Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging geldelijke sancties en beslissingen tot confiscatie

WWETGC

Huidige tekst

Artikel 27 WWETGC

Rechtsmiddelen

Geldt sinds 1 juli 2013

  1. 1

    De veroordeelde, alsmede belanghebbenden, kunnen tegen de erkenning en tenuitvoerlegging van een beslissing tot confiscatie beroep instellen bij de rechtbank Noord-Nederland. Het beroep wordt ingesteld uiterlijk binnen zeven dagen, te rekenen van de dag dat de veroordeelde of belanghebbende kennis heeft gekregen van de beslissing tot erkenning en tenuitvoerlegging. De artikelen 21 tot en met 25 van het Wetboek van Strafvordering zijn van toepassing. Een ingesteld beroep heeft schorsende werking.

  2. 2

    Ten aanzien van belanghebbenden die geheel of gedeeltelijk recht menen te hebben op voorwerpen die op grond van deze wet in beslag zijn genomen, zijn de bepalingen van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van toepassing.

  3. 3

    Indien een rechtsmiddel wordt ingesteld tegen de erkenning en tenuitvoerlegging van een beslissing tot confiscatie, wordt de bevoegde autoriteit van de uitvaardigende lidstaat hiervan in kennis gesteld.

  4. 4

    Artikel 15 is van toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBNNE:2023:5252Rechtbank Noord-Nederland, 13 december 2023 (strafrecht)

    Beroep op grond van artikel 39 WWETGC. Geen schending van een grondrecht vastgelegd in het Handvest door het niet mogen overleggen van een document aan de buitenlandse rechter. Beroep op…

  • ECLI:NL:RBNNE:2022:4960Rechtbank Noord-Nederland, 14 december 2022 (strafrecht)

    Beroep op grond van artikel 27 WWETGC. Het is de taak van het CJIB stukken te ontvangen van en contact te onderhouden met het buitenland en een dossier te vormen. De officier van justitie neemt de…

  • ECLI:NL:RBNNE:2021:5356Rechtbank Noord-Nederland, 29 september 2021 (strafrecht)

    Beroep op grond van artikel 27 WWETGC. Er is geen ruimte voor controle op de in een andere lidstaat van de Europese Unie gevoerde rechtsgang of gegeven beslissing. Het opvragen van aanvullende…

  • ECLI:NL:RBNNE:2021:5357Rechtbank Noord-Nederland, 29 september 2021 (strafrecht)

    Beroep op grond van artikel 39 van de WWETGC, in werking getreden op 19 december 2020. Een beroep op de facultatieve weigeringsgrond van art. 19, lid 1 onder d, Verordening 2018/1805 kan niet slagen…

  • ECLI:NL:RBNNE:2021:4045Rechtbank Noord-Nederland, 7 juli 2021 (strafrecht)

    Beroep op grond van artikel 27 van de WWETGC. Confiscatie op grond van de verruimde confiscatiebevoegdheid. Er is geen ruimte voor controle op de in een andere lidstaat gevoerde rechtsgang of daar…

  • ECLI:NL:RBNNE:2021:4052Rechtbank Noord-Nederland, 7 juli 2021 (strafrecht)

    Beroep op grond van artikel 27 van de WWETGC. Confiscatie op grond van de verruimde confiscatiebevoegdheid. Veroordeelde is gedetineerd in het buitenland. Een geringe overschrijding van de wettelijke…

  • ECLI:NL:RBNNE:2020:3829Rechtbank Noord-Nederland, 23 september 2020 (strafrecht)

    Beroep op grond van artikel 27 van de WWETGC. Uit het wederzijds vertrouwen tussen de lidstaten vloeit voort dat er geen ruimte is voor controle op de gevoerde rechtsgang of genomen beslissing. Er is…

  • ECLI:NL:RBNNE:2020:3832Rechtbank Noord-Nederland, 23 september 2020 (strafrecht)

    Beroep op grond van artikel 27 van de WWETGC. Een aanbod tot afbetaling of een al aangevangen afbetalingsregeling met de buitenlandse autoriteit, is geen weigeringsgrond. Eventuele verschillen in…

28 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.