Internationaal Verdrag betreffende de normen inzake opleiding, diplomering en wachtdienst van personeel van vissersvaartuigen, 1995

Huidige tekst

Artikel I/3 Internationaal Verdrag betreffende de normen inzake opleiding, diplomering en wachtdienst van personeel van vissersvaartuigen, 1995

Geldt sinds 1 januari 2026

Voorschrift I/3 Bewijzen en officiële verklaringen 1 Vaarbevoegdheidsbewijzen voor personeel van vissersvaartuigen worden uitsluitend afgegeven door de administratie indien wordt voldaan aan de vereisten voor diensttijd, leeftijd, medische geschiktheid, opleiding, kwalificatie en examens, in overeenstemming met deze voorschriften. 2 Een door een partij in overeenstemming met het eerste lid afgegeven vaarbevoegdheidsbewijs wordt door die partij van een officiële verklaring voorzien ter bevestiging van de afgifte van dat bewijs in de vorm voorschreven in model 1 of 2 van sectie A-I/3 van de STCW-F-code. 3 Bewijzen en officiële verklaringen worden gesteld in de officiële taal of de officiële talen van het land waar zij worden afgegeven. Indien de gebruikte taal een andere is dan de Engelse taal gaat de tekst vergezeld van een vertaling in die taal. 4 Met betrekking tot radio-operators kunnen de partijen: .1 de volgens voorschrift II/6 vereiste aanvullende kennis opnemen in het examen voor de afgifte van een bewijs dat voldoet aan het Radioreglement; of .2 een afzonderlijk bewijs afgeven waaruit blijkt dat de houder beschikt over de volgens voorschrift II/6 vereiste aanvullende kennis. 5 De administratie die een bewijs erkent dat door of op gezag van een andere partij in overeenstemming met voorschrift I/7 is afgegeven, geeft een officiële verklaring af waarin de erkenning van dat bewijs in de vorm voorgeschreven in model 3 van sectie A-I/3 van de STCW-F-code wordt bevestigd. 6 De officiële verklaring verliest haar geldigheid zodra het bewijs waarop de verklaring betrekking heeft verloopt, of wordt ingetrokken, opgeschort of ongeldig wordt verklaard door de partij die het heeft afgegeven, en in elk geval uiterlijk vijf jaar na de datum van afgifte. 7 Passende vaarbevoegdheidsbewijzen afgegeven krachtens de bepalingen van het STCW-verdrag van 1978 op grond waarvan de houder dienst kan doen als hoofdwerktuigkundige, scheepswerktuigkundige of GMDSS-radio-operator wordt voor de toepassing van het eerste lid geacht een dienovereenkomstig bewijs te zijn met betrekking tot vissersvaartuigen. 8 Geneeskundige verklaringen afgegeven in overeenstemming met de bepalingen van voorschrift I/9 van het STCW-verdrag van 1978 worden aanvaard als geldig voor personeel van vissersvaartuigen. 9 Met inachtneming van de volgens de modellen 1, 2 en 3 van sectie A-1/3 van de STCW-F-code toegestane varianten mogen administraties een model gebruiken dat afwijkt van het in de sectie weergegeven model mits het in ieder geval de vereiste informatie bevat en de gegevens in Romeinse letters en Arabische cijfers worden vermeld.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.