Arbeidsomstandighedenwet

Arbo

Huidige tekst

Artikel 34 Arbo

Geldt sinds 1 januari 2025

Hoogte bestuurlijke boete en recidive 1 Een daartoe door Onze Minister aangewezen, onder hem ressorterende ambtenaar legt de bestuurlijke boete op aan de overtreder op wie de verplichtingen rusten die voortvloeien uit deze wet en de daarop berustende bepalingen, voor zover het niet naleven daarvan is aangeduid als overtreding. 2 De ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, is niet reeds aangewezen als toezichthouder. 3 De bestuurlijke boete die voor een overtreding kan worden opgelegd bedraagt ten hoogste het bedrag van de vijfde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht. 4 De bestuurlijke boete die voor een overtreding van artikel 6, eerste lid, of voor het niet naleven van een voorschrift of verbod bij of krachtens de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in artikel 6, eerste lid, voor zover aangemerkt als overtreding, kan worden opgelegd bedraagt ten hoogste het bedrag van de zesde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht. 5 Onverminderd het derde en vierde lid verhoogt de op grond van het eerste lid aangewezen ambtenaar de op te leggen bestuurlijke boete met 100 procent van het boetebedrag, vastgesteld op grond van het tiende lid, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dag van constatering van de overtreding een eerdere overtreding, bestaande uit het niet naleven van eenzelfde wettelijke verplichting of verbod of het niet naleven van bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aan te wijzen soortgelijke verplichtingen en verboden, is geconstateerd en de bestuurlijke boete wegens de eerdere overtreding onherroepelijk is geworden. 6 De verhoging van de bestuurlijke boete, bedoeld in het vijfde lid, bedraagt 200 procent indien zowel de overtreding als de eerdere overtreding, bedoeld in dat lid, bij of krachtens algemene maatregel van bestuur zijn aangewezen als ernstige overtredingen. 7 Onverminderd het derde en vierde lid verhoogt de op grond van het eerste lid aangewezen ambtenaar de op te leggen bestuurlijke boete met 200 procent van het boetebedrag, vastgesteld op grond van het tiende lid, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dag van constatering van de overtreding twee maal een eerdere overtreding, bestaande uit het niet naleven van eenzelfde wettelijke verplichting of verbod of het niet naleven van bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aan te wijzen soortgelijke verplichtingen en verboden, is geconstateerd en de bestuurlijke boeten wegens de eerdere overtredingen onherroepelijk zijn geworden. 8 Voor de toepassing van het vijfde en zevende lid wordt met een onherroepelijke bestuurlijke boete gelijkgesteld een onherroepelijke strafrechtelijke sanctie wegens een overtreding als bedoeld in artikel 6, derde lid. 9 In afwijking van het vijfde en zevende lid is het tijdvak van vijf jaar in die leden tien jaar indien de onherroepelijke boetes, bedoeld in die leden, zijn opgelegd wegens bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen ernstige overtredingen. 10 Onze Minister stelt beleidsregels vast waarin de boetebedragen voor de overtredingen worden vastgesteld. Artikel 5:53 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing indien een artikel gesteld bij of krachtens deze wet op grond waarvan een bestuurlijke boete kan worden opgelegd, niet is nageleefd. 11 In afwijking van artikel 8:69 van de Algemene wet bestuursrecht kan de rechter in beroep of hoger beroep de hoogte van de boete ook ten nadele van de belanghebbende wijzigen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RVS:2026:5672Raad van State, 23 september 2026 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 31 augustus 2023 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan [appellante sub 1] een boete van in totaal € 45.000,00 opgelegd voor vier overtredingen van de…

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:3253Rechtbank Limburg, 8 april 2026 (bestuursrecht)

    Eiseres heeft boetes opgelegd gekregen voor een vijftal asbestovertredingen. Eiseres vindt dat de boetes gematigd moeten worden omdat alle overtredingen het gevolg zijn van een fout; Het niet…

  • ECLI:NL:RBROT:2025:9673Rechtbank Rotterdam, 11 augustus 2025 (bestuursrecht)

    Deze uitspraak gaat over de oplegging van een boete vanwege overtredingen die zijn gepleegd volgens de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet). De minister heeft met het besluit van 27 maart 2023 een…

  • ECLI:NL:RBROT:2025:4792Rechtbank Rotterdam, 23 april 2025 (bestuursrecht)

    Deze uitspraak gaat over het opleggen van een bestuurlijke boete van € 21.600,- aan eiseres wegens een overtreding van artikel 4.1c, eerste lid, aanhef en onderdeel f, onder 1°, van het…

  • ECLI:NL:RBZWB:2024:7927Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 22 november 2024 (omgevingsrecht)

    Boete wegens overtreding artikel 10 Arbeidsomstandighedenwet

  • ECLI:NL:RVS:2024:4613Raad van State, 13 november 2024 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 8 april 2021 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan [appellante sub 2B] een bestuurlijke boete opgelegd van € 13.500,00 wegens overtreding van het…

  • ECLI:NL:RBROT:2024:8101Rechtbank Rotterdam, 15 augustus 2024 (bestuursrecht)

    Arbeidsomstandighedenwet. Boete n.a.v. een bedrijfsongeval. Beroep gegrond. Sprake van een matigingsgrond omdat de risico’s van de concrete werkzaamheden voldoende zijn geïnventariseerd en een…

  • ECLI:NL:RBNHO:2024:6405Rechtbank Noord-Holland, 6 juni 2024 (bestuursrecht)

    Boetes opgelegd ogv Arbobesluit. Overtredingen worden niet betwist. Ten laste gelegde overtredingen betreffen andere juridische feiten en gedragingen waardoor geen sprake is van schending van het ne…

99 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.