Huisvestingswet 2014

Huidige tekst

Artikel 7 Huisvestingswet 2014

Geldt sinds 1 juli 2026

  1. 1

    In de huisvestingsverordening kan de gemeenteraad categorieën woonruimte aanwijzen die niet voor bewoning in gebruik mogen worden genomen of gegeven indien daarvoor geen huisvestingsvergunning is verleend.

  2. 2

    Het eerste lid is ten aanzien van het kunnen aanwijzen van voor verkoop bestemde woonruimte alleen van toepassing op: a.nieuw te bouwen voor verkoop bestemde betaalbare koopwoonruimte, en b.voor verkoop bestemde betaalbare koopwoonruimte na eerste ingebruikname, voor zover daarvoor in een omgevingsplan, een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit of een verordening als bedoeld in artikel 8.2.15a van het Invoeringsbesluit Omgevingswet gestelde of anderszins verzekerde instandhoudingstermijn geldt, voor ten hoogste die termijn.

  3. 3

    Het tweede lid is ten aanzien van het kunnen aanwijzen van voor verkoop bestemde goedkope woonruimte niet van toepassing op de gemeenten Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling, Texel en Vlieland.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:GHDHA:2026:564Gerechtshof Den Haag, 21 april 2026 (civiel recht)

    Huurders hebben woningen geruild na vonnis kantonrechter, waarbij zij zijn gemachtigd de ander in hun plaats te stellen als huurder. De verhuurders vorderen ongedaanmaking van de woningruil. Het hof…

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:26864Rechtbank Den Haag, 7 november 2025 (bestuursrecht)

    Vovo. Verweerder heeft gesteld dat verzoekster niet voldoet aan de passendheidseisen voor een huisvestingsvergunning. Naar het voorlopige oordeel van de voorzieningenrechter heeft verweerder dit…

  • ECLI:NL:RBDHA:2020:10526Rechtbank Den Haag, 16 oktober 2020 (bestuursrecht)

    Eiser bewoont een woning zonder te beschikken over een huisvestingsvergunning. Verweerder heeft niet hoeven overgaan tot verlenging van de bgeunstigingstermijn. Verweerder heeft zich in redelijkheid…

  • ECLI:NL:RVS:2020:2192Raad van State, 9 september 2020 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 4 juli 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een bestuurlijke boete opgelegd van € 6.000,- wegens overtreding van artikel 21, aanhef en onder c, van de…

  • ECLI:NL:RBROT:2019:9617Rechtbank Rotterdam, 7 december 2019 (bestuursrecht)

    De rechtbank volgt verweerder in zijn standpunt dat hoofdstuk 2 van de Huisvestingsverordening 2017 zijn grondslag heeft in de Wbmgp. Verweerder heeft deze bepalingen aan het bestreden besluit ten…

  • ECLI:NL:RBROT:2018:5094Rechtbank Rotterdam, 27 juni 2018 (bestuursrecht)

    boete; huisvestingswet

  • ECLI:NL:RBROT:2018:4363Rechtbank Rotterdam, 7 juni 2018 (bestuursrecht)

    Boete wegens het in gebruik geven van woonruimte zonder huisvestingsvergunning. Eén getuigenverklaring is, bij het ontbreken van enig ander concreet steunbewijs, onvoldoende om tot een…

  • ECLI:NL:RVS:2017:3475Raad van State, 20 december 2017 (bestuursrecht)

    Bij afzonderlijke besluiten van 6 november 2015 heeft het college aan [appellanten] een bestuurlijke boete van € 24.000,00 opgelegd.

13 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.