Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945

WUV

Huidige tekst

Artikel 59 WUV

Geldt sinds 1 januari 2013

  1. 1

    De uitkering wordt, met uitzondering van de op grond van artikel 8 vastgestelde grondslag, opnieuw vastgesteld: a.wanneer de uitkeringsgerechtigde of zijn echtgenoot de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, bereikt; b.wanneer de uitkeringsgerechtigde in het huwelijk treedt of zijn huwelijk wordt beëindigd door echtscheiding of overlijden van zijn echtgenoot; c.wanneer de uitkeringsgerechtigde duurzaam gescheiden van zijn echtgenoot gaat leven; d.wanneer een kind of pleegkind van de uitkeringsgerechtigde meerderjarig wordt; e.wanneer toepassing wordt gegeven aan artikel 14, eerste lid; f.wanneer er sprake is van bedrijfsbeëindiging door de uitkeringsgerechtigde of zijn echtgenoot; g.wanneer de uitkeringsgerechtigde aanspraak maakt op de betaling uit een nieuwe bron van inkomsten, of h.wanneer de uitkeringsgerechtigde geen aanspraak meer kan maken op de betaling uit een bron van inkomsten, tenzij hij het vervallen van die aanspraak heeft bewerkstelligd.

  2. 2

    Het eerste lid, onder g en h, is van overeenkomstige toepassing op de inkomsten van de echtgenoot van de uitkeringsgerechtigde, voor zover die inkomsten de hoogte van de uitkering mede bepalen.

  3. 3

    De beschikking, bedoeld in het eerste en tweede lid, wordt genomen binnen 13 weken nadat de noodzakelijke gegevens ter kennis van de Sociale verzekeringsbank zijn gebracht.

  4. 4

    Hetgeen als gevolg van een beschikking als bedoeld in het eerste of tweede lid te veel dan wel te weinig is uitbetaald, wordt door de Sociale verzekeringsbank teruggevorderd of verrekend dan wel nabetaald. De terugvordering kan in door de Sociale verzekeringsbank te bepalen termijnen plaatsvinden.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CRVB:2003:AI1429Centrale Raad van Beroep, 6 maart 2003 (socialezekerheidsrecht)

    Toekenning vergoeding zonder blijk van voorlopige karakter. Houdbaarheid terugvordering wegens onverschuldigde betaling zonder vermelding wettelijk voorschrift.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.