Administratief Accoord met betrekking tot de wijze van toepassing van het op 7 januari 1950 tussen Nederland en Frankrijk gesloten Algemeen Verdrag inzake sociale zekerheid

Huidige tekst

Artikel 36 Administratief Accoord met betrekking tot de wijze van toepassing van het op 7 januari 1950 tussen Nederland en Frankrijk gesloten Algemeen Verdrag inzake sociale zekerheid

Geldt sinds 27 maart 1952

Het orgaan, dat in Frankrijk de aanvrage behandelt stelt de aanvrager door middel van een aangetekende brief in kennis van de beslissingen, welke door de bevoegde organen van elk der beide landen zijn genomen met betrekking tot de uitkeringen, berekend overeenkomstig de bepalingen van het Algemeen Verdrag en licht hem in omtrent de bedragen der uitkeringen, welke hij zou ontvangen in geval hij afstand zou doen van de voordelen van dat Verdrag. In deze kennisgeving moet de aanvrager mededeling worden gedaan van: 1. de rechtsmiddelen voorzien in de wetgevingen van elk der beide landen; 2. de bevoegdheid van de belanghebbende om binnen een termijn van veertien dagen mede te delen, dat hij afstand doet van de voordelen van artikel 14 van het Verdrag. Het bevoegde Franse orgaan deelt aan de Rijksverzekeringsbank mede: 1. de datum, waarop de kennisgeving aan de aanvrager is verzonden; 2. of de belanghebbende de Voordelen van artikel 14 van het Algemeen Verdrag aanvaardt of daarvan afstand doet.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.