Faillissementswet BES

Huidige tekst

Artikel 229 Faillissementswet BES

Geldt sinds 10 oktober 2010

  1. 1

    Zodra de surséance een aanvang heeft genomen, kan de schuldenaar, met inachtneming van het bij artikel 218 bepaalde, aan arbeiders in zijn dienst, de dienstbetrekking opzeggen, met inachtneming van de overeengekomen of wettelijke termijnen, met dien verstande echter, dat in elk geval de dienstbetrekking kan worden geëindigd door opzegging met een termijn van zes weken of, indien de termijn, omschreven in artikel 1615 j, eerste lid van Boek 7A, van het Burgerlijk wetboek BES langer is dan zes weken, met inachtneming van die termijn.

  2. 2

    Zodra de surséance een aanvang heeft genomen, behoeft bij opzegging der dienstbetrekking door arbeiders in dienst van de schuldenaar het bepaalde in artikel 1615 j, eerste lid van Boek 7A, van het Burgerlijk wetboek BES niet in acht te worden genomen. Van de aanvang der surséance af zijn het loon en de met de arbeidsovereenkomst samenhangende premieschulden boedelschuld.

  3. 3

    Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op agentuurovereenkomsten.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.