Wet wapens en munitie

WWM

Huidige tekst

Artikel 52 WWM

Geldt sinds 1 juli 2014

  1. 1

    De opsporingsambtenaren zijn te allen tijde bevoegd tot inbeslagneming van daarvoor vatbare voorwerpen. Zij kunnen daartoe hun uitlevering vorderen.

  2. 2

    De opsporingsambtenaren zijn bevoegd personen aan hun kleding te onderzoeken indien daartoe redelijkerwijs aanleiding bestaat op grond van: een gepleegd strafbaar feit waarbij wapens zijn gebruikt; een gepleegde overtreding van de artikelen 13, 26 of 27; aanwijzingen dat een strafbaar feit als bedoeld onder a of b zal worden gepleegd.

  3. 3

    In een veiligheidsrisicogebied als bedoeld in artikel 151b, eerste lid, of 174b, eerste lid, van de Gemeentewet, kan de officier van justitie gelasten dat tegenover een ieder de bevoegdheid kan worden uitgeoefend om hem aan zijn kleding te onderzoeken op de aanwezigheid van wapens of munitie. Het bevel bevat een omschrijving van het aangewezen gebied en de geldigheidsduur die niet langer dan twaalf uur mag bedragen. Het bevel bevat voorts de feiten en omstandigheden, op grond waarvan de toepassing van de bevoegdheid om een ieder aan zijn kleding te onderzoeken op wapens of munitie noodzakelijk wordt geacht.

  4. 4

    Het bevel, bedoeld in het derde lid, wordt schriftelijk gegeven, tenzij dit omwille van de spoed niet mogelijk is. In dat geval wordt het bevel zo spoedig mogelijk op schrift gesteld.

  5. 5

    De opsporingsambtenaren alsmede andere daartoe door Onze Minister aangewezen personen zijn bevoegd een persoon die zich bevindt op een bij regeling van Onze Minister aangewezen luchthaven, te allen tijde aan zijn kleding en de verpakking van goederen, met inbegrip van reisbagage, alsmede diens vervoermiddel, te onderzoeken.

  6. 6

    Onze Minister wijst een luchthaven met toepassing van het vijfde lid slechts aan indien dat naar zijn oordeel met het oog op de veiligheid nodig is.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2026:1376Hoge Raad, 1 september 2026 (strafrecht)

    Aanwezig hebben van 1,5 gram cocaïne op Schiphol door verdachte die buiten vertrekhal 1 in auto zit te wachten, art. 2.C Opiumwet. Verweer dat verdachte onrechtmatig is gefouilleerd, zodat vondst van…

  • ECLI:NL:PHR:2026:499Parket bij de Hoge Raad, 2 juni 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Overtreding Opiumwet. Middel klaagt dat hof ten onrechte dan wel onbegrijpelijk gemotiveerd heeft geoordeeld dat KMar bevoegd was om verdachte te fouilleren o.g.v. art. 52 lid 5 WWM. AG…

  • ECLI:NL:PHR:2022:574Parket bij de Hoge Raad, 28 juni 2022 (strafrecht)

    Conclusie AG. M1: klacht dat is volstaan met opgave van bewijsmiddelen terwijl vrijspraak is bepleit van primair tenlastegelegde. AG is van mening dat klacht slaagt, maar bij gebrek aan belang niet…

  • ECLI:NL:HR:2021:1837Hoge Raad, 7 december 2021 (strafrecht)

    Voorhanden hebben van vuurwapen en munitie (art. 26.1 WWM). Afwijzing van bij appelschriftuur gedaan en ttz. in h.b. herhaald getuigenverzoek (2 verbalisanten), omdat verdedigingsbelang ontoereikend…

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:3158Rechtbank Amsterdam, 27 februari 2026 (strafrecht)

    Jeugdstrafrecht. Verdachte wordt veroordeeld voor openlijke geweldpleging en het medeplegen van een poging overval van een huis, waarbij gebruik is gemaakt van een echt vuurwapen. Verder wordt…

  • ECLI:NL:RBROT:2025:8754Rechtbank Rotterdam, 26 juni 2025 (strafrecht)

    Vuurwapenbezit. Veroordeling voor het voorhanden hebben van een vuurwapen met munitie en vrijspraak ten aanzien van een tweede vuurwapen omdat sprake is van onrechtmatig verkregen bewijs dat niet op…

  • ECLI:NL:RBMNE:2025:2928Rechtbank Midden-Nederland, 20 juni 2025 (strafprocesrecht)

    Verdachte wordt veroordeeld voor het op een gruwelijke manier mishandelen, martelen en doden van dieren over een periode van ruim een jaar. Ook wordt zij veroordeeld voor het bezit van een vuurwapen…

  • ECLI:NL:GHAMS:2025:2077Gerechtshof Amsterdam, 2 mei 2025 (strafrecht)

    Voorhanden hebben van een wapen. Bevestiging van het vonnis. Rechtmatigheid van fouillering op grond van artikel 52 Wet wapens en munitie. Er bestond redelijkerwijs aanleiding om de verdachte te…

113 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.