Wet op het notarisambt

WN

Huidige tekst

Artikel 26 WN

Geldt sinds 1 januari 2013

  1. 1

    Een notaris wordt door de voorzitter van de kamer voor het notariaat geschorst in de uitoefening van zijn ambt indien hij: a.zich in voorlopige hechtenis bevindt; b.tegen hem een gerechtelijk vooronderzoek ter zake van een misdrijf is ingesteld; c.bij een nog niet onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld dan wel aan hem bij een dergelijke rechterlijke uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft; d.bij rechterlijke uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van faillissement is verklaard, ten aanzien van hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, hij surséance van betaling heeft gekregen, dan wel wegens schulden is gegijzeld, voor de duur van die maatregel.

  2. 2

    Artikel 27, eerste lid, tweede tot en met vijfde volzin, tweede lid en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.

  3. 3

    De griffiers der gerechten doen aan de kamer voor het notariaat, de KNB en het Bureau mededeling van rechterlijke beslissingen als bedoeld in het eerste lid.

  4. 4

    In een geval als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, eindigt de schorsing na drie maanden. De kamer voor het notariaat kan de schorsing telkens voor ten hoogste drie maanden verlengen.

  5. 5

    In geval van waarneming door de notaris wordt hij tevens voor de duur van zijn schorsing geschorst als waarnemer in de uitoefening van het ambt, onverminderd de bevoegdheid van de kamer voor het notariaat tot intrekking van de benoeming tot waarnemer, bedoeld in artikel 29, eerste lid.

  6. 6

    Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op de toegevoegd notaris, met dien verstande dat zijn toevoeging door de voorzitter van de kamer voor het notariaat wordt opgeschort.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2001:ZC3665Hoge Raad, 5 oktober 2001 (personen- en familierecht)

    -

  • ECLI:NL:PHR:2001:ZC3665Parket bij de Hoge Raad, 5 oktober 2001 (personen- en familierecht)

    -

  • ECLI:NL:GHAMS:2022:413Gerechtshof Amsterdam, 22 februari 2022 (civiel recht)

    Hoger beroep notaris tegen (1) voorzittersbeslissing tot schorsing notaris wegens faillissement praktijkvennootschap en (2) daaropvolgende beslissing van de kamer tot bekrachtiging van de schorsing.…

  • ECLI:NL:RBDHA:2019:2605Rechtbank Den Haag, 20 maart 2019 (verbintenissenrecht)

    begaclaim-zaak. vorderingen van notaris tegen de Staat verjaard.

  • ECLI:NL:GHAMS:2017:3096Gerechtshof Amsterdam, 1 augustus 2017 (civiel recht)

    Hoger beroep van een oud-notaris tegen de beslissing van de voorzitter van de kamer waarbij mr. X als waarnemer is benoemd van het protocol van de oud-notaris. Het beroep heeft betrekking op het…

  • ECLI:NL:GHAMS:2017:606Gerechtshof Amsterdam, 21 februari 2017 (civiel recht)

    De kandidaat-notaris is waarnemer van het vacante protocol van een gedefungeerde notaris. De kandidaat-notaris is aangehouden door het OM en tegen hem is een strafrechtelijk onderzoek ingesteld. Dit…

  • ECLI:NL:GHAMS:2013:3193Gerechtshof Amsterdam, 1 oktober 2013 (civiel recht)

    De KNB is niet-ontvankelijk in haar hoger beroep. Artikel 26 van de Wet op het notarisambt (Wna) betreft een per 1 januari 2013 in werking getreden gewijzigd artikel. In dit artikel wordt een viertal…

  • ECLI:NL:GHAMS:2013:BZ4897Gerechtshof Amsterdam, 19 maart 2013 (civiel recht)

    Hoger beroep tegen twee beslissingen van de (fungerend) voorzitter van de kamer voor het notariaat, waarbij de (fungerend) voorzitter de notaris heeft geschorst in de uitoefening van zijn ambt als…

9 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.