Faillissementswet BES

Huidige tekst

Artikel 54 Faillissementswet BES

Geldt sinds 10 oktober 2010

  1. 1

    De curator kan de pand- en hypotheekhouders een redelijke termijn stellen om tot uitoefening van hun rechten overeenkomstig artikel 53 over te gaan. Heeft de pand- of hypotheekhouder het onderpand niet binnen deze termijn verkocht, dan kan de curator de goederen opeisen en met toepassing van de artikelen 96 of 169, vierde en vijfde lid, verkopen, onverminderd het recht van de pand- en hypotheekhouders op de opbrengst. De rechter-commissaris kan de termijn op verzoek van de pand- of hypotheekhouder een of meer malen verlengen.

  2. 2

    De curator kan een met pand of hypotheek bezwaard goed tot op het tijdstip van de verkoop lossen tegen voldoening van hetgeen waarvoor het pand- of hypotheekrecht tot zekerheid strekt, alsmede van de reeds gemaakte kosten van executie.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.