Verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa

Huidige tekst

Artikel III-265 Verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa

Geldt sinds 29 oktober 2004

  1. 1

    De Unie ontwikkelt een beleid dat tot doel heeft: a.ervoor te zorgen dat personen, ongeacht hun nationaliteit, bij het overschrijden van de binnengrenzen niet worden gecontroleerd; b.te zorgen voor personencontrole en efficiënte bewaking bij het overschrijden van de buitengrenzen; c.geleidelijk een geïntegreerd systeem voor het beheer van de buitengrenzen op te zetten.

  2. 2

    Voor de toepassing van lid 1 worden bij Europese wet of kaderwet maatregelen vastgesteld die betrekking hebben op: a.het gemeenschappelijk beleid inzake visa en andere verblijfstitels van korte duur; b.de controles waaraan personen bij het overschrijden van de buitengrenzen worden onderworpen; c.de voorwaarden waaronder onderdanen van derde landen gedurende een korte periode vrij in de Unie kunnen reizen; d.de maatregelen die nodig zijn voor de geleidelijke invoering van een geïntegreerd systeem van beheer van de buitengrenzen; e.het voorkomen dat personen, ongeacht hun nationaliteit, gecontroleerd worden bij het overschrijden van de binnengrenzen.

  3. 3

    Dit artikel laat de bevoegdheid van de lidstaten inzake de geografische afbakening van hun grenzen overeenkomstig het nationaal recht onverlet.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.