Faillissementswet BES

Huidige tekst

Artikel 48 Faillissementswet BES

Geldt sinds 10 oktober 2010

  1. 1

    Voldoening ná de faillietverklaring, doch vóór de bekendmaking daarvan aan de gefailleerde gedaan, tot nakoming van verbintenissen jegens deze vóór de faillietverklaring ontstaan, bevrijdt degene die haar deed, tegenover de boedel, zolang zijn bekendheid met de faillietverklaring niet bewezen wordt.

  2. 2

    Voldoening als in het eerste lid bedoeld, na de bekendmaking der faillietverklaring aan de gefailleerde gedaan, bevrijdt tegenover de boedel alleen dan, indien degene die haar deed, bewijst dat de faillietverklaring te zijner woonplaatse langs de weg der wettelijke aankondiging nog niet bekend kon zijn, behoudens het recht van de curator om aan te tonen dat zij hem toch bekend was.

  3. 3

    In elk geval bevrijdt voldoening aan de gefailleerde de schuldenaar tegenover de boedel, voor zover hetgeen door hem voldaan werd, ten bate van de boedel is gekomen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.