Huidige tekst
Artikel I/4 Internationaal Verdrag betreffende de normen inzake opleiding, diplomering en wachtdienst van personeel van vissersvaartuigen, 1995
Voorschrift I/4 Controleprocedures 1 De controle uitgevoerd door een bevoegde functionaris krachtens artikel 8 is beperkt tot: .1 onderzoek of al het personeel van vissersvaartuigen dat dienst doet aan boord dat volgens dit Verdrag gediplomeerd moet zijn de desbetreffende bewijzen bezit of in het bezit is van de vereiste ontheffing. Deze bewijzen worden aanvaard tenzij er duidelijke gronden zijn om aan te nemen dat een bewijs op frauduleuze wijze is verkregen of dat de houder van een bewijs niet degene is aan wie het bewijs oorspronkelijk is afgegeven; en .2 het vaststellen van de geschiktheid van het personeel van vissersvaartuigen om te voldoen aan de door het Verdrag vereiste normen inzake wachtdienst indien er duidelijke gronden zijn om aan te nemen dat niet aan die normen wordt voldaan omdat zich een van de volgende feiten heeft voorgedaan: .1 het vaartuig is bij een aanvaring betrokken geweest, is aan de grond gelopen of is gestrand; of .2 er heeft lozing van stoffen vanuit het vaartuig plaatsgevonden, terwijl het onderweg was, voor anker lag of aangemeerd was, welke onrechtmatig is krachtens internationale verdragen; of .3 er is op foutieve of onveilige wijze met het vaartuig gemanoeuvreerd waarbij de door de Organisatie aangenomen routeringsmaatregelen of veilige navigatiemethoden en -procedures niet in acht zijn genomen; of .4 de bedrijfsvoering aan boord geschiedt anderszins op zodanige wijze dat het vaartuig een gevaar vormt voor personen, zaken of het milieu. 2 Indien uit hoofde van het eerste lid tekortkomingen worden geconstateerd, stelt de functionaris die de controle uitvoert de schipper van het vaartuig en de administratie onverwijld schriftelijk hiervan in kennis opdat passende maatregelen kunnen worden genomen. In deze kennisgeving worden de tekortkomingen gedetailleerd omschreven alsmede de gronden waarop de partij besluit dat deze tekortkomingen een gevaar vormen voor personen, zaken of het milieu. 3 Onder tekortkomingen die als gevaarlijk kunnen worden aangemerkt voor personen, zaken of het milieu wordt onder meer het volgende verstaan: .1 personen die een bewijs moeten hebben beschikken niet over een passend bewijs of passende ontheffing; .2 de regelingen voor de wacht op de brug of de wacht in de machinekamer voldoen niet aan de door de administratie voor het vaartuig vastgestelde eisen; .3 er is tijdens de wacht niemand aanwezig die bevoegd is de uitrusting te bedienen die noodzakelijk is voor veilige navigatie, veilige radioverbindingen of het voorkomen van verontreiniging; of .4 het is niet mogelijk aan het begin van de reis en bij de daaropvolgende aflossende wachten te zorgen voor personeel dat rust heeft genoten.