloeibare brandstof met een…
- Artikel 49Voorschrift 49 Lenspomp-inrichtingen (1) Een doelmatige lenspomp-inrichting die in staat is onder alle omstandigheden…
- Artikel 50Voorschrift 50 Bescherming tegen geluidoverlast Maatregelen moeten getroffen zijn om de invloed van lawaai op personen…
- Artikel 51Voorschrift 51 Stuurinrichting (1) Elk vaartuig moet ten genoegen van de Administratie zijn voorzien van een…
- Artikel 52Voorschrift 52 Alarminstallatie voor machinisten In vaartuigen waarvan de lengte 75 meter of meer bedraagt, moet een…
- Artikel 53Voorschrift 53 Koelinstallaties voor het conserveren van de vangst (1) Koelinstallaties moeten zodanig zijn ontworpen…
Part C - ELECTRICAL INSTALLATIONS
- Artikel 54Voorschrift 54 Elektrische hoofdkrachtbron (1) (a) Wanneer elektrische energie het enige middel vormt tot het…
- Artikel 55Voorschrift 55 Elektrische noodkrachtbron (1) Een onafhankelijke elektrische noodkrachtbron moet aanwezig zijn, die ten…
- Artikel 56Voorschrift 56 Voorzorgen tegen gevaar van aanraken van onder spanning staande delen, tegen brand en andere gevaren van…
Part D - PERIODICALLY UNATTENDED MACHINERY SPACES
- Artikel 57Voorschrift 57 Brandbeveiliging Brandpreventie (1) Bijzondere aandacht moet worden gegeven aan hogedruk…
- Artikel 58Voorschrift 58 Beveiliging tegen vervuld raken (1) Vullingen in ruimten voor machines moeten voorzien zijn van een…
- Artikel 59Voorschrift 59 Verbindingen In vaartuigen waarvan de lengte 75 meter of meer bedraagt, moet één van de twee…
- Artikel 60Voorschrift 60 Alarminstallatie (1) Een alarminstallatie moet zijn aangebracht die elke storing moet melden waaraan…
- Artikel 61Voorschrift 61 Bijzondere vereisten voor machine- en ketelinstallaties en elektrische installaties (1) In vaartuigen…
- Artikel 62Voorschrift 62 Veiligheidssysteem Een veiligheidssysteem moet zijn aangebracht, waardoor bij een ernstige storing in de…
Chapter V - FIRE PROTECTION, FIRE DETECTION, FIRE EXTINCTION AND FIRE FIGHTING
Part A - FIRE SAFETY MEASURES IN VESSELS OF 55 METRES IN LENGTH AND OVER
- Artikel 63Voorschrift 63 Algemeen In ruimten voor accommodatie en dienstruimten moet een van onderstaande beveiligingsmethoden…
- Artikel 64Voorschrift 64 Constructie (1) De romp, de bovenbouw, structurele schotten, dekken en dekhuizen moeten van staal of…
- Artikel 65Voorschrift 65 Schotten binnen de ruimten voor accommodatie en dienstruimten (1) Binnen de ruimten voor accommodatie en…
- Artikel 66Voorschrift 66 Bescherming van trappen en liftschachten in ruimten voor accommodatie, dienstruimten en controlestations…
- Artikel 67Voorschrift 67 Deuren in brandwerende schotten (1) Deuren moeten een brandwerend vermogen hebben, dat, voor zover als…
- Artikel 68Voorschrift 68 Brandwerendheid van schotten en dekken (1) Behalve dat moet worden voldaan aan de specifieke bepalingen…
- Artikel 69Voorschrift 69 Constructiedetails (1) Methode IF.
- Artikel 70Voorschrift 70 Ventilatiesystemen (1) Wanneer schachten of kokers ruimten aan weerszijden van schotten van klasse ,,A”…
- Artikel 71Voorschrift 71 Verwarmingsinstallaties (1) Elektrische kachels moeten vast aangebracht worden en zo worden…
- Artikel 72Voorschrift 72 Diversen *) [Red:
- Artikel 73Voorschrift 73 Opslag van gasflessen en gevaarlijke materialen (1) Gasflessen voor samengeperste, vloeibare of onder…
- Artikel 74Voorschrift 74 Voorzieningen voor ontsnapping (1) Trappen en ladders die leiden naar en van ruimten voor accommodatie…
- Artikel 75Voorschrift 75 Automatische sprinkler-, brandalarm- en brandontdekkingsinstallaties (Methode IIF) (1) In schepen waar…
- Artikel 76Voorschrift 76 Automatische brandalarm- en brandontdekkingsinstallaties (Methode IIIF) (1) In schepen waar methode IIIF…
- Artikel 77Voorschrift 77 Vast aangebrachte brandblusinstallaties voor laadruimten die in hoge mate brandgevaarlijk zijn…
- Artikel 78Voorschrift 78 Brandbluspompen (1) Ten minste twee brandbluspompen moeten zijn aangebracht.
- Artikel 79Voorschrift 79 Hoofdbrandblusleidingen (1) (a) Wanneer meer dan één brandkraan vereist is ten einde te voorzien in het…
- Artikel 80Voorschrift 80 Brandkranen, brandslangen en straalpijpen (1) (a) Het aantal brandslangen waarin is voorzien, moet…
- Artikel 81Voorschrift 81 Brandblustoestellen (1) Het soort van alle brandblustoestellen moet zijn goedgekeurd.
- Artikel 82Voorschrift 82 Draagbare brandblustoestellen in controlestations, ruimten voor accommodaties en dienstruimten (1) Ten…
- Artikel 83Voorschrift 83 Brandblusinrichtingen in ruimten voor machines (1) (a) In ruimten waar oliegestookte ketels of…
- Artikel 84Voorschrift 84 Internationale walaansluiting (1) Ten minste één internationale walaansluiting, die voldoet aan het…
- Artikel 85Voorschrift 85 Brandweeruitrustingen (1) Er moeten ten minste twee brandweeruitrustingen aan boord zijn, zulks ten…
- Artikel 86Voorschrift 86 Brandweerplannen Er moet een brandweerplan permanent zijn opgehangen, zulks ten genoegen van de…
- Artikel 87Voorschrift 87 Mogelijkheid tot het snel gebruiken van de brandbestrijdingsmiddelen De brandbestrijdingsmiddelen moeten…
- Artikel 88Voorschrift 88 Toelating van vervangende middelen Waar in dit Deel een toestel, apparaat, blusstof of inrichting van…
Part B - FIRE SAFETY MEASURES IN VESSELS OF LESS THAN 55 METRES IN LENGTH
- Artikel 89Voorschrift 89 Structurele brandbeveiliging (1) De romp, de bovenbouw, structurele schotten, dekken en dekhuizen moeten…
- Artikel 90Voorschrift 90 Ventilatiesystemen (1) Met uitzondering van hetgeen in Voorschrift 91(2) is bepaald, moeten inrichtingen…
- Artikel 91Voorschrift 91 Verwarmingsinstallaties (1) Elektrische kachels moeten vast aangebracht worden en zo worden…
- Artikel 92Voorschrift 92 Diversen *) [Red:
- Artikel 93Voorschrift 93 Opslag van gasflessen en gevaarlijke materialen (1) Gasflessen voor samengeperste, vloeibare of onder…
- Artikel 94Voorschrift 94 Voorzieningen voor ontsnapping (1) Trappen en ladders die leiden naar en van ruimten voor accommodatie…
- Artikel 95Voorschrift 95 Automatische brandalarm- en brandontdekkingsinstallaties Wanneer de Administratie overeenkomstig…
- Artikel 96Voorschrift 96 Brandbluspompen (1) Het minimum aantal en soort brandbluspompen dat moet zijn aangebracht, moet zijn:
- Artikel 97Voorschrift 97 Hoofdbrandblusleidingen (1) Wanneer meer dan één brandkraan vereist is ten einde te voorzien in het…
- Artikel 98Voorschrift 98 Brandkranen, brandslangen en straalpijpen (1) Brandkranen moeten zo geplaatst zijn dat brandslangen…
- Artikel 99Voorschrift 99 Brandblustoestellen (1) Het type van alle brandblustoestellen moet zijn goedgekeurd.
- Artikel 100Voorschrift 100 Draagbare brandblustoestellen in controlestations, ruimten voor accommodatie en dienstruimten (1) Een…
- Artikel 101Voorschrift 101 Brandblusinrichtingen in ruimten voor machines (1) (a) In ruimten waar oliegestookte ketels…
- Artikel 102Voorschrift 102 Brandweeruitrustingen Het aantal brandweeruitrustingen en de plaatsing daarvan moeten ten genoegen van…
- Artikel 103Voorschrift 103 Brandweerplannen Er moet een brandweerplan permanent zijn opgehangen, zulks ten genoegen van de…
- Artikel 104Voorschrift 104 Mogelijkheid tot het snel gebruiken van de brandbestrijdingsmiddelen De brandbestrijdingsmiddelen…
- Artikel 105Voorschrift 105 Toelating van vervangende middelen Waar in dit Deel een toestel, apparaat, blusstof of inrichting van…
Chapter VI PROTECTION OF THE CREW
- Artikel 106Voorschrift 106 Algemene beschermingsmaatregelen (1) Een doelmatig stelsel van handleiders moet zijn ontworpen voor…
- Artikel 107Voorschrift 107 Dekopeningen (1) Scharnierende deksels van luiken, mangaten en andere openingen moeten beveiligd zijn…
- Artikel 108Voorschrift 108 Verschansingen, relingen en beveiligingsmiddelen (1) Alle blootgestelde plaatsen van het werkdek en van…
- Artikel 109Voorschrift 109 Trappen en ladders Ten genoegen van de Administratie moeten trappen en ladders van voldoende grootte en…
Chapter VII - LIFE-SAVING APPLIANCES
- Artikel 110Voorschrift 110 Aantallen en typen reddingboten en -vlotten en „man over boord” boten (1) Elk vaartuig moet met ten…
- Artikel 111Voorschrift 111 Merken van reddingboten en -vlotten (1) De afmetingen van een reddingboot alsmede het aantal personen…
- Artikel 112Voorschrift 112 Constructie en inhoud van reddingboten (1) Reddingboten moeten ten genoegen van de Administratie…
- Artikel 113Voorschrift 113 Constructie en inhoud van reddingboten (1) De constructie van opblaasbare reddingvlotten moet voldoen…
- Artikel 114Voorschrift 114 Constructie en merken van „man over boord” boten (1) „Man over boord” boten moeten, indien zij niet…
- Artikel 115Voorschrift 115 Uitrusting van reddingboten en -vlotten alsmede „man over boord” boten (1) Reddingboten moeten zijn…
- Artikel 116Voorschrift 116 Beschikbaarheid en plaatsing van reddingboten en -vlotten alsmede „man over boord” boten (1)…
- Artikel 117Voorschrift 117 Embarkeren in reddingboten en -vlotten Voor het embarkeren in de reddingboten en -vlotten moeten…
- Artikel 118Voorschrift 118 Reddinggordels (1) Voor iedere opvarende moet aan boord een reddinggordel van goedgekeurd model…
- Artikel 119Voorschrift 119 Reddingboeien (1) Onderstaand aantal reddingboeien moet ten minste aanwezig zijn:
- Artikel 120Voorschrift 120 Lijnwerptoestellen (1) Elk vaartuig moet een lijnwerptoestel van een goedgekeurd type aan boord hebben.
- Artikel 121Voorschrift 121 Noodseinen (1) Elk vaartuig moet ten genoegen van de Administratie voorzien zijn van middelen om, zowel…
- Artikel 122Voorschrift 122 Draagbare radio-installatie Een draagbare radiozender/ontvanger of een noodradiobaken (EPIRB), ieder…
- Artikel 123Voorschrift 123 Radiotelegrafie-installaties en zoeklichten in motorreddingboten (1) Wanneer het totale aantal personen…
- Artikel 124Voorschrift 124 Retro-reflectieve stroken op reddingmiddelen Alle reddingboten en -vlotten, „man over boord” boten…
Chapter VIII - EMERGENCY PROCEDURES, MUSTERS AND DRILLS
- Artikel 125Voorschrift 125 Alarmrol en instructie betreffende het schip verlaten (1) Met inachtneming van paragraaf (2) moet…
- Artikel 126Voorschrift 126 Appèls en oefeningen (1) Een appèl van de bemanning voor oefening in het schip verlaten en het blussen…
- Artikel 127Voorschrift 127 Opleiding voor het optreden in noodsituaties (1) De Administratie dient zodanige maatregelen te treffen…
Chapter IX - RADIOTELEGRAPHY AND RADIOTELEPHONY
Part A - APPLICATION AND DEFINITIONS
- Artikel 128Voorschrift 128 Toepassing (1) Dit Hoofdstuk is, tenzij uitdrukkelijk anders bepaald, van toepassing op zowel nieuwe…
- Artikel 129Voorschrift 129 Uitdrukkingen en omschrijvingen (1) Voor de toepassing van dit Hoofdstuk moeten aan de volgende…
- Artikel 130Voorschrift 130 Radiotelegraafstation Vaartuigen waarvan de lengte 75 meter of meer bedraagt, moeten - tenzij…
- Artikel 131Voorschrift 131 Radiotelefoonstation (1) Met inachtname van lid (2) moet elk vaartuig - tenzij vrijgesteld ingevolge…
- Artikel 132Voorschrift 132 Vrijstellingen (1) In buitengewone omstandigheden mag de Administratie aan een vaartuig volledige…
Part B - WATCHES
- Artikel 133Voorschrift 133 Luisterdienst - Radiotelegrafie (1) Een vaartuig dat ingevolge de Voorschriften 130 of 131(2)(a) is…
- Artikel 134Voorschrift 134 Luisterdienst - Radiotelefonie (1) (a) Aan boord van een vaartuig dat ingevolge Voorschrift 131 slechts…
- Artikel 135Voorschrift 135 Luisterdienst - VHF-Radiotelefonie (1) Aan boord van een vaartuig dat ingevolge Voorschrift 131(2) (b)…
Part C - TECHNICAL REQUIREMENTS
- Artikel 136Voorschrift 136 Radiotelegraafstations (1) Het radiotelegraafstation moet zodanig zijn gelegen, dat door lawaai van…
- Artikel 137Voorschrift 137 Radiotelegrafie-installaties (1) Tenzij uitdrukkelijk anders in dit Voorschrift bepaald, moet(en):
- Artikel 138Voorschrift 138 Radiotelegrafie-auto-alarmtoestellen (1) Elk radiotelegrafie-auto-alarmtoestel moet aan de volgende…
- Artikel 139Voorschrift 139 Richtingzoekers (1) (a) De ingevolge Voorschrift 153 vereiste richtingzoeker moet doeltreffend zijn en…
- Artikel 140Voorschrift 140 Radiotelegrafie-installatie voor motorreddingboten (1) De ingevolge Voorschrift 123 vereiste…
- Artikel 141Voorschrift 141 Draagbare radiotoestellen voor reddingmiddelen en noodradiobaken (EPIRB) De Administratie schrijft de…
- Artikel 142Voorschrift 142 Radiotelefooninstallaties (1) Het radiotelefoonstation moet in het bovenste deel van het vaartuig zijn…
- Artikel 143Voorschrift 143 Radiotelefonie-installaties (1) De radiotelefonie-installatie moet zend- en ontvangapparatuur en…
- Artikel 144Voorschrift 144 VHF-Radiotelefoonstations (1) Wanneer een VHF-radiotelefoonstation aanwezig is, moet dit een…
- Artikel 145Voorschrift 145 Radiotelefonie-auto-alarmtoestel (1) Het radiotelefonie-auto-alarmtoestel moet voldoen aan de volgende…
Part D - RADIO LOGS
- Artikel 146Voorschrift 146 Radiodagboeken (1) Het radiodagboek (dagboek betreffende de radiodienst), dat door het Radioreglement…
Chapter X - SHIPBORNE NAVIGATIONAL EQUIPMENT
- Artikel 147Voorschrift 147 Vrijstellingen De Administratie kan aan vaartuigen vrijstelling van de eisen van dit Hoofdstuk…
- Artikel 148Voorschrift 148 Kompassen (1) Vaartuigen waarvan de lengte 45 meter of meer bedraagt, moeten zijn uitgerust met:
- Artikel 149Voorschrift 149 Middelen voor dieptemeting (1) Vaartuigen waarvan de lengte 45 meter en meer bedraagt, moeten ten…
- Artikel 150Voorschrift 150 Radarinstallatie (1) Vaartuigen waarvan de lengte 45 meter of meer bedraagt, moeten ten genoegen van de…
- Artikel 151Voorschrift 151 Nautische instrumenten en publikaties Geschikte nautische instrumenten, deugdelijke en volgens de…
- Artikel 152Voorschrift 152 Uitrusting voor het geven van seinen (1) Een dagseinlamp waarvan de werking niet uitsluitend…
- Artikel 153Voorschrift 153 Richtingzoekers Vaartuigen waarvan de lengte 75 meter of meer bedraagt, moeten voorzien zijn van een…
- Artikel 154Voorschrift 154 Log Vaartuigen waarvan de lengte 75 meter of meer bedraagt, moeten zijn uitgerust met een geschikt…
Uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Omschrijvingen bij artikelen zijn redactioneel of de openingszin van het artikel. Dit is geen juridisch advies.