Besluit personenvervoer 2000

Bp

Huidige tekst

Artikel 83 Bp

Geldt sinds 2 februari 2016

  1. 1

    Onze Minister neemt een aanvraag om verlening van een boordcomputerkaart in behandeling nadat de bij ministeriële regeling vastgestelde vergoeding voor de kosten van deze behandeling is ontvangen.

  2. 2

    De boordcomputerkaarten hebben een geldigheidsduur van vijf jaar.

  3. 3

    Een boordcomputerkaart verliest zijn geldigheid door intrekking of schorsing en door het verstrijken van de geldigheidsduur.

  4. 4

    Een binnen de geldigheidsduur verloren, gestolen, defect geraakt, of beschadigde boordcomputerkaart, wordt vervangen door een vervangende kaart voor de resterende termijn van geldigheid.

  5. 5

    De houder van een chauffeurskaart of ondernemerskaart meldt verlies of diefstal van zijn boordcomputerkaart aan Onze Minister.

  6. 6

    De houder van een chauffeurskaart of ondernemerskaart levert een defecte, beschadigde of ingetrokken boordcomputerkaart in bij Onze Minister binnen een bij ministeriële regeling te bepalen termijn.

  7. 7

    Het vijfde en zesde lid zijn van overeenkomstige toepassing op de houder van een keuringskaart.

  8. 8

    Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over: a.de wijze waarop de bestuurder en de vervoerder de chauffeurskaart, respectievelijk de ondernemerskaart gebruiken; b.de wijze waarop erkende natuurlijke of rechtspersonen, als bedoeld in artikel 9:1, eerste lid, van de Arbeidstijdenwet, de keuringskaart gebruiken; c.de aanvraag van de boordcomputerkaarten en van vervangende boordcomputerkaarten; d.de verlening, afgifte, weigering, schorsing, intrekking en inname van de boordcomputerkaarten en de gronden daarvoor; e.de wijze van melden in geval van verloren, gestolen, defecte of beschadigde boordcomputerkaarten; f.de wijze van inleveren van de boordcomputerkaarten.

  9. 9

    In het kader van leer-werktrajecten en in het kader van tijdelijke en incidentele dienstverrichting als bedoeld in artikel 21 van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties, kan door Onze Minister een chauffeurskaart worden verstrekt met een kortere geldigheidsduur dan de in het tweede lid bedoelde geldigheidsduur, dan wel ontheffing worden verleend van de in artikel 81, vijfde lid, bedoelde eis.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CBB:2022:828College van Beroep voor het bedrijfsleven, 11 mei 2022 (bestuursrecht)

    Schorsing chauffeurskaart na cannabisgebruik door taxichauffeur. Verweerder heeft in redelijkheid van zijn bevoegdheid tot schorsing gebruik kunnen maken. Verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.

  • ECLI:NL:CBB:2020:445College van Beroep voor het bedrijfsleven, 6 juli 2020 (bestuursrecht)

    Wet personenvervoer 2000, artikel 10, 82 en 83 Besluit personenvervoer 2000, artikel 1 van de Regeling gebruik boordcomputer en boordcomputerkaarten Verzoek om voorlopige voorziening. Schorsing…

  • ECLI:NL:RVS:2019:42Raad van State, 9 januari 2019 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 7 april 2017 heeft de staatssecretaris het verzoek van [appellant] om afgifte van een verklaring omtrent het gedrag (hierna: VOG) afgewezen.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.